Sceptische vragen bij de uitbreiding van de EU

Is uitbreiding van de EU wel verstandig? Een groeiende groep eurosceptici in Nederland, dat meer betaalt aan de EU dan het terugkrijgt ('nettobetaler'), stelt die vraag steeds luider. Om de vraag van deze burgers te beantwoorden op een manier die recht doet aan hun twijfels, wordt vandaag voor de verandering eens uitgegaan van het ergst denkbare scenario na uitbreiding: Polen ontpopt zich onmiddellijk tot een tweede Spanje: het dreigt besluitvorming te blokkeren als de subsidiestromen niet vergroot worden.

- Polen ontpopt zich onmiddellijk tot een tweede Spanje: het dreigt besluitvorming te blokkeren als de subsidiestromen niet vergroot worden.

- Oost- en Zuid-Europese landen vormen een coalitie om samen de subsidies van cohesie- en structuurfondsen verder op te schroeven, op kosten van 'nettobetalers' als Nederland

- De nieuwe lidstaten strijden voor een zo snel mogelijke volledige opname in het EU-landbouwbeleid en steunen Frankrijk in zijn verzet tegen fundamentele hervormingen hiervan.

- De meeste nieuwe lidstaten nemen eurosceptische standpunten in, de besluitvorming wordt hierdoor op alle fronten moeizamer.

- Twee nieuwe lidstaten treden al in 2008 toe tot de eurozone, beide hebben het jaar daarop echter een te hoog begrotingstekort van 4 procent (van het bruto binnenlands product).

- Polen en Slowakije blijken niet in staat hun oostgrens effectief te controleren; in de hele EU stijgt het aantal illegale immigranten hierdoor.

Blijft de uitbreiding ook onder zulke omstandigheden voordelig? Experts uit Nederland, België, Groot-Brittannië en Duitsland geven antwoord.

D

Norbert Walter

,,Veel discussies over kosten en baten van de uitbreiding van de EU berusten op illusionaire voorstellingen van de alternatieven. De huidige status-quo is geen realistisch, stabiel alternatief voor opname van deze landen. Vanwege het perspectief op een grotere Unie zijn in het verleden talloze besluiten genomen over handelsactiviteiten en vestigingsplaatsen voor productie. In de kandidaat-lidstaten vergt het EU-lidmaatschap hervormingen in economie en maatschappij die vaak alleen met blik op de spoedige deelname aan de EU politiek aanvaardbaar blijken. Wij allen zouden voor de negatieve dynamiek die een uitstel van de uitbreiding zou veroorzaken een hoge prijs betalen.

Ook de gevolgen voor de EU-begroting moet men relativeren. Voor 2004-2006 zullen die iets minder dan 40 miljard euro bedragen. Veel geld, dat met een blik op de dure landbouwpolitiek zeker voor een deel niet goed wordt uitgegeven. Tegelijkertijd lijkt het bedrag echter verdedigbaar als men bedenkt dat de tien toetredende landen jaarlijks voor rond 100 miljard euro goederen uit de EU betrekken en daarmee arbeidsplaatsen in de 'oude' lidstaten veiligstellen. Weliswaar zal ook de concurrentie in de EU toenemen, maar het Europese bedrijfsleven is in de meeste gevallen concurrerend genoeg om zijn positie te kunnen verdedigen.

De grootste uitdaging blijft om de besluitvorming in de EU slanker en efficiënter te maken. De Europese Conventie is bezig nieuwe structuren te scheppen voor een grotere Unie die tot handelen in staat is. De kans is groot dat dit lukt vóór 1 mei 2004, de voorziene datum voor toetreding. Bijna vijftien jaar na de val van het 'IJzeren Gordijn' zullen de grenzen van de EU dan in grote mate samenvallen met die van een economisch sterk en politiek stabiel Europa.

Prof. dr. Norbert Walter is chefeconoom van Deutsche Bank.

B

Hendrik Vos

,,Is de uitbreiding verstandig? Goede vraag, maar te laat. De uitnodigingen zijn verstuurd, de gasten staan in hun beste pak voor de deur. Het moet, zelfs als hun das niet perfect zit en het huis eigenlijk ook nog een puinhoop is.

De uitbreiding betekent een grotere zone van stabiliteit en vrede, en meer afzetmarkt. Maar ik hoop dat de toetredende landen wel beseffen dat de EU méér is dan een vrijhandelsclub en een gouden kalf voor subsidies en structuurfondsen. De EU mag als groot handelsblok best wat ambitieuzer zijn in het nastreven van een beter sociaal beleid of de zorg voor het milieu.

Dat de landen mogelijk meer aanspraak maken op de cohesie- en structuurfondsen vind ik niet erg. Arme lidstaten zijn voor ons immers ook niet interessant. Het wegwerken van regionale welvaartverschillen is bovendien vanouds een Europese doelstelling. De fondsen mogen alleen geen 'omkoopgeld' worden: hogere budgetten in ruil voor politieke steun. Het zou niet de eerste keer zijn.

De landbouwsubsidies trekken veel aandacht van de nieuwe lidstaten, maar de landbouw moet hoe dan ook hervormd. De overproductie, de exportsubsidies, de milieudruk en de crises in de veehouderij zijn onaanvaardbaar. Nu compromissen sluiten met subsidies is een slecht idee. Dan nemen de kandidaatlanden precies het ongewenste model over.

De vrees dat de landen eurosceptisch worden, betreft onder meer de Baltische staten: hoe dichter men ooit bij Moskou stond, hoe groter het wantrouwen. Logisch, ze zijn nog maar net soeverein. Dan sta je niet te springen om een gemeenschappelijk buitenland- en veiligheidsbeleid. Of ze de Europese buitengrenzen straks wel goed bewaken? Tja, ook nu is er veel illegale migratie naar de EU. Dat stopt pas als het welvaartspeil elders hoog genoeg is.

Ook de huidige lidstaten moeten hun verantwoordelijkheid nemen. Zij moeten de instellingen versterken en zorgen dat de EU straks nog slagvaardig beslissingen kan nemen. Als dat met 25 landen niet lukt, is het idee dat Jacques Delors ooit lanceerde van een 'kern-Europa' misschien zo gek nog niet. Geen 'Europa à la carte' met voor elk land wat wils, maar een kleine groep van landen die intensief samenwerken. Het zou doodjammer zijn als de EU, een uniek en broodnodig experiment, uiteen zou vallen door gebrek aan eensgezindheid.

Prof. dr. Hendrik Vos, politicoloog aan de Universiteit van Gent, doet onderzoek naar Europese eenwording en regionale verschillen.

NL

Hans van den Broek

,,De uitbreiding van de EU is niet alleen verstandig, maar onontkoombaar! Wat tien jaar geleden door de EU aan de van het communistische juk bevrijde landen van het 'Oostblok' is toegezegd en intussen met behulp van ingrijpende politieke en economische, financiële en administratieve inspanningen is voorbereid, dient nu ook te worden nagekomen.

Niet minder belangrijk dan de belofte is het wederzijds belang bij het garanderen van stabiele verhoudingen, die veiligheid en welvaart bevorderen in een zich verenigend Europa. De betekenis hiervan kan in de onzekere en onveiliger wordende wereld van vandaag alleen nog maar toenemen. Dit in de geschiedenis ongeëvenaarde integratieproces is uiteraard zeer gecompliceerd, zowel door het aantal als door het verleden van de toetreders. Vandaar het langdurige en intensieve voorbereidingsproces sinds 1993.

De gesuggereerde 'eurosceptische' vragen hebben weinig te maken met de opstelling van de toetredingskandidaten. Het zijn in de eerste plaats de huidige lidstaten die verantwoordelijkheid moeten nemen voor het reorganiseren van de EU-instellingen en de besluitvormingsprocedures

zodat de EU niet verlamd raakt door de uitbreiding. Dat was ook de reden voor oprichting van de grote democratische Conventie, die volgend jaar met voorstellen komt. Alle genoemde 'eurosceptische vragen' doen zich binnen de huidige EU ook voor: landbouw en Frankrijk, structuurfondsen en onder andere Spanje, verwaarlozing van het stabiliteitspact door Duitsland en Frankrijk.

Samenwerking op gebied van grenscontroles, migratie en asiel staan hoog op de EU-agenda. Speciale programma's en fondsen van de Europese Commissie en lidstaten ondersteunen en controleren de inspanningen van de toetreders die de nieuwe EU-buitengrenzen gaan vormen.

Tot dusver zijn altijd - zij het vaak laat - compromissen gevonden. Vanzelfsprekend wordt dat met meer lidstaten nog moeilijker, al geldt het verlies aan invloed door de uitbreiding voor alle lidstaten.

Naar mijn mening dient de uitbreiding allereerst een politiek doel: het bevorderen van stabiliteit op het oude continent, wat tevens voorwaarde is voor economische ontwikkeling. Financiële overwegingen spelen daarbij weliswaar een rol, maar niet exclusief. Er ontstaat namelijk een vertekend beeld indien de financiële implicaties uitsluitend en alleen worden afgeleid van onze contributie aan de EU-begroting. De bredere economische voordelen voor onze handel en investeringen van de uitbreiding van de gemeenschappelijke vrije markt naar 475 miljoen consumenten zullen vele malen groter zijn dan onze bijdrage aan de EU-begroting.'

Hans van den Broek (CDA) is onder meer voormalig Nederlands minister van buitenlandse zaken en voormalig Europees Commissaris.

GB

Charles Tannock

,,Dat de landen die toetreden tot de Europese Unie mogelijk eurosceptisch worden, baart me in het geheel geen zorgen. Integendeel, ze zouden groot gelijk hebben. Ik ben niet tegen de uitbreiding, maar ik steun elk verzet tegen het vormen van een soort federale Europese 'superstaat'. De EU moet een groter, soepeler orgaan zijn waarin landen samenwerken waar dat kan, maar wel blijven opkomen voor de belangen van hun eigen burgers.

Zo bezien valt er ook best wat te halen in een grotere EU. Onze exporterende bedrijven krijgen nog meer de kans om in een stabiel en vreedzaam klimaat zaken te doen. Hopelijk zullen de economieën van de nieuwe leden daardoor verder opfleuren zodat de illegale migratie afneemt. Ook het grotere werkterrein voor het Europese politieapparaat Europol juich ik toe. En het zou mooi zijn als de nieuwe leden afrekenen met de belachelijke en geldverslindende maandelijkse verhuizing van het Europees Parlement naar Straatsburg. Aangezien in elk geval twee staten - Malta en Cyprus - Engels als tweede taal hebben, heb ik goede hoop dat de Fransen nu wel moeten inbinden.

De staatshoofden van de EU hebben deze week in Kopenhagen een schone taak, namelijk zorgen dat de nieuwe landen zich voortaan geen illusies meer maken over een groter aandeel in de landbouwsubsidies. Groot-Brittannië is net als Nederland een van de landen die meer aan de EU betalen dan ze krijgen. Ook om andere redenen is hervorming van de landbouw hoogst noodzakelijk. Best mogelijk dat een aantal EU-leden straks de euro als munt kiest, en dat later blijkt dat ze niet aan de eisen van het stabiliteitspact kunnen voldoen. Eigen schuld. Wij Britten hebben de zeggenschap over onze munt terecht behouden. Als landen ervoor kiezen om die autonomie op te geven, moeten ze later niet zeuren. Ik ben een warm voorstander van strikte discipline rond het stabiliteitspact. Hadden ze maar wijzer moeten zijn.'

Charles Tannock is woordvoerder buitenlandse zaken voor de Britse Conservatives in het Europees Parlement.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden