SBM schikt smeergeldaffaire

Offshore-bedrijf betaalt 240 miljoen dollar om strafrechtelijke procedures te ontlopen

Een schikking van 240 miljoen dollar met het Openbaar Ministerie wegens ongeoorloofde betalingen aan handelsagenten en buitenlandse overheidsfunctionarissen. En, in reactie daarop, een koerssprong van 17,5 procent voor het aandeel.

SBM Offshore beleefde gisteren een memorabele dag. De maker van drijvende olie- en gasplatforms, met bijna 11.000 werknemers, is dankzij de schikking bijna verlost van een ruim 2,5 jaar slepende smeergeldaffaire. Maar nog niet helemaal.

Met de schikking voorkomt SBM Offshore een langlopende strafrechtelijke procedure, én de onzekerheid en de negatieve publiciteit die daarbij horen. Het bedrag van 240 miljoen dollar (ruim 190 miljoen euro) bestaat uit een boete van 40 miljoen en een betaling van 200 miljoen om het wederrechtelijk verkregen voordeel teniet te doen. Het bedrijf schikt in dollars omdat het in die munt zijn resultaten rapporteert.

Dit is de hoogste schikking die een Nederlands bedrijf met het OM heeft getroffen. Tot nu toe stond het record op naam van Jan van Vlijmen, voormalig directeur van het Bouwfonds, die namens vijf van zijn bedrijven 75 miljoen euro betaalde voor hun aandeel in de bouwfraude. Een nog hoger bedrag staat in de annalen voor Ahold, dat 1,1 miljard dollar aftikte na boekhoudfraude in 2003. Die schikking werd echter niet met de Nederlandse, maar met de Amerikaanse autoriteiten getroffen. SBM Offshore betaalt het bedrag in drie termijnen. De eerste 100 miljoen dollar zijn volgens het bedrijf al overgemaakt.

Net als het OM zal ook de Amerikaanse justitie niet langer onderzoek doen naar de smeergeldaffaire, zo maakte SBM Offshore gisteren bekend. Onderzoeken lopen er nog wel in Brazilië, een van de drie landen waar dubieuze betalingen zijn verricht. En zo lang die onderzoeken lopen, mag SBM Offshore niet meedoen aan tenders die worden uitgeschreven door Petrobras, het grote semi-staatsbedrijf dat SBM's belangrijkste klant was en dat nu nog verscheidene olie- en gasplatforms van SBM least.

De boete voor SBM Offshore had hoger kunnen uitvallen. Maar het bedrijf kon rekenen op enige clementie van het OM omdat het de kwestie zelf aankaartte, zelf onderzoek deed én medewerking verleende aan het onderzoek van het OM en de Fiscale Inlichtingen- en Opsporingsdienst (Fiod). Bovendien heeft de huidige SBM-directie maatregelen genomen die herhaling moeten voorkomen.

SBM Offshore heeft, zo is het Openbaar Ministerie gebleken, tussen 2007 en 2011 voor circa 200 miljoen dollar aan commissies betaald aan handelsagenten. De hoogste bedragen werden uitgekeerd in Brazilië (139,1 miljoen), Angola (22,7 miljoen) en Equatoriaal Guinee (18,8 miljoen). In die landen heeft het OM onderzoek verricht. In Kazachstan, Italië en Maleisië, waar volgens een anonieme ex-werknemer van SBM ook fraude zou zijn gepleegd, heeft het OM dat niet gedaan.

In Equatoriaal Guinee kwam een (onbekend) deel van de 18,8 miljoen via een handelsagent terecht bij overheidsfunctionarissen. Iets soortgelijks gebeurde in Angola, waar ambtenaren geld ontvingen en reis- en studiekosten werden betaald aan functionarissen en/of hun familieleden.

Er waren SBM-medewerkers die dat wisten. Van betalingen in Guinee had ook een toenmalig lid van de raad van bestuur van SBM weet. Mogelijk gaat het om de Fransman Jean Philippe Laures, die een jaar geleden uit de directie werd verwijderd zonder duidelijke verklaring.

Volgens het OM is er ook in Brazilië geld verdwenen in de zakken van overheidsfunctionarissen. In zijn eigen onderzoek had SBM al geconstateerd dat daar mogelijk verdachte zaken hadden plaatsgevonden, maar het bewijs werd niet geleverd. Het OM zegt dat wel te hebben gevonden, doordat het beschikte over 'onderzoeksmethoden die niet ter beschikking staan van SBM Offshore'. Het OM meldt niet hoeveel smeergeld ambtenaren hebben gekregen.

Beleggers reageerden enthousiast op de schikking. Mogelijk viel het bedrag mee, mogelijk was er opluchting over het feit dat de hoogte van het bedrag, na maandenlange onzekerheid, nu eindelijk bekend werd. Het aandeel spoot na de opening van de beurs naar 13,40 en sloot uiteindelijk op 12,53, 17,5 procent hoger dan dinsdag. In april 2012, toen het gesjoemel nog niet was ontdekt, noteerde het aandeel 15,49 euro.

undefined

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden