Opinie

Samenklonteren in de stad, dat wordt de trend

De Amsterdamse Haarlemmerdijk werd door bezoekers van de website NLstreets uitgeroepen tot gezelligste winkelstraat van Nederland. Beeld anp
De Amsterdamse Haarlemmerdijk werd door bezoekers van de website NLstreets uitgeroepen tot gezelligste winkelstraat van Nederland.Beeld anp

ZEF HEMEL   Een echt grote stad, daarin ligt de toekomst, volgens planoloog Zef Hemel. Want mensen willen ontmoetingen en nabijheid.

In 1997 werd Nederlanders gevraagd naar hun verwachtingen over hun leefomgeving in de toekomst. Over hun eigen woonbuurt bleken de meeste mensen tevreden, maar over Nederland als geheel was vrijwel iedereen somber. Er klonken zorgen over het verkeer, de industrie en de vervuiling en vooral de angst dat hun land langzaam maar zeker zou worden volgebouwd. Het ideaal van de meesten - wonen in een groene omgeving, dicht bij de natuur - zagen ze in gevaar komen.

Nu, zeventien jaar later, is de grote bouwopgave van de Vinex voltooid. Er kwamen ruim 600.000 woningen bij, de helft ervan in de zeven grootste stadsgewesten. Met gloednieuwe kantorenparken werden de woningen van de autosnelwegen en spoortracés afgeschermd. Als we opnieuw zo'n enquête zouden houden, zouden naar mijn inschatting de meeste mensen precies hetzelfde antwoorden: ze zullen tevreden zijn over hun eigen woonomgeving, maar over Nederland als geheel valt, denk ik, opnieuw doemdenken te verwachten.

Bouwproductie
Toch staat ons land er op dit moment heel anders voor. Dat heeft zeker niet alleen te maken met de financiële crisis. Belangrijker is de gewijzigde demografische ontwikkeling, de afname van het aantal vierkante meters bouwvolume als gevolg van nieuwe technologie en de veranderende woonvoorkeuren van mensen. Om met het eerste te beginnen. Delen van Nederland kampen nu al met bevolkingskrimp en de grote stad is sterk in opmars.

Zeker, de groei van het aantal huishoudens zet de komende jaren nog door en als de economie weer overeind krabbelt zal de bouwproductie daarvan zeker profiteren, maar dat geldt slechts voor enkele gebieden - meest steden.

Verder doet het internet het aantal benodigde winkels, kantoren, hotels en onderwijsgebouwen de komende jaren sterk slinken, het aantal logistieke dozen groeit misschien, maar per saldo wordt het leegstand en zal bestaand vastgoed moeten worden hergebruikt of gesloopt. Hoe dit komt? Er kunnen hogere omzetten worden gemaakt op minder vierkante meters als gevolg van automatisering en slimme logistiek, maar ook stellen websites mensen in staat om spullen en ook ruimtes - hun woning, boerderij, garage, winkel - te delen of te verhuren.

Samen in knooppunten
Het belangrijkste is echter de volgende trend: nabijheid wordt belangrijker dan bereikbaarheid. Die ontwikkeling valt al zeker tien jaar te bespeuren. Ook hier ligt technologie aan de basis van ons ruimtelijk gedrag.

Wie veel snelwegen of spoorlijnen bouwt verwacht daardoor misschien een ruimtelijke spreiding van mensen en activiteiten over het land. Echter, het omgekeerde doet zich voor: mensen trekken juist samen in de knooppunten. Hoe meer netwerken er over het land worden uitgerold, hoe hoger de pieken en hoe dieper de dalen. Daar komt nog iets bij. Hoe meer we verdienen en hoe hoger opgeleid we zijn, hoe meer eisen we stellen aan onze leefomgeving. Ook hierdoor zullen mensen geneigd zijn samen te trekken in de plaatsen die er volgens hen echt toe doen.

Dat zijn vaak de steden met de beste voorzieningen, de meeste kansen, de beste reputatie, het grootste succes en de mooiste stadsplanning. Vooral steden die fungeren als poorten naar de wereld worden belangrijk. Amsterdam staat wat dat betreft met stip bovenaan. Het is altijd al zo geweest. De duivel schijt op de grote hoop.

Bovendien hebben sociologen erop gewezen dat door de toenemende flexibilisering en onzekerheid op de mondiale arbeidsmarkt mensen goed geïnformeerd moeten zijn, steeds sneller moeten kunnen schakelen, zich aanpassen, leren, innoveren, kansen grijpen. Ook lijkt er sprake van een paradox in de wijze waarop wij met de groeiende stroom informatie omgaan: hoe toegankelijker de digitale informatie wordt, hoe belangrijker het fysieke contact.

Pieken en dalen
Het gaat erom van anderen persoonlijk te horen wat echt belangrijk is. Voor mensen worden ontmoetingen met andere mensen dus steeds vitaler. Vooral ongezochte, toevallige ontmoetingen blijken voor vernieuwingen en het grijpen van kansen cruciaal. Op de een of andere manier voelen we dat ook aan: als je vooruit wilt in het leven moet je je in de grote mensenmassa storten.

Ziedaar de toekomstige ruimtelijke configuratie van Nederland. Het wordt er een met hoge pieken en diepe dalen, met krimp- en groeigebieden, met echte steden maar ook met dorpen die het opnieuw moeilijk krijgen. De tijd dat de twaalf provincies de geprognosticeerde woningaantallen eerlijk onder elkaar verdeelden is definitief voorbij.

Dat doet niet af aan het feit dat mensen op dit moment hun eigen woonomgeving nog steeds hoog waarderen en er niet over piekeren om naar het dichtbevolkte Westen des Lands te verhuizen. Maar hun kinderen groeien op en gaan studeren. Op termijn verhuizen ze. Hoe hoger hun opleiding, hoe groter de kans dat ze naar een universiteitsstad trekken. En zijn ze eenmaal afgestudeerd, dan gaan ze naar Amsterdam. En als Amsterdam niet voldoende woningen bouwt, wordt die stad te duur. Dan trekken al die getalenteerde mensen weg, dan gaan ze naar Londen, Singapore of New York.

Wat op dit moment in ons land vooral ontbreekt is een echte grote stad. Om jonge getalenteerde mensen vast te houden is juist dat de komende jaren heel hard nodig.

Zef Hemel: hoogleraar ruimtelijke ordening UvA

Dit is de derde aflevering van de vierdelige serie 'Later in Nederland'. Komende zaterdag: Luc Bonneux over dilemma's in de zorg.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden