Samenbindend en volbloed CDA-politica

Haar politieke rol was misschien niet zo zichtbaar, maar haar betekenis voor de cohesie en sfeer in de KVP- en later CDA-fractie in de Tweede Kamer was groot. Dien Cornelissen, vorige week maandag op 91-jarige leeftijd overleden, was een samenbindende figuur, jarenlang 'de moeder' van de christen-democraten in het parlement.

Ook de twee andere partijen die in het CDA zouden opgaan kenden een soortgelijk iemand in hun gelederen. Bij de CHU was dat freule Wttewaall van Stoetwegen (overleden in 1986), en bij de ARP de inmiddels 89-jarige Hannie van Leeuwen. De overeenkomst is dat ze alle drie ongehuwd zijn gebleven, volbloed parlementariër waren (en nooit bewindsvrouw) en een hoog aanzien in de Tweede Kamer genoten.

Dien Cornelissen groeide op in een groot katholiek gezin in het oosten van Noord-Brabant. Haar vader, landbouwer en wethouder, en moeder hadden twaalf kinderen: zes jongens en zes meisjes. Dien was een autodidact: in 1939 haalde ze haar mulodiploma, daarna deed ze naast haar (maatschappelijk) werk de sociale academie en sociaal-psychologische opleidingen. Na de Tweede Wereldoorlog was ze betrokken bij de opvang en verzorging van oorlogsslachtoffers in Noord-Brabant. In 1958 werd ze - als eerste vrouw - gekozen tot lid van de gemeenteraad van haar woonplaats Boxmeer. Vier jaar later werd ze ook lid van Provinciale Staten. Ze was ook een typische Brabantse met bijbehorende tongval: achtentachtig klonk uit haar mond als aachtentaachutug.

Eind jaren zestig kwam Cornelissen op het Binnenhof, eerst als lid van de Eerste Kamer. Twee jaar later werd ze gekozen tot Tweede Kamerlid, een volgorde die niet vaak voorkomt. In die laatste functie werd ze vrijwel meteen geconfronteerd met een politiek netelige kwestie. Haar partijgenoot Dries van Agt, minister van justitie in het kabinet-Biesheuvel, stelde voor de zogeheten Drie van Breda vrij te laten, drie Duitse oorlogsmisdadigers die in de koepelgevangenis in deze stad hun straf uitzaten. Het voorstel riep heftige emoties op, vooral bij nabestaanden van mensen die door de Duitsers vermoord waren. De PvdA'er Joop Voogd vroeg in een motie, die werd aangenomen, het kabinet het voorstel in te trekken. Dien Cornelissen was een van de zes KVP-parlementariërs (een minderheid van de fractie) die deze motie steunden. Haar ervaring vlak na de oorlog met de zorg voor de oorlogsslachtoffers zal daarbij ongetwijfeld een rol gespeeld hebben.

Cornelissen was in het parlement vooral actief op het terrein van het maatschappelijk werk, de zorg (met name de gehandicaptenzorg) en justitie. Als woordvoerder van haar fractie keerde zij zich tegen het initiatiefwetsvoorstel van PvdA en VVD om abortus te legaliseren - dit wetsontwerp kreeg een ruime meerderheid in de Tweede Kamer maar zou later in de Eerste Kamer sneuvelen door toedoen van enkele VVD-senatoren.

De politica was ook vijf jaar lang de eerste ondervoorzitter van de Tweede Kamer, een functie die ze volgens vriend en vijand rustig en bekwaam vervulde. Meer dan tien jaar maakte ze deel uit van het fractiebestuur van het CDA.

In 1986 nam Cornelissen afscheid van de Tweede Kamer. Acht jaar later kwam ze nog even terug, als lid van de commissie-Gardeniers die de oorzaken onderzocht van het dramatische verlies van twintig zetels dat het CDA met lijsttrekker Elco Brinkman bij de Kamerverkiezingen had moeten incasseren.

Gerardina Maria Paulina Cornelissen werd geboren op 8 mei 1924 in Oploo; ze stierf op 25 mei 2015 in Boxmeer.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden