Samen op weg / Kleingelovige, wankel niet meer

Voor scriba dr. Bas Plaisier is het basta. Die ene verenigde kerk moet er nú komen. Gemorrel aan eens genomen besluiten tolereert hij niet langer. ,,We zijn altijd welwillend geweest. Nu niet meer.'' En als de top van de Samen-op-wegkerken spreekt, moeten individuele predikanten zich daarbij neerleggen. Een gesprek

De voorman van de Samen-op-wegkerken heeft er genoeg van. ,,De fase van de duidelijkheid is aangebroken'', zegt hij ferm. En: ,,De kerk moet zichzelf serieus nemen.'' En: ,,Nee! Nu geen pas op de plaats meer.''

Het zal duidelijk zijn: dr. Bas Plaisier (55, klein van stuk, donkere blazer, vrolijke blik) heeft een dringende boodschap. Hij is de man die, samen met zijn bestuur, de fusie van de hervormde, gereformeerde en lutherse kerken moet voltooien - een lijdensweg die nu al veertig jaar duurt. Toen Plaisier in 1997 als scriba aantrad meende hij 'op het uiterste puntje' te zitten. Maar nee.

Vorige week waren het de vrijzinnigen die om een referendum vroegen: moeten de gewone kerkleden niet nog 'ns gehoord worden? En eind januari waren het de bonders die zich weer eens roerden. De orthodox-hervormden kwamen met een nieuw plan: zou de voorgenomen fusie tóch niet omgezet kunnen worden in een federatie, ofwel unie?

Plaisier -zelf afkomstig uit de Gereformeerde bond, maar opgeschoven naar het midden- reageerde furieus. En dat is hij nog stééds. ,,Over die federatie hebben we in de loop van de tijd wel zes keer met ze gesproken. Twee jaar geleden hebben de bonders gezworen dat ze niet meer zouden morrelen aan de fusie. Ze kregen toen nogmaals de garantie dat een plaatselijke gemeente zelf haar identiteit kan bepalen. Hoe kan het dan dat de federatie-idee wéér opkomt?''

Dat het fusieproces niet voortvarender verloopt - dat begrijpt Plaisier wel. ,,We zijn een kerk in Nederland. Het poldermodel is tot het uiterste vormgegeven, tot in de verste consistories is de kerkorde doorgesproken. En we zijn in dit land altijd sneller geweest in scheuren dan dat Lucky Luke kan schieten. Je bent barmhartig. En dan ga je weer eens een mijl. Maar ze moeten een keer ophouden. We zijn altijd welwillend geweest. Nu niet meer.''

Plaisier gelóóft in 'die ene protestantse kerk die alle brokken bij elkaar brengt'. Bijna lyrisch vertelt hij over toen hij zelf in Den Haag een Sow-gemeente opzette. ,,De eerste keer dat we vanuit de verschillende windstreken in die ene ruimte samenkwamen voor een dienst - een hoogtepunt in mijn leven.'' Ontroerd: ,,Nooit méér dan op die momenten heb ik iets van de aanwezigheid van de Heer ervaren. Dat je merkt dat je elkaar werkelijk vindt als hervormden en gereformeerden. Dat je je thuis voelt bij elkaar.''

Inderdaad, die emoties heeft hij op het Utrechtse Sow-hoofdkwartier zelden. Licht bedrukt: ,,Je zit hier toch verder weg.'' Was het na Den Haag een koude douche? De scriba aarzelt. Dan: ,,Nee, nee, nee. Mijn antwoord is nee. Want zo'n Sow-proces in een gemeente is niet alleen maar staan op de bergen. Verschillende kerkenraadsleden -hervormden!- geloofden er niet in.''

Sowieso, zegt Plaisier, werd hij 'vaak' teleurgesteld. ,,Ik heb altijd ongelooflijk veel verwacht van de kerk. En dan valt het soms erg tegen. Aan de andere kant raak ik er ook niet door uit het lood. Omdat die kerk van de Heer is. Meer dan dit kan ik niet doen.''

Het zit de protestantse leider hoog. ,,Er gaan in bondskringen verhalen: als die verenigde kerk er eenmaal is, staat er zomaar een vrouw op de preekstoel. Of een homoseksueel. Terwijl het tegendeel waar is, met al die waarborgen. Dat zijn angstbeelden die veel te weinig zijn weersproken. Ik vind: de dominees hebben veel te weinig voorlichting gegeven. Dat zouden ze nu eens moeten durven. Ze moeten de angst dempen, daar zal ik ze ook op aanspreken.''

De Gereformeerde bond heeft 'natuurlijk nooit van harte' gekozen voor één kerk. ,,Bonders hebben altijd moeite gehad met pluriformiteit. Voor ons had het niet gehoeven, zeggen ze. Alleen, ze zitten klem: ze kunnen niet mee, ze kunnen ook niet weg. De bond houdt van de kerk. De hervormde kerk vaarwel zeggen, dat is onbestaanbaar voor een bonder.''

Vluchten kan niet meer, vindt Plaisier. ,,We mógen niet terug. Dat is de spiritualiteit van Samen-op-weg. Het is een roeping vanuit het evangelie. We moeten die weg van gehoorzaamheid gaan. Dat zijn we verplicht aan het ideaal: opdat niet langer verscheurd is wat bij elkaar hoort. En stel je voor dat we nu zeggen: we stoppen ermee. Een derde van de gemeenten in Nederland is al Samen-op-weg! Daar gaat het goed, we zijn al zo ongelooflijk ver gekomen. Voor mensen die de weg met enthousiasme zijn gegaan is het een zaak van geloof. Nee, ik wil niet zeggen dat de bonders ongeloof hebben. Maar misschien wel een klein geloof. Net als Petrus die wegzakte in de zee: gij kleingelovige, waarom hebt gij gewankeld? De bonders wankelen op cruciale momenten. En ze raken ook intern steeds meer verbrokkeld.''

Dat juist nú weer links en rechts wordt gemokt en gemord, verbaast de voormalige gemeentepredikant niets. ,,Het proces loopt op z'n eind, we gaan bijna de deur uit. En dan heb je, net als bij een huisbezoek, de deurmatgesprekjes. O ja, dominee, ik heb nog wat. Dan komen de échte vragen. Nu, op de deurmat, vragen de mensen zich af: uit welke kerk komen we eigenlijk? En waar gaan we naar toe?''

Het is tijd voor een 'spirituele krachtsinspanning', vindt Plaisier. ,,Ik loop rond met de gedachte om de landelijke kerk te vragen zich te concentreren op het gebed. Om een reis te maken in de spiritualiteit door bidden en bijbellezen. Zo kunnen we bezig zijn met de vragen rond eenheid. Nadenken over de kern van het protestants-zijn. Vanuit dit huis kunnen we daarvoor materiaal geven. Ik weet ook wel: de tegenstanders laten zich nog niet door een engel uit de hemel overtuigen dat er iets moois komt uit dit huis. Maar we moeten het proberen. Uiteindelijk gaat het niet om de organisatie, maar om het hart van de kerk.''

Die boodschap is duidelijk. Tijd voor een ander heikel punt. In de vijf jaar dat Plaisier zijn ambt bekleedt, sprak hij zich regelmatig namens de kerken uit over maatschappelijke kwesties. Samen-op-weg bleek geen liefhebber van de 24-uurseconomie, pleitte voor ruimhartiger opvang van asielzoekers, en kwam in het geweer tegen de nieuwe euthanasiewet. Niet iedereen was over die laatste actie even enthousiast. Een groep van 125 predikanten organiseerde een tegenpetitie: de Sow-top sprak misschien luid en dapper, maar níet namens hen.

De scriba werd, niet voor het eerst, beticht van bisschoppelijke allures. De vraag is: moet Bas Plaisier niet gewoon zijn mond houden? Kan de pluriforme kerk waaraan hij leiding geeft ooit een eensgezind geluid laten horen?

,,Heel moeilijk'', zegt de man zelf. ,,Maar in de kerkorde staat dat we een Christusbelijdende gemeenschap zijn die midden in de wereld wil staan. Je moet durven komen tot een kwalitatief goed standpunt. Je niet laten verleiden tot zwijgen. Bij de euthanasiewet zagen wij graag dat er een pas op de plaats werd gemaakt. Daarna kreeg je die Amsterdamse artsen die waarschuwden, er is dat boek van James Kennedy. Dan denk ik: wat wij vroegen was zo gek nog niet.''

Dat de 125 predikanten grepen naar het zware middel van de tegenpetitie noemt Plaisier 'heel jammer'. ,,Dat hadden ze niet op deze manier moeten doen. Je mag best je mening geven, maar je moet als predikant ook de discipline opbrengen om je bij een standpunt neer te leggen.''

Discipline? Dat klinkt toch behoorlijk bisschoppelijk. Plaisier vindt het onzin. ,,Ik bedoel dat je nadenkt over wat het algemeen kerkelijk belang is. Dat je jezelf durft te zien als lid van een gemeenschap die iets urgents wil zeggen. De kerk spreekt, in een systeem van getrapte vertegenwoordiging, namens de gemeenteleden en de predikanten. Ik ben lid van de ANWB. Die is tegen de tolpoortjes. Mij is toch ook nooit persoonlijk gevraagd wat ik daarvan vind?''

De voorman van de protestantse kerken schenkt nog eens uit de thermoskan. Met bovennormale belangstelling heeft Plaisier de supersnelle fusie gevolgd die twee pinksterkerken afgelopen zaterdag bezegelden. In no time waren ze het eens over reglement, naam en logo. ,,Natuurlijk ben ik jaloers'', zegt hij. ,,Ik hoop dat het ons stimuleert.'' Hoelang hebben zíjn kerken nog nodig voor ze dezelfde naam dragen? De scriba hoeft niet diep na te denken. ,,Eén tot drie jaar.'' En als het zich na 2005 nóg voortsleept? Lachje: ,,Je moet erin blijven geloven, hè.''

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden