Samen in een internaat om beter te worden

door Fred Troost

De vijfde plaats van de handbalsters op het WK van 2005 versterkte de wens tot structurele aansluiting bij de wereldtop. De Handbal Academie moet dit ideaal bewerkstelligen.

Het was best een feestje waard: op 4 september begon op Papendal de Handbal Academie. Vierentwintig jonge meiden leven vier dagen per week intern op het sportcentrum bij Arnhem en vijzelen hun wekelijkse trainingsduur op van vier naar twintig uur. Twee dagelijkse trainingssessies, plus nog één bij de club én de wekelijkse wedstrijd maken tien sportmomenten in de week. Daarnaast krijgen de deelneemsters op Papendal mediatraining, voedingsleer en een sport-medisch programma.

De speelsters zijn zelf met het idee gekomen vaker met elkaar te trainen. Hellas-speelster Jamie van Vliet (18): ,,In Slowakije misten we met Jong Oranje de EK-kwalificatie. We waren erg teleurgesteld en vroegen ons af hoe we ooit WK’s en EK’s konden spelen. Daaruit is het idee ontstaan samen intern te gaan.’’

,,We hebben dat idee aangekaart bij de handbalbond. Toen is het snel gegaan. De bond wilde het breder maken, niet specifiek aan onze groep binden.’’ Van de zestien speelsters uit de ploeg in Slowakije zitten er nu acht op Papendal.

Het dagprogramma is strak: 7.00 uur ontbijt, 8.00-10.00 uur training. Daarna naar school of studeren op de kamer. Van 16.00 tot 18.00 weer training en om 18.30 uur avondeten. Het sportprogramma bepaalt de dagindeling. Daarnaast is er tijd voor rust en studie.

,,De vijfde plaatsen bij het WK én bij het junioren-EK hebben het idee van een Handbal Academie in een stroomversnelling gebracht’’, vertelt Ben Spaai van het handbalverbond. ,,De eredivisie in Nederland is kwalitatief zwak. Daar moet talentontwikkeling het niet van hebben. Naar het buitenland gaan is een optie, maar niet als je nog jong bent en studeert. Wat we dus voor onze talenten zochten, was een topsportambiance, in een topsportklimaat met een topsportcultuur. Financieel worden we gesteund door VWS, NOC-NSF en sponsors. Papendal biedt de faciliteiten, Randstad de onderwijsbegeleiding en we hebben afspraken met scholen gemaakt voor een aangepast studieprogramma.’’

Van Vliet studeert marketing en communicatie, een MBO-opleiding aan het Johan Cruyff College in Amsterdam, waar ze op vrijdag heengaat. De rest moet op Papendal gebeuren. ,,Je hebt hier niet onwijs veel toezicht; het is je eigen verantwoordelijkheid’’, vertelt ze. Er is wel een ’studiehuis’ op Papendal en handbalsponsor Randstad begeleidt de speelsters op hun weg naar een maatschappelijke carrière.

Het internaat biedt geen blijvend onderdak aan internationals, maar is bestemd voor nog studerende speelsters. Van wie zich als handbalster goed ontwikkelt, wordt verwacht dat ze na beëindiging van de studie naar een buitenlandse competitie vertrekt, waar de trainingsarbeid wél op het vereiste niveau is: in Denemarken, Duitsland of Spanje.

Anders dan bij het Oranjeplan van tien jaar geleden (’Meiden met een missie’) zijn nu wél de verenigingen bij de plannen betrokken en blijven de speelsters in de competitie.

Jamie van Vliet: ,,Iedereen heeft een individueel trainingsplan, iedereen wil andere punten verbeteren. Dat geef je zelf aan en daarover overleg je. Je krijgt aangepaste oefeningen. Soms speel je een partijtje, maar tactiek train je hier in niet meer dan drie-tegen-drie. De rest moet op de club gebeuren.’’

Spaai: ,,De speelster is de baas over haar eigen talent, vinden wij. De bond biedt de faciliteiten om dat talent te ontwikkelen. Daarmee hopen we op den duur op structurele aansluiting bij de wereldtop. Want we vinden dat het Nederlands vrouwenteam in de toekomst altijd op WK’s, EK’s en ook de Olympische Spelen aanwezig moet zijn.’’

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden