'Salzburg is droom en nachtmerrie'

Sopraan Lenneke Ruiten heeft haar eerste grote operajaar achter de rug. Het bracht haar naar de Salzburger Festspiele, zo'n beetje het hoogst haalbare voor een Mozart-zangeres.

Weinig privé, weinig slaap, veel van huis. Zo karakteriseert de Nederlandse sopraan Lenneke Ruiten het afgelopen jaar in een paar woorden. De zangeres die in 2002 de grote winnares was van het Internationaal Vocalisten Concours in 's-Hertogenbosch, noemt 2014 haar eerste grote operajaar. Een jaar dat verrassend was, zowel in positieve als negatieve zin en in veel opzichten een jaar van openbaringen met een paar bijzondere samenwerkingen.

Even de wapenfeiten op een rij. In december 2013 zong Ruiten de rol van Ophélie in 'Hamlet' van Ambroise Thomas. Ze deed dat in de Brusselse Munt, waar dirigent Marc Minkowski de voorstellingen leidde. Het was voor Ruiten de eerste echte operahoofdrol op een belangrijk Europees operapodium, en ze werd bedolven onder de lovende kritieken. Ook internationaal. In eigen land hadden de recensenten twee maanden eerder al naar de superlatieven gegrepen voor haar interpretatie van Fiordiligi in Mozarts 'Così fan tutte' met het Orkest van de Achttiende Eeuw. De zeer succesvolle semi-geënsceneerde voorstelling, onder leiding van Ed Spanjaard, werd afgelopen zomer nog een paar keer herhaald. In juni stond Ruiten op het Holland Festival als Angelica - opnieuw een hoofdrol - in Händels 'Orlando' in een regie van Pierre Audi en onder muzikale leiding van René Jacobs. En als kers op de taart zong ze een maand later de rol van Donna Anna in Mozarts 'Don Giovanni' met de Wiener Philharmoniker op de Salzburger Festspiele. Heel veel hoger op de Mozartladder kun je als zangeres niet komen.

Alsof dat nog niet genoeg is, was Ruiten dit jaar in Wenen ook nog actief als Glucks Iphigénie, in Stuttgart excelleerde ze als Strauss' Zerbinetta en met Minkowski ging ze op tournee met Bachs Johannes-Passion waarvan volgend jaar een opname zal verschijnen. In februari komt een volgend hoogtepunt als ze, wederom met Minkowski als dirigent, haar debuut gaat maken in het Teatro alla Scala in Milaan als Giunia in Mozarts 'Lucio Silla'.

"En in 2015 zal ik in Amsterdam bij De Nationale Opera Gretel zingen in Humperdincks 'Hänsel und Gretel'. Ik zing zo graag in Nederland. Ik wacht nog altijd op een uitnodiging van het Concertgebouworkest. Schrijf dat maar op. Dat zou ik zo fijn vinden."

Opera, opera, opera in 2014. Hoe komt het toch dat het na de prijzenregen in Den Bosch ruim een decennium duurde voordat je operacarrière zo op stoom kwam?

"Ik heb vroeger heel veel zogeheten open audities gedaan bij verschillende operahuizen. Audities waarop je jezelf kunt laten horen zodat de castingafdelingen daar weten wat voor soort stem je hebt en voor welke rol ze je eventueel kunnen engageren. Maar niemand toonde in al die jaren interesse. Ik hoorde haast nooit meer wat. En nu staan diezelfde operahuizen echt in de rij om mij rollen aan te bieden. Dat gaat zelfs zo ver dat sommige huizen aan mijzelf de keus laten wanneer ik wil komen zingen, én welke rol ik graag zou doen. Dat is heel ongebruikelijk in deze wereld. Er komt zoveel aan aanbiedingen op mij af dat het nu mijn beurt is om hen teleur te stellen. Ik heb er gewoon geen tijd voor omdat mijn agenda boordevol zit. Mijn leven is nu drie à vier jaar vooruit gepland.

"Hiervóór heb ik ruim tien jaar een behoorlijk grote en fijne carrière gehad, voornamelijk als concertzangeres. Dat had te maken met het management waar ik onder contract stond, een management dat voornamelijk in concertzalen actief was. Ik zit nu sinds twee jaar bij een echte opera-agent. Halverwege 2013 had ik ineens een gat in mijn agenda. Toen heb ik Zerbinetta in 'Ariadne auf Naxos' gezongen in Sankt Gallen. Kort daarop kon ik in dezelfde rol invallen in Stuttgart. En toen kwamen Minkowski en Brussel op mijn pad. Alles raakte in een stroomversnelling. Na die Ophélie in Brussel stroomden de aanvragen binnen. Het was heel, heel veel. Niet te geloven."

Heb je in al die jaren de opera gemist?

"Jawel. Maar het had voor mijn gevoel ook niet veel eerder moeten komen. Want de operawereld is een keiharde wereld en ikzelf ben dat niet - keihard. In Salzburg deze zomer waren mijn vrouwelijke collega's in 'Don Giovanni' gemiddeld acht jaar jonger dan ik. Voor mijn gevoel konden zij zich zoveel beter afschermen tegen alle negativiteit. Dat had ik op die leeftijd niet gekund. Ze zijn recht voor hun raap in het acteren, staan heel slim in het vak. Ik was daar denk ik te gevoelig voor. De operawereld is een kleine wereld met veel vriendjespolitiek. Je bent voor een bepaalde productie ook veel langer bij elkaar dan voor een concertreeks. Je zit zo'n zes tot acht weken op elkaars lip. Dat moet je kunnen.

"Die 'Don Giovanni' in het Mozart-heiligdom Salzburg is natuurlijk een droom. Maar het is evengoed een nachtmerrie. De pers is Salzburg is extreem zwartwit - en dan vooral zwart. De voorstelling is helemaal kapot geschreven, waarin iedereen, ook ik, het moest ontgelden. Er speelt in Salzburg altijd een hoop politiek mee en de huidige intendant is er absoluut niet geliefd. Slechte kritieken doen me weinig, omdat ik gewoon weet dat de productie niet zo slecht was als hij beschreven is. Bovendien heb ik er zoveel engagementen aan overgehouden, dus waarom zou ik treuren. Ik vond het wel erg voor dirigent Christoph Eschenbach, die ze met de grond gelijk gemaakt hebben. Hij heeft zich nu voor 'Le nozze di Figaro' volgend jaar teruggetrokken, maar ik vind hem een fenomenaal goed musicus.

"Dirigenten zijn in de muziekwereld voor mij de mensen van wie je het meest kunt leren. Maestro's als John Eliot Gardiner, Minkowski en Eschenbach helpen jou om jezelf verder te ontwikkelen. Het zijn echte coaches. Marc Minkowski vertelde mij dat hij zelf nooit een nieuwe productie van 'Don Giovanni' op de Salzburger Festspiele zou aandurven. Omdat het daar een soort heilige opera is. Het was de allereerste opera die er ooit, onder leiding van Richard Strauss, werd gespeeld. En het is nooit goed genoeg, kán nooit goed genoeg zijn. Ten eerste al omdat je als dirigent niet Von Karajan heet, die jarenlang het alleenrecht in Salzburg had om 'Don Giovanni' te dirigeren. Er wordt daar op díe plek, in díe opera iets onaards van je verwacht, en daar kun je natuurlijk nooit aan voldoen.

"Ook als je er Donna Anna zingt, word je meteen vergeleken met je grote voorgangsters. In mijn geval zijn dat zangeressen als Renée Fleming en Anna Netrebko, om de meeste recente te noemen. Maar dit alles wetende, had ik het zo weer gedaan. Ja, de pers was hard en vervelend, en ik heb daar één slapeloze nacht van gehad. Maar dankzij mijn klik met Eschenbach kon ik er muzikaal mijn ei in kwijt. Het was heel levendig, elke avond weer iets anders. De dvd komt binnenkort op de markt, dan kan iedereen er zelf over oordelen."

Hoe kwam je eigenlijk in Salzburg terecht?

"Ik heb Donna Anna te danken aan Marc Minkowski, die heel invloedrijk is. Hij wees Alexander Pereira, de intendant in Salzburg, op mij. Pereira is mij komen opzoeken in Brussel en op YouTube zag en hoorde hij mij Fiordiligi zingen. Ach, Fiordiligi, met het Orkest van de Achttiende Eeuw: wat een heerlijk project was dat. Mijn schema zat deze zomer eigenlijk te vol om de reprise te doen, maar ik wilde er per se bij zijn. Ik ben zo blij dat ik het gedaan heb. Ik was bijna in tranen na afloop. Zo'n hecht team, absoluut geen politiek, maar gewoon zo mooi en fijn mogelijk Mozart zingen. In alles het omgekeerde van Salzburg. Het is maar goed dat je in Salzburg en Milaan verdomd veel geld verdient, zodat je daarna kunt kiezen voor iets waar je echt gelukkig van wordt."

Is dat niet een beetje al te cynisch?

"Nee. Tenor Rolando Villazón, met wie ik de laatste tijd veel gewerkt heb, zegt precies hetzelfde. Je moet uitvinden waar je gelukkig van wordt, dat goed vasthouden, en dan daarnaast de grote klussen doen voor je carrière. Natuurlijk denkt een buitenstaander dat zingen op het podium van de Scala een droom moet zijn. En dat is het misschien ook wel, maar de momenten dat ik me vrij en gelukkig voelde op dat soort podia zijn op één hand te tellen. Je moet het misschien vergelijken met een kür bij het kunstschaatsen, waar je de ene moeilijke sprong na de andere moet doen. De rol van Giunia in 'Lucio Silla', die ik nu aan het instuderen ben, is razend lastig. Er zit één aria in die in feite onzingbaar is. Dus heb ik straks op het podium van de Scala waarschijnlijk niet het gevoel: 'Goh, wat sta ik hier nou lekker te zingen'.

"Maar het zingen op grote podia maakt mij als mens wel rijker. Uiteindelijk sta je daar dan, als het ware in je eigen droom. En dan zie je hoe het in werkelijkheid werkt. Dat commercie, geld en de macht van de platenmaatschappijen veel belangrijker zijn dan de kunst zelf. Ik moet leren om mezelf te beschermen. Misschien dat ik de sleutel over vijf jaar wel gevonden heb."

Lag je ook een nacht wakker toen het aanbod van de Scala kwam?

"Eén nacht? Daar heb ik wel een week van wakker gelegen. Er waren gelukkig positieve punten die mijn besluit beïnvloedden. Marc dirigeert en Villazón zit in de cast. Dat zijn twee personen bij wie ik me veilig voel. Met Minkowski heb ik een bijzondere band. Dankzij hem maak ik nu deze carrière. Dirigenten maken je carrière, die hebben artistiek zoveel te zeggen. Een stem is iets heel persoonlijks en als een dirigent voor jouw stem valt, dan kun je van hem veel leren. Maar de tijd dat een dirigent als Von Karajan heel veel tijd aan zijn zangers besteedde, die is voorbij. Iedereen vliegt maar heen en weer, en iedereen is altijd maar bekaf van al die repetities. Ja, ik zelf ook."

Je hebt ook met de dit jaar overleden Frans Brüggen gewerkt. Hoe was het met hem?

"Hij was er tot het laatst bij. Ook toen hij zelf al niet meer dirigeerde. Brüggen was aardig als mens en als dirigent onvoorstelbaar dienstbaar aan de muziek. Hij zei tegen mij dat ik niet in Nederland moest blijven om Mozart te zingen. Dat ik grotere dingen moest gaan doen. Hij hoorde dat. Hij heeft gelijk gekregen."

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden