Saif, de kelner zonder kansen

null Beeld Maus Bullhorst
Beeld Maus Bullhorst

Tunesië is het enige land waar de Arabische Lente daadwerkelijk vrucht lijkt te gaan dragen. Deze maand zijn er verkiezingen. Maar werkloosheid zet de democratische transitie onder druk. En ook de liefde. Onze correspondent tekende het verhaal op van Saif, een werkloze kelner met een universitaire opleiding, in het provinciestadje El Kef.

Hoe hij het voor elkaar krijgt het benodigde bedrag bijeen te schrapen is ook Saif een raadsel. Toch is hij daar vanavond weer in geslaagd. Tevreden lurkt hij aan het plastieken opzetstuk van zijn waterpijp. Zelfs voor thee met amandelen heeft hij geld.

Heel druk is het nog niet in Dar Frigua, een uitspanning aan de rand van El Kef, een stadje met 45.000 zielen, niet ver van de Algerijnse grens. Binnen turen jongeren naar een televisie die herhalingen uit de Spaanse voetbalcompetitie uitzendt. Buiten, op het overdekte terras, delen een jongen en een meisje een gesuikerde aardbeiencocktail met slagroom.

Uit de luidsprekers klinkt Arabische popmuziek uit Libanon. Als het aan Saif Eddine Zaibi (23) ligt, komt hij hier iedere avond van de week. In Dar Frigua ontmoet hij vrienden, kijkt voetbal, rookt waterpijp en mijmert weg bij het uitzicht over het landschap van glooiende akkers en cipressen. Tobben kan hij overdag immers genoeg. Over de vraag hoe hij een baan vindt, met name.

All Stars
Ruim twee jaar is het geleden dat Saif zijn bachelor multimedia aan de Technische Hogeschool van Mahdia behaalde. Maar meer dan een onderbetaald klusje in zijn geboortestad zat er tot dusver niet in. En dat knaagt. Saif werpt een blik op zijn mobiele telefoon. Een sms van Ameini, zijn 20-jarige vriendin. Ze is vorig jaar in Tunis gaan studeren en brengt de zomermaanden door bij haar moeder in El Kef.

Nu zien ze elkaar vrijwel dagelijks. Maar afgelopen jaar was dat wel anders. Toen Ameini in februari jarig was, had Saif geen geld om haar in Tunis te gaan opzoeken. Pas anderhalve maand later kreeg ze haar cadeautje, een paar All Stars gympen. Heel gênant vond hij dat, zegt Saif, die weer inwoont bij zijn ouders.

Te midden van de chaos in de regio zou je het haast vergeten: Tunesië is het enige land waar wat in 2011 nog hoopvol de 'Arabische Lente' werd genoemd tot bloei gekomen is en zelfs vrucht gedragen heeft. Libië verviel tot gewapende anarchie, in Egypte werd de militaire dictatuur gerestaureerd, Syrië verdwijnt steeds verder in het moeras van een burgeroorlog die inmiddels ook buurland Irak destabiliseert.

null Beeld Trouw
Beeld Trouw
null Beeld Maus Bullhorst
Beeld Maus Bullhorst

Niet in Tunesië. Op de val van Zine El Abidine Ben Ali (14 januari 2011) volgden vrije verkiezingen die een coalitie van islamisten, linksnationalisten en sociaal-democraten aan de macht brachten. Zeker, het was een bumpy ride met heftige straatprotesten en twee politieke moorden. Desondanks slaagde het Tunesische parlement er begin dit jaar in een grondwet te produceren die geldt als de meest liberale van de Arabische wereld. Godsdienstvrijheid is gewaarborgd; net als de gelijkheid tussen man en vrouw. Over de sharia, de islamitische wet, wordt nergens gerept.

Op 26 oktober zullen parlementsverkiezingen plaatsvinden: in november gevolgd door presidentsverkiezingen. De tegenstellingen tussen islamisten en seculieren zijn weliswaar groot, maar nationale consensus vormt de leidraad in het kleine en relatief hoogopgeleide land. Zeker, het afgelopen jaar is het nodige bereikt. Maar wie zegt: eind goed al goed, vergist zich.

Zo is de terrorismedreiging allerminst geweken. Zo'n 3000 jonge Tunesiërs vertrokken tot dusver richting de djihad in Syrië - van alle landen het grootste aantal. Wat zullen zij doen als ze terugkeren? Gewapende groepen zijn trouwens al in Tunesië actief, in het grensgebied tussen Tunesië en Algerije met name. Een aanslag zal de democratische transitie misschien niet direct ontwrichten, maar wat als een prominente politicus doelwit is, zoals vorig jaar tot twee keer toe het geval was? Polarisatie krijgt gemakkelijk een eigen, oncontroleerbare dynamiek.

Fosfaatindustrie
Een tweede gevaar gaat uit van de zwakke economie. Het toerisme, de sector waarvan Tunesië zo afhankelijk is, ligt nog steeds op zijn gat. Uit angst voor sociale onrust verplaatsten grote bedrijven hun hoofdkantoren naar Marokko. De fosfaatindustrie werd vrijwel kapotgestaakt. Nieuwe investeerders blijven weg. Het directe gevolg is een sterk gestegen werkloosheid. Gemiddeld is 17 procent van de Tunesiërs werkloos; op het platteland is dat getal beduidend hoger en onder jongeren zelfs veel hoger, tot soms wel 60 procent, zoals in El Kef. Tegelijk namen de kosten voor het dagelijks leven toe: de prijzen van producten als benzine, pasta, groenten en fruit stegen in sommige gevallen met de helft.

Dat is wrang. Want juist hoge werkloosheid en hoge kosten voor levensonderhoud vormden de aanleiding tot de revolutie van 2011. Dat opeenvolgende interim-regeringen de trend niet hebben weten te keren, steekt. Het gekonkel en politiek gemanoeuvreer in de hoofdstad stoot de gewone Tunesiër af. Het idee zette zich vast dat politici zich niet om het land bekommeren, maar slechts het veroveren van de macht ten doel hebben.

"Er is niets veranderd", verzuchtte menig Tunesiër die ik sprak. Op het platteland, maar ook in de hoofdstad. En de vrijheid van meningsuiting dan? Iedere Tunesiër kan zeggen wat hij denkt. Is dat niets waard? "Voor een bepaalde intellectuele elite is vrijheid van meningsuiting een verworvenheid", hield een jonge filmmaker me voor op het terras van een hippe bar in Tunis. "Maar wat koopt de doorsnee jongere op het platteland daarvoor?" Hij heeft gelijk, want in het zuidwesten van Tunesië, de band die van Jendouba via El Kef tot Gafsa loopt, slaat de vlam geregeld in de pan. Politiebureaus, bussen en straatmeubilair moeten het dan ontgelden.

Teleurstelling
Opiniepeilers voorspellen dat Tunesiërs massaal zullen wegblijven bij de naderende verkiezingen. En dat heeft weer gevolgen voor de legitimiteit van de nieuwe regering. De problemen waar het land mee kampt - de achterstelling van het platteland, de werkloosheid, de corruptie - zijn structureel en laten zich niet in een handomdraai wegnemen. Tegelijk kunnen politici het geduld van de Tunesiërs niet eindeloos op de proef stellen. Volgens een recente opiniepeiling betreurt 32 procent het vertrek van Ben Ali, de verjaagde dictator.

Ook Saif was erbij, toen eind 2010 de eerste protesten losbarstten. Aanleiding was de zelfverbranding van Mohammed Bouazizi, een 26-jarige groente- en fruitverkoper uit Sidi Bouzid, een stadje diep in het Tunesische achterland, een kleine 200 kilometer ten zuidwesten van El Kef. Bouazizi's actie was een daad van protest. Hij verzette zich tegen de politieagenten die hem afknepen en vernederden; tegen de lokale bestuurders die doof bleven voor zijn wanhoopskreten; tegen de uitzichtloosheid van het bestaan op het verwaarloosde platteland.

De revolte sloeg al snel over naar de omliggende steden en stadjes: Gafsa, Kasserine, Thala, Siliana, El Kef... Werkloosheid, armoede en decennia van verwaarlozing door de machthebbers in Tunis hadden hier een explosieve situatie doen ontstaan. Tegelijk ergerde de middenklasse in de rijke steden langs de kust zich aan de steeds opzichtiger corruptie van de Trabelsi's, de schoonfamilie van president Ben Ali. De intelligentsia in Tunis ging gebukt onder de censuur. De zelfgekozen dood van Bouazizi bleek de lont in het kruitvat.

Partijprogramma's
"Op televisie zag ik de luxe waarin de Trabelsi's leefden", zegt Saif. "En ik had heel goed in de gaten dat er veel taboes waren, dat er zaken waren waar je niet over praatte, zoals politiek." Ten tijde van de revolutie - Saif zat in het tweede jaar van zijn studie - was hij juist voor de vakantie in El Kef en liep hij mee in de demonstraties. De sfeer op straat verhardde snel. "Mijn moeder hield me op een gegeven moment thuis", zegt hij. Uiteindelijk waren in El Kef drie doden en 17 gewonden te betreuren.

Op 14 januari 2011 vluchtte Ben Ali. Er volgden twee interim-regeringen en vrije verkiezingen, de eerste in ruim twintig jaar. Saif herinnert zich hoe hij partijprogramma's las en met vrienden discussieerde over politiek. Hij stemde CPR, de links-nationalistische partij van mensenrechtenactivist Moncef Marzoeki, de huidige president.

Maar Marzoeki maakte de hoge verwachtingen niet waar. Hij veroorzaakte ophef met onhandige uitspraken en miste het politieke gewicht om serieus weerwerk te bieden aan zijn coalitiepartner, de islamitische partij Ennahda. "Marzoeki is een integere man, maar ook een politieke brekebeen", vindt Saif. Ook de rest van de politiek kan bij hem geen genade vinden. "De werkloosheid is toegenomen, de kosten voor levensonderhoud zijn gestegen." Hij weet waarover hij spreekt.

Arabische zangeressen
Sinds hij eind 2012 afstudeerde is hij op zoek naar een baan, en dat vlot niet heel erg. Saif is lang, atletisch gebouwd en gaat doorgaans gekleed in een effen T-shirt, waarin hij quasi-nonchalant een zonnebril steekt. Hij is voorkomend, intelligent en invoelend. Maar hij heeft ook iets droevigs in zijn blik - alsof het fatalisme van de provincie zich in het diepste van zijn wezen heeft vastgezet. We zitten in de langwerpige salon van Saifs ouderlijk huis, in een buitenwijk van El Kef. Anders dan in de lager gelegen sloppenwijken zijn de straten in de buurt geasfalteerd. Maar rijk is anders. Het huis telt drie vertrekken: een salon, een slaapkamer voor Saifs ouders en de kamer van Amal, zijn 21-jarige zusje. Gegeten wordt er aan een plastic tafel in de gang. Op het dak steken roestige metalen sprieten uit het beton.

null Beeld Maus Bullhorst
Beeld Maus Bullhorst

Saifs vader, een bruinverbrande vijftiger met piekhaar en een opgewekte glimlach, werkt als metselaar. Zijn moeder, een gesluierde vrouw met een zachte en intelligente oogopslag, bestiert het huishouden. Zijn oudste zus werkt in Frankrijk als ingenieur. Af en toe stuurt ze wat geld. Noodzakelijkerwijs slaapt Saif in de woonkamer - overdag het domein van Amal, die met een koptelefoon op naar de Arabische zangeressen staart die van het televisiescherm afspatten.

Saif wist dat het moeilijk zou worden na zijn studie. Hij was blijven steken bij een bachelor; de 3000 dinar (1400 euro) voor een vervolgmaster had hij niet. Bovendien stond zijn universiteit niet al te best aangeschreven. Had hij maar een hoger cijfer voor zijn eindexamen moeten halen, dan had hij naar een betere universiteit gekund. Maar ja. Een paar weken voor zijn eindexamen kreeg zijn vader een verkeersongeluk. Helemaal in de kreukels. Plotseling was Saif de man in huis. Bij de schoolleiding vroeg hij uitstel, tevergeefs.

Na het eindexamen overwoog Saif nog even tegen de beslissing in beroep te gaan, maar zijn moeder wilde er niet van weten. Hij had het gehaald, dat was het belangrijkste, al was het met een zes. Na zijn studie zette hij de gebruikelijke stappen. Hij deed een stage, stuurde zijn cv rond en solliciteerde hier en daar. Antwoord kreeg hij zelden of nooit. Ondertussen werkte hij als kelner in een hotel in Mahdia.

Toelatingsexamens
Begin 2013 belde zijn moeder. Er was een nieuw koffiehuis in El Kef geopend, ze had gehoord dat ze personeel zochten. En zo begon Saif aan een serie van baantjes in zijn thuisstad. Hij kelnerde in restaurants en koffiehuizen en zo niet, dan hielp hij zijn vader metselen. Loodzwaar werk. "Je zou me niet herkennen", zegt Saif terwijl we vanaf het dak van het huis over de omgeving uitkijken. "Als ik 's avonds thuiskom, zit ik onder het gruis en de modder." Twintig dinar per dag (9 euro) verdient hij daarmee. Ondertussen solliciteerde hij door en legde een serie toelatingsexamens af om te werken binnen de ambtenarij: als leraar, als politieagent, als douanier. Tevergeefs. "Er zijn steeds zo veel deelnemers, ik maakte geen schijn van kans."

El Kef ligt tegen een heuvel met een weids uitzicht over een landschap van graanvelden en olijfboomgaarden. De vruchtbare grond en de strategische ligging maakten de plek in het verleden tot een aantrekkelijke vestigingsplaats. Ze lag op de weg die de Punische stad Carthago verbond met Cirta, de hoofdstad van het Numidische Rijk. Voor het eerst werd van de stad melding gemaakt tijdens de huurlingenopstand tegen Carthago (240-238 voor Christus) - het decor van 'Salammbô', de beroemde historische roman van Gustave Flaubert.

In het jaar 104 voor Christus komt de stad in handen van de Romeinen, die haar de naam Sicca Veneria geven. Halverwege de heuvel construeren zij een tiental reusachtige wateropslagplaatsen, die het water via een aquaduct naar de thermen in de stad geleiden. Het is allemaal nog grotendeels intact. Net als de basiliek die de Byzantijnen later aanleggen of het fort dat de Turken nog weer later laten bouwen.

De lager gelegen medina met haar meubelmakers, koperslagers en juweliers is het werk van de Arabieren. Hier bevindt zich ook de synagoge Ghribet el Yahûd, lange tijd een bedevaartsoord voor sefardische joden uit de regio. Het architectonisch hoogtepunt is het puntgave mausoleum van Sidi Bou Maklouf, een geestelijke behorende tot het soefisme, de mystieke tak van de islam. Zacht licht valt hier via onzichtbare openingen in de centrale koepel op kleurige wandmozaïeken. Van de rumoerige benedenstad met haar toeterende auto's en verkoperskreten dringt hoegenaamd niets door.

Kuststreek versus achterland
Verscholen achter hoge muren met prikkeldraad bevindt zich een paleis van oud-president Habib Bourguiba. In Tunis liggen de boekhandels momenteel weer vol met boeken over de man die wordt gezien als de grondlegger van het moderne, seculiere Tunesië. In El Kef kwam Bourguiba vooral vanwege de zuivere lucht. Op veel sympathie kan hij er niet rekenen. "De politieke klasse heeft deze regio systematisch genegeerd", verklaart de nieuwe burgemeester deze weerzin op het stadhuis. In zijn werkkamer zitten de zes raadgevers die hij voor de gelegenheid heeft opgetrommeld. Hij benadrukt dat zowel Bourguiba als Ben Ali afkomstig zijn uit de kuststreek, uit respectievelijk Monastir en Sousse.

"Ze hebben de kuststreek consequent voorgetrokken ten koste van het Tunesische achterland", vervolgt de burgemeester, een energieke, driftig gesticulerende man van begin vijftig. "Tegelijk werden de natuurlijke rijkdommen die hier te vinden zijn, zoals graan, marmer, olijfolie en fosfaten, naar de kust getransporteerd en verwerkt."

Het is een verklaring die je vaker hoort als het gaat over de achtergebleven staat van het Tunesische binnenland. Anderen zoeken het in economische wetmatigheden. Kuststeden trekken nu eenmaal verwerkende industrie aan. Nog weer anderen wijzen op het gebrek aan ondernemersmentaliteit. Zoals de beleidsmedewerker van een instelling die jonge ondernemers uit El Kef wegwijs probeert te maken. "De houding is afwachtend", zegt hij in zijn kantoor, pal naast het drukke busstation. "Het is een landbouwersinstelling, gevormd door het ritme van seizoenen." Maar hij is het eens met de burgemeester dat de overheid veel meer zou kunnen doen. "Een ondernemer past ervoor zijn vrachtwagens de slingerweg die er nu ligt op te sturen", zegt hij. "Waarom bouwt de staat geen goede weg?"

De burgemeester zou graag zien dat het cultureel toerisme in zijn stad tot ontwikkeling kwam. "Er is steeds ingezet op massatoerisme langs de kust, niet op kleinschalig toerisme. En dat terwijl we hier op schatten zitten!" Aan enthousiasme en goede wil ontbreekt het niet. Maar zelfs als deze initiatieven materialiseren, zal het jaren duren eer de lokale bevolking daarvan de vruchten plukt.

"Eerst dacht ik dat het aan Saif zelf lag, dat hij niet goed genoeg zijn best deed, zegt Ameini, wanneer ik haar op een namiddag opzoek. "Maar ik raakte ervan doordrongen dat het de omstandigheden zijn. De werkloosheid is hoog, hij beschikt niet over kruiwagens of over geld om iemand om te kopen binnen de ambtenarij zodat hij dáár tenminste aan de slag kan. "Oké, hij heeft geen masterdiploma", vervolgt ze, "maar wel een diploma, er moet toch iets voor hem te vinden zijn ?

Roze olifant
Ameini heeft een knap symmetrisch gezicht met dikke wenkbrauwen en amandelvormige ogen. Ze studeert sinds een jaar natuurkunde in Tunis, waar ze een appartement met twee medestudentes deelt. Zij en Saif leerden elkaar vorige zomer kennen toen ze met vriendinnen in Dar Frigua was. Ze had net haar eindexamen gehaald. Ze doen geen moeite hun relatie te verbergen en lopen hand in hand door de stad.

Ameini is bevriend met Saifs moeder en komt regelmatig bij Saif over de vloer - ook als die er zelf niet is. Andersom ligt het een stuk ingewikkelder. Ameini woont samen met haar gescheiden moeder in een groot huis op een ommuurde compound aan de rand van de stad. De vertrekken in het bovenhuis zijn gemeubileerd met luxueuze bankstellen, donkere houten wandmeubelen en glimmende spiegels in zilveren lijsten. Geleefd wordt er beneden, waar Ameini's moeder, haar grootmoeder en een tijdelijk inwonende (gescheiden) oom zich rond de televisie scharen.

Saif is hier de roze olifant in de kamer. Iedereen weet dat hij er is, maar hij is geen onderwerp van gesprek.

"We moeten ons eerst verloven", verduidelijkt Ameini wanneer ze me later terug naar de hoofdstraat begeleidt. En dat mag pas wanneer Saif een echte baan heeft. "Mij maakt het echt niet uit", zegt ze. "Maar mijn ouders willen het zo."

Saif Eddine Zaib (23) en zijn vriendin Ameini. Beeld Marijn Kruk
Saif Eddine Zaib (23) en zijn vriendin Ameini.Beeld Marijn Kruk

Saif is ervan overtuigd dat het standsverschil hem opbreekt en dat Ameini's familie hem bewust op afstand houdt. "Je hebt gezien waar ze wonen", zegt hij wanneer ik hem later die avond tref. "De ouders van Ameini zijn rijk. De mijne niet. Dat zit ze niet lekker". Saif gaat die avond vroeg naar bed. Een neef van hem heeft gevraagd of hij de volgende ochtend kan komen helpen met de amandeloogst. Hij kan het geld goed gebruiken.

De spanning in de hoofdstad was om te snijden, in de periode waarin Saif en Ameini elkaar leerden kennen. Door de moord op oppositiepoliticus Chokri Belaïd was de Tunesische politiek begin 2013 in crisis geraakt. De moordenaars worden gezocht in kringen van religieuze extremisten. Aanhangers van Belaïd wezen woedend naar Ennahda. Volgens hen betaalden zij nu de prijs voor de weifelachtige houding die de regeringspartij aannam jegens radicalen die een islamitisch kalifaat in Tunesië willen stichten.

Kookpunt
De seculiere oppositie beziet Ennahda al langer met argusogen. Ze verdenkt de partij ervan over een geheime islamiseringsagenda te beschikken en haar aanhangers op strategische plekken binnen het staatsapparaat te positioneren. De nieuwe partij Nidaa Tounès, opgericht om tegenwicht te bieden aan Ennahda, eist op hoge toon dat de islamisten de regering verlaten en pleit voor vervroegde verkiezingen.

In de zomer bereikt de situatie het kookpunt. Tunesië wordt opgeschrikt door een tweede politieke moord en in Egypte worden president Morsi en zijn Moslimsbroeders via een staatsgreep onschadelijk gemaakt. De druk op Ennahda om de regering te verlaten groeit met de dag. Een Nationale Dialoog moet uitkomst bieden. Doel is een onafhankelijke regering die op de winkel past, terwijl het parlement de laatste hand legt aan de nieuwe grondwet. Slopende onderhandelingen volgen. Politici die elkaar aanvankelijk niet eens de hand wensen te schudden moeten het nu met elkaar eens zien te worden over een routekaart naar de verkiezingen. Uiteindelijk zwicht Ennahda en stemt in met een zakenkabinet.

Op 26 januari 2014 neemt het parlement de nieuwe Tunesische grondwet aan. Het is een emotioneel moment. Afgevaardigden vallen elkaar huilend in de armen. 'Consensus' is sindsdien het nieuwe toverwoord in de Tunesische politiek. Maar analisten zetten daar vraagtekens bij. Veel zal afhangen van de uitslag van de verkiezingen en op welke termijn partijen erin slagen een regeringscoalitie te smeden. Wat zal er gebeuren wanneer in de tussentijd een nieuwe aanslag komt, of de economie plotseling nog verder verslechtert? Dat kan gemakkelijk leiden tot hernieuwde politieke polarisatie, of erger.

Ondanks zijn teleurstelling in de gevestigde politiek, is Saif vastbesloten te gaan stemmen. Waarop weet hij nog niet. "Ik denk dat ik weer partijprogramma's ga bestuderen en daar met vrienden over ga discussiëren, net als in 2011."

School
Op een dag neemt Saif me mee naar een gehucht tien kilometer ten westen van El Kef. Zijn ouders groeiden hier op en zijn familie bezit er nog steeds grond. Hij wijst naar rijen olijfbomen en een amandelboomgaard. We lopen naar het witgekalkte dorpsschooltje. "Mijn moeder is heel intelligent", zegt hij terwijl hij een kiezelsteen over de akkers laat zeilen. "Maar haar vader haalde haar van school af om te werken op het land. Daarom vond ze het zo belangrijk dat ik mijn school afmaakte."

Hij zegt op te zien tegen komend jaar. "Het zal net zo zijn als de afgelopen tijd. Een paar dagen sjouwen hier, een paar weken kelneren daar, zonder uitzicht op iets beters." Zijn grootste angst is dat hij over een jaar nog steeds geen 'echte' baan gevonden heeft. "Dan verlies ik Ameini. Ze zal zeggen dat dat niet zo is, maar ik weet hoe haar familie denkt. Als ik geen serieuze baan vind, raak ik haar kwijt."

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden