Saami kunnen niet langer vertrouwen op het weer

Een handvol rendieren graast het rendiermos af. (FOTO GEERT GROOT KOERKAMP)

Voor de Saami is het een groot probleem dat het weer niet langer voorspelbaar is. Zolang de toendra niet bevroren is, zijn de rendierkudden onbereikbaar. „De herfst is erg lang geworden.”

„Nog wat soep?”. Maria Filippova tilt de zwartgeblakerde pan weg van het hoog oplaaiende vuur. Het is behaaglijk warm in de tsjoem, de traditionele puntvormige tent van de Saami op het Kola-schiereiland, dat voor het grootste deel boven de poolcirkel ligt. De dichte rook kringelt door het gat bovenin de tent naar buiten. Het is koud buiten, zeker voor wie niet gewend is aan het leven in de toendra.

„Als het waait, dan is het écht koud, dan jaagt de wind onder het tentzeil door”, lacht Maria, „maar nu is het warm buiten.” Een schraal zonnetje schijnt door de mistflarden boven de toendra. Een handvol rendieren graast rond de tsjoem het rendiermos af. Rode cranberries glanzen uitnodigend tussen het groen. Hier en daar zijn sporen van sneeuw te zien, waar in deze tijd van het jaar eigenlijk al een dik pak had moeten liggen.

„Vroeger gingen we op 7 november, de dag van de revolutie, met de rendieren over de meren naar het stadje Lovozero.” Nikolaj Filippov wijst naar de ijsvlakte die enkele honderden meters verderop begint. „Maar waar kun je nu naar toe over de meren? Het ijs is te dun, zelfs als je te voet gaat houdt het niet. En met zo’n vierspan rendierstieren zak je er natuurlijk meteen door.”

Hun leven lang hebben Maria en Nikolaj op de toendra doorgebracht. De kennis van het leven in het hoge noorden werd bij de Lappen (of Saami, zoals ze zichzelf noemen) van generatie op generatie overgeleverd. In de Sovjettijd woonden ze af en toe in de stad. Alle rendierhouders zaten in collectieve landbouwbedrijven.

Tien jaar geleden, toen Nikolaj vijftig werd, keerden de Filippova’s voorgoed met hun rendieren terug naar de toendra. Hun enige zoon verdronk drie jaar geleden, toen zijn boot omsloeg op het ijskoude meer.

Het is stil op de toendra. Tussen de dwergberken is een palissade aangebracht voor straks, als de grote massa rendieren komt en de jaarlijkse slacht kan beginnen. Maar dat, weet Nikolaj, zal nog wel even duren.

„De slacht begon vroeger veel eerder, na de novemberfeesten. Het ijs was dan al sterk genoeg om de rendieren er overheen te jagen. De laatste jaren is het ijs zwak en kaal en kan dat niet meer, dus slachten we pas tegen nieuwjaar. Dit jaar zal de opbrengst minimaal zijn.”

De rendierkudden bevinden zich nu nog ver naar het noorden, maar zijn onbereikbaar omdat de toendra onvoldoende is bevroren en er te weinig sneeuw ligt. Pas wanneer de toendra beter begaanbaar wordt, kunnen de kudden naar de kraal worden gedreven.

Iedere dag uitstel betekent verlies van opbrengst. De rendieren teren op de vetreserves die ze in het najaar hebben opgebouwd en hebben aan het eind van het jaar al flink wat gewicht verloren. „Soms regent het zelfs nog met nieuwjaar en kun je de rendieren pas in januari gaan halen”, verzucht Nikolaj. „De herfst is erg lang geworden, de winter begint pas ergens in januari. Tot dan is het vriezen en dooien. Wat is dat voor winter?”

Het neemt niet weg dat het hier tijdens die korte winter evengoed gemeen kan vriezen. Vorig jaar daalde het kwik in januari en februari nog tot bijna veertig graden onder nul, vertelt Maria. „Maar pelmeni, Russische ravioli, maken we al niet meer, want die zijn niet goed te houden. Soms maakt de vorst zomaar plaats voor dooi.”

Grootste probleem voor de Saami is dat de voorspelbaarheid van het weer is verdwenen. Sinds mensenheugenis waren de bewoners van de toendra vertrouwd met alle signalen die de natuur hun gaf. Hun leven volgde jaar in, jaar uit een vast patroon, al naar gelang de seizoenen. Het grillige klimaat van nu heeft de traditionele leefwijze ontregeld. Met het gevolg dat rendierhouders als Nikolaj Filippov zich gedesoriënteerd voelen.

„In het voorjaar is het hetzelfde: de sneeuw begint eerder te smelten. Maar dan heb je ineens weer vorst in juni. De zomers zijn tegenwoordig koud en regenachtig en de winters warm.” Lachend: „We kunnen nog net niet gaan zwemmen.”

(Trouw)
Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden