Rwanda wil minder kinderen

Gemiddeld krijgt een vrouw vijf à zes kinderen in het dichtbevolkte en straatarme Rwanda. Via intensieve campagnes probeert de regering dat getal te halveren.

Pastoor Jean-Baptiste Nemeyabahizi gaat geheel in het zwart gekleed. Zwart is ook de kleur van de Mercedes die op zijn erf staat geparkeerd. In zijn woning is het een komen en gaan van mensen en op de brede laan voor zijn huis wacht een groepje parochianen om binnen te worden gelaten. Ook als de pastoor niet preekt weten ze hem te vinden. Nemeyabahizi heeft tien kinderen, bij één vrouw.

Wat vindt hij van het officiële regeringsbeleid om gezinnen te manen niet meer dan drie kinderen te krijgen? „Wees vruchtbaar en bevolk de aarde, is een van Gods leerstellingen”, antwoordt de kerkvader plechtig. „De wereld die Hij schiep is onze tuin, maar de hoeveelheid kinderen mag de draagkracht van het land niet overschrijden.”

De voorganger, toch een belangrijke figuur in de gemeenschap, preekt niet over de bevolkingspolitiek van zijn regering. Geboortebeperking? Je zult hem er niet over horen. Ja, op huisbezoek komt het onderwerp natuurlijk ter sprake. Hij zegt de zorgen van ouders met veel kinderen te begrijpen: „De monden moeten worden gevoed en je moet zorgen dat ze naar school kunnen. Op familieniveau is er zeker een probleem.” Maar als man Gods kán hij het beleid niet uitdragen.

Rwanda is het eerste Afrikaanse land dat een actieve bevolkingspolitiek voert en grenzen probeert te stellen aan de gezinsgrootte. Maar naast religieuze wetten die in de weg staan, zijn er praktische bezwaren tegen zoiets als geboortebeperking. Een kinderrijk gezin vormt op het continent namelijk nog altijd de belangrijkste sociale verzekering. Op en rond de dichtbevolkte heuvels van Ruhengeri ligt dat niet anders.

Janine Uwamahoro (28) zegt het onomwonden: „Wie veel kinderen heeft, kan op hulp rekenen als hij oud is”. Ze is bezig kleren te wassen in een grote zinken teil. Over de binnenplaats voor haar lemen huisje zwermen overal kinderen.

Zelf heeft ze er drie, maar ze wil er liefst tien. „Kinderen kunnen zichzelf wel redden”, zegt ze lachend. „De ouderen helpen de jongeren, het proces gaat door.” Janine heeft de radiospotjes van de regering gehoord, maar veel begrip voor de boodschap heeft ze niet: „Als je kinderen ziek worden en doodgaan, wat dan?” Een buurvrouw heeft meegeluisterd en denkt er ook zo over.

Opvallend is dat vrouwen van middelbare leeftijd de campagneboodschap wel kunnen billijken. Maar zij zijn dan ook ’klaar’ met de familieplanning. Zoals Marguerite Mukangarambe (44), die zichzelf oud vindt. Acht kinderen heeft ze gebaard, maar ze is niet in staat hen te onderhouden. Eten krijgt ze soms van familieleden. „De jongeren zouden kunnen nadenken over de grootte van hun gezin”, zegt de moeder van acht voorzichtig. Hoe, dat laat ze in het midden. Haar drie jaar oudere vriendin Gertrude heeft zeven nakomelingen. „Eentje studeert in Kigali, de rest doet niets.” De campagne heeft haar niet bereikt. „Maar”, zegt ze, „als ik het opnieuw kon doen, deed ik het allemaal anders.”

Hoopvol kijkt de overheid dan ook naar de jongere generaties. Zullen zij voor de zo vurig gewenste trendbreuk zorgen?

Op de achterbanken van een grote witte Landcruiser zit Etiène met vrienden en vriendinnen. Allemaal rond de twintig zijn ze. „We raken als land overbevolkt”, zegt Etiène, „maar veel vrouwen willen geen anticonceptiepil gebruiken, en terecht want van de pil word je onvruchtbaar.” En condooms dan? In de auto klinkt gelach en gegrinnik: „Condooms? Hier in Rwanda? Die wil toch niemand gebruiken!”

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden