Column

Rutte staat voor de keus al dan niet de nieuwe Colijn te worden

Aftreden kabinet Colijn. Oud-minister Dr. H. Colijn verlaat het Departement van Algemene Zaken. Beeld ANP

Van de meer dan veertig miljard euro aan aangekondigde bezuinigingen van het eerste en het tweede kabinet-Rutte is nog niet veel meer dan acht miljard euro gerealiseerd. Nog 32 miljard, tachtig procent (!), te gaan.

Als beleid maken het simpelweg uitvoeren van een regeerakkoord is, staan ons de komende maanden opnieuw aanzienlijke bezuinigingen te wachten. Morgen maakt het Centraal Planbureau de nieuwe prognoses over economie en overheidsfinanciën bekend. Cijfers die opnieuw somberder zullen zijn, zeker voor de korte termijn en zeker voor wat betreft de overheidsbegroting voor dit en volgend jaar.

De politieke discussie gaat echter langzaam maar zeker een andere kant op. Natuurlijk, het belang in het algemeen van een lager financieringstekort staat nog steeds niet ter discussie. Er komt echter meer en meer ruimte voor nuances. Binnen de regeringspartijen, en niet alleen bij de PvdA, valt steeds vaker te beluisteren dat de drie procent, ons op eigen initiatief opgelegd door Brussel, een nastrevenswaardig doel is, maar niet koste wat het kost. Steeds vaker wordt, in de wandelgangen voorlopig, er op gewezen dat door alle aangekondigde hervormingen in de economie, de begroting een steeds gezonder fundament krijgt. Het belang van het feitelijke tekort wordt dan als vanzelf kleiner.

Het hoeft niet te verbazen als minister Jeroen Dijsselbloem in april de Europese Commissie om toestemming zal vragen om het tekort vooralsnog boven de drie procent te laten groeien.

En waarom ook niet? Met een nieuw pakket aan bezuinigingen zou Rutte verdacht veel gaan lijken op Hendrik Colijn, zijn collega uit de jaren dertig van de vorige eeuw. Voor Colijn zo ver was dat hij zijn straffe bezuinigingspolitiek en de Gouden Standaard losliet, was de Nederlandse economie al te veel schade toegebracht.

Nederland heeft nu een zeer goede naam op de kapitaalmarkten en er is nog altijd een groot overschot op de betalingsbalans. Minder bezuinigen en, sterker, een aantal gerichte stimuleringsprogramma's kunnen goedkoop gefinancierd worden en kunnen zelfs bijdragen aan meer economische activiteit in het zuiden van Europa.

Uitstel van maatregelen
De laatste keer dat een kabinet de crisis trachtte voor te blijven door de uitgaven op minimaal niveau te houden, was het derde kabinet-Balkenende. Dat programma heeft slechts gezorgd voor uitstel van de gevolgen van de crisis. Dat het nu zoveel slechter gaat, heeft daar direct mee te maken. Uitstel van maatregelen betekent wel vaker dat de effecten uiteindelijk groter zullen zijn.

Het is echter wijsheid achteraf. Het kabinet met Wouter Bos als minister van financiën dacht met één crisis te maken te hebben. De schuldencrisis in Europa werd nog niet onderkend.

Of er na deze crisis opnieuw een crisis met andere oorzaken komen zal, weet niemand. De kat bijt zichzelf echter wel in de staart, zou dit kabinet alsnog dat argument gebruiken om opnieuw een bezuinigingsronde aan te kondigen. Er komt immers een moment dat je kunt bezuinigen wat je wil zonder dat het gewenste effect, een lager tekort en een lagere schuld, ook maar iets dichterbij komt. Dat moment is daar als elke bezuinigde euro ook onmiddellijk leidt tot minder economische activiteit.

 
Steeds vaker wordt, in de wandelgangen voorlopig, er op gewezen dat door alle aangekondigde hervormingen in de economie, de begroting een steeds gezonder fundament krijgt
Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 de Persgroep Nederland B.V. - alle rechten voorbehouden