Rutte III: Rotterdams, vintage en met een grote staat van dienst

Beeld ANP

Lef hebben VVD, CDA, D66 en ChristenUnie wel. Het kabinet dat zij in elkaar hebben gezet, zit vol parlementaire experimenten. 

De coalitie is op zichzelf al een novum, maar drie vicepremiers heeft Nederland evenmin ooit gekend. Verder komen er sinds lang weer ministerskoppels die samen departementen gaan bestieren.

Met een kwartet aan boegbeelden geeft dit kabinet direct een duidelijk visitekaartje af: iedereen doet wat Rutte-III betreft mee. Man of vrouw, alleenstaand of getrouwd, hetero of LHBTI, christelijk of atheïst – alles behalve de migrant is vertegenwoordigd met Mark Rutte (VVD) als premier en Hugo de Jonge (CDA), Kajsa Ollongren (D66) en Carola Schouten (CU) als zijn vervangers.

Met het vicepremierschap van Ollongren en Schouten herhaalt dit kabinet bovendien het statement van Paars-II. Dat had met Annemarie Jorritsma (VVD) en Els Borst (D66) in 1998 de eerste twee vrouwelijke vicepremiers. Zeven kabinetten later maken nu de volgende twee vrouwen hun opwachting, met Schouten als eerste vrouwelijke premiervervanger namens een christelijke partij.

Ministerskoppels

Terug van weggeweest zijn ook de ministerskoppels: Hugo de Jonge (CDA) en Bruno Bruins (VVD) samen op Volksgezondheid, Sander Dekker (VVD) en Ferdinand Grapperhaus (CDA) samen op Veiligheid en Justitie, waar Mark Harbers (VVD) staatssecretaris voor migratie wordt. En ook Onderwijs krijgt een duo: Ingrid van Engelshoven (D66) en Arie Slob (CU).

Daarmee kiest Rutte-III voor vintage. In naoorlogse jaren waren zulke meermanschappen haast de standaard op grote departementen; Binnenlandse Zaken en Justitie kenden onder Drees elk wel drie ministers. Gaandeweg krompen premiers hun kabinetten in. Ook Rutte was zo’n afslankgoeroe. Maar om vier partijen elk genoeg posten te kunnen geven, komt er nu toch een groter kabinet.

Duidelijk is dat de ministersduo’s niet om elke stuiver met elkaar op de vuist hoeven; de bewindslieden krijgen binnen het departement elk hun eigen begroting en staf en zullen bij de wens om meer geld bij de minister van financiën moeten lobbyen. Zo zijn de taken op papier strikt gescheiden, maar moet de praktijk uitwijzen of twee ministers in één kantoor zonder onderlinge spanningen hun werk kunnen doen.

Staatssecretarissen

Naast Volksgezondheid, Veiligheid & Justitie en Onderwijs komen ook Binnenlandse Zaken en Defensie iets ruimer in hun jas te zitten. Runden Ronald Plasterk (PvdA) en Jeanine Hennis (VVD) die ministeries de afgelopen vijf jaar in hun eentje, hun opvolgers weten weer een staatssecretaris naast zich. Zo zal Ollongren op Binnenlandse Zaken samen optrekken met Raymond Knops (CDA). Op Defensie komen voor het eerst twee vrouwen: Ank Bijleveld (CDA) als minister, Barbara Visser (VVD) als staatssecretaris.

Niet alleen in parlementair opzicht wijkt Rutte-III af van Rutte-II, ook in personele zin ziet het er anders uit. Zo had het regeerakkoord net zo goed ‘Geen woorden maar daden’ kunnen heten, zo Rotterdams is het nieuwe kabinet. Van de 24 bewindslieden hebben er zeker tien een duidelijke band met de stadsregio. Ze wonen, woonden of studeerden er, en dan bij voorkeur bestuurskunde. Van Ruttes vorige ploeg woonde alleen Ivo Opstelten in de Maasstad.

Met ook nog zo’n tien politici uit de linkerhelft van het land oogt het kabinet behoorlijk Randstedelijk, maar wie op de landkaart tevens uitstippelt waar de wieg van alle bewindspersonen stond, ziet een redelijk spreiding over het land. De meeste provincies hebben wel iemand die zij op basis van de geboortepapieren of studietijd kunnen claimen, naar het lijkt op Drenthe en Flevoland na.

‘Geen woorden maar daden’ gaat ook op voor de meeste carrières van de bewindspersonen. Meer dan tien van hen zijn of waren wethouder, vier waren eerder kabinetlid, één was beroepsofficier, velen hebben een enorme staat van dienst binnen de ambtenarij. Leefden ze vooralsnog buiten de politiek, dan zaten ze ook niet stil. Zo was Sigrid Kaag (D66) nog nooit politicus, maar leidde ze wel de VN-missie voor de ontmanteling van chemische wapens in Syrië.

Of Rutte-III tot grote daden komt, zal voor een belangrijk deel afhangen van de relatie met de oppositie. VVD, CDA, D66 en ChristenUnie hebben in beide Kamers de kleinst mogelijke meerderheid. Voor een breder draagvlak in en buiten Den Haag voor hun plannen hebben ze andere partijen nodig. Rutte-II lukte dat, maar wel dankzij oppositiepartijen waarvan de grootste twee nu zelf in het kabinet zitten. 

Wie is wie in Rutte III? Doe de quiz.

Dit zijn alle namen van het kabinet Rutte III.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden