Rustig vaarwater nog heel ver weg

De Nederlandse kiezer stemt sinds 1994 wisselvallig. Een stabiel politiek krachtenveld ontbreekt. Toch betekent de grote vlucht van PvdA en VVD geen leegte in het midden: ze vormen zelf een nieuw politiek midden.

Woensdagavond zag Jolande Sap, politiek leider in zware problemen, een groot lichtpunt in de verkiezingsuitslag. De PVV had een zware nederlaag geleden en dat was volgens Sap heel wat belangrijker dan de dreun die haar partij van de kiezer te incasseren kreeg. Het populisme, aldus Sap, is op de weg terug. De politiek van gematigdheid en meer redelijkheid is weer aan de winnende hand. En zij was niet de enige die zo reageerde op de verkiezingsuitslag. Zien de optimisten alleen wat ze willen zien of was woensdagavond het eerste teken dat de Nederlandse politiek weer in rustiger vaarwater terecht komt?

Sap bevond zich met haar optimistische reactie in goed gezelschap, namelijk in dat van de Duitse minister van buitenlandse zaken, Guido Westerwelle. Ook de geplaagde Duitse regering kan wel wat positief nieuws gebruiken nu haar europolitiek ook in eigen land steeds verder onder druk komt te staan. De overwinning van de VVD en de PvdA was volgens Westerwelle een overwinning voor de euro. Het populisme, meende de Duitser, is op de weg terug, te beginnen in Nederland.

Ook de Spaanse kranten, links of conservatief, waren opgetogen. Mocht Spanje bij het Europese steunfonds aankloppen, dan is de kans dat Nederland dwars gaat liggen behoorlijk afgenomen, is de inschatting. El País spreekt zelfs van een instorting van extreme partijen.

De behoefte aan positief nieuws is groot, in Europa en bij politieke partijen in Nederland, die april nog hun nek uitstaken om Nederland niet de risee van Europa te laten worden. De cijfers van de verkiezingen van woensdag kunnen echter ook op een heel andere manier bekeken worden. De kiezer blijft heen en weer stuiven en in het politieke midden gaapt een enorm gat.

Sinds de verkiezingen van 1994 kent Nederland eigenlijk geen normale uitslag meer. Normaal in de zin dat, ondanks een paar zeteltjes verlies hier en een paar zeteltjes winst daar, het politieke krachtenveld grosso modo stabiel blijft. Sindsdien stijgen partijen met de snelheid van een raket en verliezen de daaropvolgende verkiezingen al die zetels weer met hetzelfde gemak. Nieuwe partijen komen niet op via een gestage groei van de aanhang, maar veroveren in één klap hele delen van de Kamer om daarna weer even snel van het toneel te verdwijnen. De PvdA lijdt de ene verkiezing een geweldige nederlaag en is in de daaropvolgende weer opeens de grote volkspartij.

De VVD van Mark Rutte leek op enig moment halverwege het eerste decennium van deze eeuw vrijwel van de kaart verdwenen. Commentatoren maakten zich op de laatste liberaal te vragen het licht op het partijbureau uit te doen. Maar zie, Rutte wist uiteindelijk de muitende Rita Verdonk de deur uit te werken, onderging een snelle metamorfose van progressieve liberaal naar conservatieve anti-overheidsliberaal en won nu alweer zijn tweede verkiezing.

De kiezer van 1994 is nog steeds de kiezer van 2012. Hij vliegt als een bij op zoek naar honing van bloem naar bloem, proeft de nectar en bedenkt al gauw dat die toch minder smaakt. En hop, op weg naar de volgende bloem.

1994 zal vanwege de ontluikende opstand van de kiezer om een tweede reden een prominente plaats blijven innemen in de Nederlandse politieke geschiedenis. Na die verkiezingen kwam een kabinet tot stand zonder christen-democraten, het eerste in bijna tachtig jaar en het eerste kabinet ooit waarin liberalen en sociaal-democraten samenwerkten.

De coalitie hield het acht jaar uit, maar wakkerde vreemd genoeg de opstand van de kiezer alleen maar verder aan. Om samen te kunnen werken moesten Frits Bolkestein en Wim Kok de scherpe kantjes van de grote politieke onderwerpen afslijpen. Vooral het laatste paarse kabinet voerde een bijna technocratisch beleid, verlamd door de uiteraard nog steeds zeer verschillende politieke invalshoeken van de twee partijen. Het gebrek aan stevige oppositie hielp daarbij ook niet.

Vice-premier Gerrit Zalm kon onder grote hilariteit in de Kamer zeggen dat het kabinet gewoonweg een motie niet uitvoerde. Ook in de oppositiebankjes kon zo'n grap wel gewaardeerd worden. Net als iedereen vol bewondering toekeek toen Zalm op een Prinsjesdag het koffertje met de begrotingsstukken in de Kamer boven zijn hoofd hield, alsof Johan Cruijff de zoveelste Europacup gewonnen had.

VVD en PvdA zullen nu hoe dan ook opnieuw tot een coalitie moeten komen. Voor Rutte is er geen enkel alternatief dan samenwerking met in ieder geval de sociaal-democraten. Diederik Samsom heeft alleen theoretisch nog een tweede optie, als alle partijen ter linkerzijde en in het midden, inclusief het CDA, bereid zouden zijn mee te werken.

De overwinning van het midden, heette dat dan in de kranten van donderdagochtend. Maar de middenpartij bij uitstek, het CDA, is inmiddels wel de grootste van de kleintjes.

Het CDA had van oudsher de spilpositie in de Nederlandse politiek. De partij bepaalde of er over links, dan wel over rechts geregeerd zou worden. D66 handhaafde zich in het midden uiteindelijk toch nog verrassend wel, maar ook GroenLinks, de jongste telg van het politieke midden heeft het met een zware nederlaag moeten bekopen. De conclusie zou daarom eerder moeten zijn, dat er in het midden een immens gat gevallen is.

Anders dan in de jaren negentig van de vorige eeuw bevinden zich nu rechts van de VVD en links van de PvdA twee stevige flanken. Er was toen geen PVV op rechts en slechts een heel kleine SP op links. Jan Marijnissen vocht met alleen Remi Poppe aan zijn zijde tegen de afbraak van publieke voorzieningen.

De twee relatief nog sterke flanken en de mogelijke samenwerking in een nieuw kabinet betekenen wellicht het ontstaan van een nieuw politiek midden. Een midden dat niet langer dan eens over rechts, dan eens over links regeert, maar een midden dat groot genoeg is om regering op regering te vormen.

Mogelijk, want om die conclusie te trekken is het uiteraard veel te vroeg.

Nederland is nooit het land geweest van twee politieke stromingen. En is dat ook op 12 september niet geworden.

De ongedurige kiezer is ook nog zeker niet verdwenen. Hij koos nu uiteindelijk voor Rutte of Samsom, omdat in de loop van de campagne de machtsvraag steeds prominenter werd.

Cijfers van het onderzoeksbureau Ipsos Synovate naar aanleiding van opinieonderzoek op 11 september, de dag voor de verkiezingen, illustreren dit. GroenLinks dreigde die dag al leeggezogen te worden door de PvdA (in totaal vijf zetels van het uiteindelijke verlies van zes zetels, zouden op die dag van GroenLinks naar de PvdA gaan). Het CDA verloor veel zetels aan de VVD, en verloor ook doordat de oude aanhang voor een aanzienlijk deel niet meer van plan was te stemmen. Een fenomeen dat ook de PVV parten speelde, naast de vlucht van PVV-kiezers naar de VVD.

Een politiek landschap met twee grote partijen is wellicht aantrekkelijk als het om politieke stabiliteit gaat, maar in deze uitslag zit geen enkele aanwijzing dat dit kiezersgedrag van afgelopen woensdag zal beklijven. Het dragen van regeringsverantwoordelijkheid werd bij de verkiezingen van woensdag gewoon opnieuw afgestraft. De VVD kreeg niet zozeer de premierbonus als dank voor de betoonde verantwoordelijkheidszin, Rutte kon zijn mislukte kabinet eerder verdoezelen door de nadruk te leggen op de strijd om het premierschap met, wat hij in zijn congresrede, gemakshalve maar 'de socialisten' noemde.

De ironie wil dat zowel de VVD als de PvdA in hun verkiezingsprogramma's niet hun positie in het politieke midden markeerden, maar juist wat meer naar rechts en naar links opschoven. De VVD profileert zich steeds meer als de anti-overheidspartij met lagere belastingen als politiek doel op zich, terwijl de PvdA kleinere inkomensverschillen en staatsdirigisme (in met name de zorg) heeft heruitgevonden. Kunnen die standpunten met elkaar verenigd worden zonder dat er, zoals bij de eerdere samenwerking zo'n twintig jaar geleden, een toevlucht moet worden gezocht in depolitisering en technocratie? En kan dat zonder de flanken aan hun rechter- en linkerkant opnieuw wind in de zeilen te geven? SP-leider Emile Roemer had gisteren een goed punt toen hij erop wees dat het wellicht zelfs schadelijk zou kunnen zijn voor de landelijke politiek als VVD en PvdA samen gaan werken. Het zou, aldus Roemer, ook geen geen goede vertaling van de verkiezingsuitslag zijn, omdat de partijen mijlenver uit elkaar liggen. Niet onbelangrijk, al was zijn pleidooi om nu eerst een centrum-links kabinet uit te proberen ook niet al te sterk.

De Eerste Kamer
Het grillige gedrag van de kiezer heeft tot gevolg dat de verhouding tussen de beide Kamers van de Staten-Generaal ook in een ander daglicht komt te staan. Zodra er een verkiezing geweest is voor de Tweede Kamer of voor de Provinciale Staten (die de Eerste Kamer vervolgens getrapt verkiezen) is de andere Kamer geen afspiegeling meer van de kiezerswil. Coalities vormen die in beide Kamers over een meerderheid van de zetels kunnen beschikken, wordt daarmee moeilijker en moeilijker. Het eerste kabinet-Rutte had daar na de laatste Statenverkiezingen acuut last van. Het bezorgde de SGP een, naar later zou blijken, kortstondige invloed op het kabinetsbeleid.

De huidige samenstelling van de Eerste Kamer geeft geen enkele uitdrukking meer van de volkswil. VVD (16 zetels) en PvdA (14) zijn weliswaar ook 'aan de overkant' de grootste, zij worden op de hielen gezeten door CDA (11) en PVV (10).

Een nieuw kabinet zal uit meer dan twee partijen moeten bestaan om ook in de Eerste Kamer van een meerderheid uit te kunnen gaan. Geen overbodige luxe, aangezien de vele hervormingen die door politieke partijen zijn aangekondigd uiteindelijk de vorm van een wetswijziging zullen betekenen.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden