Review

Run op kassa voor Miricioiù

Vanavond herneemt de Nederlandse Opera zijn succesvolle enscenering van Puccini's 'Tosca'. In de vorige reeks kreeg sopraan Nelly Miricioiù slechts één keertje de kans om haar licht over deze diva-rol bij uitstek te laten schijnen. Nu mag zij dat tien keer doen en de run op de kassa van het Muziektheater heeft ervoor gezorgd dat er waarschijnlijk bij alle voorstellingen wanhopige kaartzoekenden in de hal zullen zitten.

Met deze 'Tosca' zou Nelly Miricioiù haar twintigjarig jubileum in Nederland kunnen vieren. In 1979 won zij immers met grote afstand het Internationale Vocalistenconcours van Den Bosch. Sindsdien is de band die de Roemeense Miricioiù met Nederland heeft een hele warme. Via de oplettendheid van een Nederlander (die stuurde een videoband van een concours in Oostende - dat Miricioiù ook won, naar Groot-Brittannië) kwam haar carrière in het Westen met 'La Traviata' bij de Scottish Opera op gang.

Het eerste 'echte' Nederlandse optreden volgde in een prestigieuze serie van het Concertgebouw (1983), waarin grootheden als Montserrat Caballé en Sylvia Sass kwamen zingen. Miricioiù trad aan met een jonge Hongaarse tenor in een concert dat als ondertitel 'aankomend jong operatalent' of iets dergelijks had. Ik kan me nog goed het gevoel herinneren van iets heel bijzonders gehoord te hebben. Miricioiù zong toen onder andere een grote scène uit Donizetti's 'Anna Bolena' en niemand in de zaal kon toen vermoeden dat de zangeres met dit repertoire uit zou groeien tot de koningin van het belcanto in Nederland.

Via de Vara-matinee, waar zij door Jan Zekveld en Maurizio Fernández ontdekt en gecoacht werd, wist Miricioiù steeds haar vocale grenzen te verleggen. Van een verzengende Thaïs in Massenets gelijknamige opera, via Amenaïde in Rossini's 'Tancredi' (een toprol, die ze ook in Salzburg zong), de drie Donizetti-koninginnen, Rossini's 'Semiramide' en nog veel meer kwam Nelly Miricioiù afgelopen juni in Eindhoven uit bij een ultieme interpretatie van Bellini's 'Norma'. Allemaal concertante uitvoeringen. Bij de Nederlandse Opera ging het in eerste instantie mis; Miricioiù legde een aanbieding voor 'Madama Butterfly' naast zich neer, nadat ze de partituur grondig bestudeerd had. Uiteindelijk kwam het goed en konden de vele Nederlandse fans hun idool ook gekostumeerd op het podium van het Muziektheater bewonderen in Verdi's 'Luisa Miller'.

Tijdens repetities vorige week in het Muziektheater krijgt 'Tosca' gestalte. Miricioiù is ontspannen, zingt met opvallend gemak en probeert met grappen en het showen van haar nieuwe vuurrode Tosca-schoenen de serieuze sfeer op te vrolijken. Sommige grappen missen hun doel niet. Als een liefdesduet tussen haar en de Cavaradossi van Hugh Smith door dirigent Gustav Kuhn wordt afgetikt, omdat er volgens hem te veel tempofluctuaties zijn, zet Miricioiù quasi-verontwaardigd haar armen in de zij en roept richting orkestbak: ,,I can't make love to one-two-three!'' Als Kuhn, verplicht door orkest-cao's, ook nog eens genoodzaakt is vlak vóór Tosca's grote aria 'Vissi d'arte' de repetitie te onderbreken, wordt Miricioiù's leuke diva-showtje compleet: ,,Maestro, it feels like stopping before an orgasm.''

In de pauze vertelt Miricioiù honderduit over haar ontmoeting met opera-legende Magda Olivero. Deze zomer gaf Olivero masterclasses in het Spaanse Valencia, waar Miricioiù op dat moment een serie Tosca's zong. Miricioiù is zich bewust van het feit dat Olivero in de jaren zestig haar als de koningin van de Vara-matinee voorging. Het contact tussen de twee verliep hartelijk. ,,Ze was nergens overdreven in haar lofprijzingen'', zegt Miricioiù, ,,maar uit kleine opmerkingen tegen mij en uit een voor mij fantastische zin uitgesproken tegen haar leerlingen, bleek het grote respect dat zij voor mijn Tosca had.''

Miricioiù gaf deze zomer zelf voor de allereerste keer een masterclass in Engeland. Het werd een unieke ervaring. ,,Als ik nu zou moeten stoppen met zingen, zou ik direct met lesgeven beginnen.'' Maar voorlopig zingt Miricioiù gewoon door. Tien Tosca's en dan op 18 december in de Matinee Elvira in Verdi's 'Ernani'. Diezelfde maand maakt ze haar debuut in de titelrol van Cilèa's 'Adriana Lecouvreur' in de Milanese Scala, een ander debuut volgt in de Berliner Staatsoper (maart 2000) als Isabelle in Meyerbeers 'Robert le diable'.

Via de Matinee blijft ze de komende jaren in Nederland te horen. Zandonai's 'Francesca da Rimini' is vastgelegd, over Bellini's 'Il Pirata' wordt gesproken. Twintig jaar Miricioiù in Nederland is voor haar fans nog lang niet genoeg.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden