Ruim een eeuw én een Holocaust later is er weinig veranderd

Betogers nemen deel aan een protestmars in het centrum van Amsterdam om hun steun te betuigen aan de inwoners van Gaza. Beeld anp

Dat de pleinen de laatste weken volliepen met demonstranten hoeft niemand te verbazen. Je kunt er de klok op gelijk zetten, nietwaar. Zodra er gedonder is in het Midden-Oosten, voelt menigeen hier de behoefte om ons deelgenoot te maken van zijn gevoelens.

Kleine correctie: zodra er gedonder is in een specifiek deel van het Midden-Oosten. Dat - om maar wat te noemen - de strijders van Isis op grote schaal medemoslims en christenen naar gene zijde helpen, weet hier te lande heel wat minder verontwaardiging te wekken. Als ik me niet vergis zagen we tot nog toe welgeteld drie protestdemonstraties tegen Isis.

De eerste twee waren op 28 juli in Den Haag. Bij de ene kwamen naar verluidt 'enkele tientallen' Koerden opdagen, bij de andere 'honderden' Assyrische christenen. De derde, georganiseerd door de Syrisch-orthodoxe gemeenschap, vond afgelopen zondag plaats te Enschede. Daarin liepen zo'n vijfduizend mensen mee.

De drie bijeenkomsten, ik meld het maar even, verliepen uiterst vreedzaam. Geen gemaskerde jongemannen. Geen deelnemers die 'Dood aan alle moslims' scandeerden. Of die via vlagvertoon de wereldheerschappij der christenen of Koerden propageerden. De demonstranten keerden zich tegen Isis - niet meer, niet minder. Zoals het hoort, zou ik zeggen.

Antisemitisch enthousiasme
Hoe anders ging het toe bij de protesten tegen Israël. Daar moesten de eigen ordediensten en de lokale gezagsdragers alle zeilen bijzetten om het samenzijn niet te laten ontaarden in antisemitisch enthousiasme. (Met wisselend succes, zoals we inmiddels weten.) Afgelopen zondag, op het Amsterdamse Museumplein, hoorde ik een spreker expliciet zeggen dat de demonstranten er niet stonden "tegen het Joodse volk, we staan hier tegen het zionistische bewind van Israël". Die disclaimer was blijkbaar hard nodig.

Ik weet het. Door dit te schrijven laad ik (wederom) verdenking op me. Wie in dit tijdsgewricht weigert mee te gaan in het collectieve ressentiment tegen Israël, moet immers wel 'extreem-rechts' zijn. Een 'goedprater'. Op z'n minst een 'moslimhater'. En zeker is hij 'filosemiet' - het schijnheilige tweelingbroertje van de antisemiet. Een filosemiet lijdt, kort samengevat, aan een ziekelijke sympathie voor Joden.

Hedendaagse gebruikers van de term doen steevast alsof ze een dekselse vondst hebben gedaan. Quod non. Het pejoratief werd eind negentiende eeuw gemunt door Duitsers die zichzelf met trots antisemiet noemden. Zij verzonnen 'filosemiet' voor iedereen die zich verzette tegen hun Jodenhaat. (Vergelijkbaar met het scheldwoord nigger lover in de Verenigde Staten, voor iedereen die zich verzette tegen racisme.) Hun redenering: wie het opnam voor Joden kon zelf natuurlijk ook niet deugen.

Ruim een eeuw én een Holocaust later is er verrassend weinig veranderd.

Filoboeddhist
Niettemin blijft het me mateloos intrigeren. Wie zich solidair verklaart met het Tibetaanse volk, heet bij mijn weten geen filoboeddhist. Wie vindt dat de Koerden een punt hebben, heet bij mijn weten geen filokoerd. Maar als je de mening bent toegedaan dat Israël het volste recht heeft om zichzelf te verdedigen, dan ben je een filosemiet?

Geen misverstand: Israël is allerminst boven elke kritiek verheven. Maar enige reflectie op de wereldwijde, tomeloze obsessie met land en volk - het zou zo heilzaam kunnen zijn.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden