Ruim 20 jaar later is Dennendal Carel Muller nog niet vergeten

DEN DOLDER - Carel Muller komt niet op de viering van 25 jaar Dennendal, morgen. De huidige directeur, Van Veen, heeft hem gebeld, anderhalf uur met hem gesproken, maar hem uitgelegd dat zijn verschijning nog te veel oude wonden zou openhalen.

Na twintig jaar zijn ze hem nog niet vergeten, de bewoners, medewerkers en de directie van Dennendal. De psycholoog was directeur, toen daar tussen '71 en '74 een proef werd genomen met het samen laten wonen van verstandelijk gehandicapten en 'gewone' mensen. Het woord 'verdunning' werd toen uitgevonden door de humanistische psychologen van de Utrechtse school. Grondgedachte was dat 'er slechts een dunne streep is die de rollen van zieke en gezonde mensen scheidt'. Het betekende onder meer dat je zwakzinnigen niet moest afzonderen van de rest van de maatschappij. Begrip en liefde waren genoeg: de zwakzinnige kon als hij daardoor werd omringd, zelf zijn leven wel uitstippelen.

Carel Muller droeg géén das en wèl sandalen. Op Dennendal omringde hij zich door hippies. Door de liefdevolle benadering van de bewoners van Dennendal ontstond allerlei roddel over verschrikkelijke orgieën. Daarvoor zorgde Muller zelf ook wel een beetje. Hij trok jonge groepsleiders aan, die meenden dat zij, als ze wat stoned waren, dichter bij de bewoners kwamen te staan.

De geschiedenis van Dennendal staat in het prachtige gedenkboek 'Om het geluk van de zwakzinnige', dat morgen verschijnt. Het is geschreven door dr. J. J. Dankers en dr. A. A. M. van der Linden.

Muller bekende zich tot de Kabouters van Roel van Duijn, die zojuist vijf zetels in de Amsterdamse raad hadden gewonnen; hij had ideeën over democratisering en dus raakte hij in conflict met de regenten van het Willem Arntz Huis in Utrecht, het bestuur van Dennendal. De ruzie in Den Dolder escaleerde tot de grootste rel in de Nederlandse gezondheidszorg. Je had in de zomer van 1974 bijna alleen voor- en tegenstanders van Muller. Het leidde tot zulke emoties dat het kabinet-Den Uyl, dat toch al niet zo stevig in elkaar zat, er in 1974 door aan het wankelen raakte.

Om de nieuwe inzichten vorm te laten krijgen, moest er op Dennendal nieuw worden gebouwd. Daar kwamen de ideeën van de Amsterdamse architect ir. F. van Klingeren goed bij van pas. Hij had net de Meerpaal in Dronten gebouwd en daar gedachten over menselijke ontmoeting in verwerkt.

Carel Muller hanteerde het sleutelbegrip 'verdunning'. De mensen moesten uit het medische model en uit het isolement gehaald. Van Klingeren omschreef dat als “een minder grote concentratie van ziek zijn door toevoeging van een belangrijk percentage gezond zijn”.

Origineel was het niet, constateerde geneesheer-directeur Poslavsky. Daar streefden de verzorgers van zwakzinnigen al eeuwen naar, maar hij toonde zich niet ongevoelig voor de manier waarop Van Klingeren de fantasie wist te stimuleren.

Poslavsky en drie andere hooggeplaatsten constateerden in '71 dat ze niet meer met Muller uit de voeten konden. “Den Dolder draait dol door kabouters”, kopte De Telegraaf en toen bemoeide staatssecretaris Kruisinga zich ermee. Een commissie die het zaakje moest onderzoeken, kwam met een vernietigend rapport. Poslavsky en Muller zouden Dennendal moeten verlaten.

“Het lijkt wel of alles wat niet overeenkomt met de kortgeknipte schedelafmetingen van staatssecretaris Kruisinga voortaan in de ban moet”, reageerde Vrij Nederland. Maar de gebeurtenissen keerden zich tegen de regenten en ten slotte moesten zíj het veld ruimen en keerde Muller terug. En met hem een stoet van deskundigen en adviseurs.

Een nieuwe botsing volgde in 1973 na een stuk in De Volkskrant. Opnieuw tetterden De Telegraaf (anti-Muller) en de Haagse Post (pro) mee. Enkele paviljoens werden door Muller-fans bezet. Het kabinet-Den Uyl bemoeide zich ermee. Staatssecretaris Hendriks besloot, toen Muller en zijn staf niet van wijken wisten, dan maar de pupillen tijdelijk te verhuizen. Daarover werd enkele malen in kabinet en Kamer gepraat en op 3 juli 1974 verscheen een stoet van politiebusjes en een waterkanon aan de poort van Dennendal. De pupillen werden afgevoerd naar Eindhoven, naar de Rijkspsychiatrische inrichting.

De charismatische en bij een deel van bewoners en staf geliefde Muller verdween in de vergetelheid. Hij woont nu in de buurt van Groningen. Maar ze hebben hem in Dennendal nog niet vergeten, hoewel Erica Terpstra er morgen nog niet een woonwijk komt openen waarin zwakzinnigen en 'gewone' burgers door elkaar heen wonen.

De huidige directeur, drs. L. van Veen, is nog steeds in gesprek met de gemeente Zeist, waar Dennendal onder valt, om zo'n wijk op te zetten. Dan wordt er toch gewerkt aan 'verdunning'. Maar Zeist voelde er eerst niet voor, omdat Dennendal een prachtig natuurgebied is en nu de gemeente er misschien wel toe neigt, ligt de provincie weer dwars. “Maar we gaan het wel doordrukken”, stelt Van Veen de provincie in het vooruitzicht.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden