Ruilzorg is in Japan zo gewoon als een kom rijst

De participatiesamenleving die het kabinet-Rutte voor ogen staat, wordt in Japan - een van de meest vergrijsde landen ter wereld - al in de praktijk gebracht. Kan Nederland 'fureai kippu' kopiëren?

De gemeenteambtenaar die straks aan de keukentafel bepraat wat je buurman nog voor je kan doen: veel Japanners zal het bekend voorkomen. De gewenste participatiesamenleving van het kabinet-Rutte lijkt op het 'fureai kippu' ('vriendendienst-ticket') zorgstelsel dat in Japan al in de jaren zeventig ontstond. Het basisidee achter dit systeem, waar in de afgelopen veertig jaar allerlei varianten op zijn ontstaan, is simpel: voor elk gewerkt uur krijgt een Japanse vrijwilliger iets terug. Die vergoeding kan bestaan uit een uur zorg die de vrijwilliger zelf nodig heeft of een kleine financiële bijdrage.

Invalide boekhouder

Onderzoekster Mayumi Hayashi vindt het een goede zaak dat ook Nederland het fureai kippu stelsel nu omarmt. Tegelijkertijd waarschuwt ze voor al te hooggespannen verwachtingen. "In Japan hebben we de afgelopen decennia geleerd dat de kans erg klein is dat je een invalide boekhouder kunt matchen met bijvoorbeeld een slechtziende in de buurt die administratieve hulp nodig heeft. Je moet niet obsessief zoeken naar dat soort optimale ruilen", zegt zij.

"Om het ruilstelsel tot een succes te maken is coördinatie op lokaal niveau cruciaal. Het gaat niet alleen om het afstemmen van vraag en aanbod van vrijwilligers, het is ook belangrijk dat karakters bij elkaar passen. Zorg ontvangen en verlenen is immers een heel persoonlijke kwestie", vertelt Hayashi. Na jaren onderzoek in Japan werkt ze sinds enige tijd bij een universiteit in Londen. Als geen ander merkt Hayashi toenemende internationale aandacht voor het fureai kippu systeem. Nu Europa te maken krijgt met een 'grijze golf', zoekt men ook in het Westen nieuwe manieren om de zorgbegroting binnen de perken te houden.

Hayashi heeft al verschillende vormen van ruilzorg onderzocht. Bijzonder is bijvoorbeeld een project van vrijwilligers 'op afstand', waarmee zonen of dochters in Tokio vrijwilligersuren kunnen sparen voor bejaarde ouders die misschien wel honderden kilometers verderop wonen. Zo kunnen kinderen zich via een omweg toch inzetten voor eigen familieleden. Een gecompliceerd project, vindt Hayashi. De meeste andere initiatieven, vaak op lokaal niveau georganiseerd, noemt ze minder omslachtig.

Japanse vrijwilligers nemen via ruilzorgprojecten vooral simpele klusjes op zich, zoals boodschappen doen met de buren, het organiseren van activiteiten in bejaardenhuizen of ritjes naar een arts of ziekenhuis.

Het is paradoxaal: vrijwilligerswerk doen in ruil voor een vergoeding. Toch kan Hayashi wel verklaren waarom het zorgruilstelsel juist in Japan groot werd. "Vanaf de jaren zeventig kwamen er steeds meer vrijwilligersorganisaties die oudere mensen allerlei soorten hulp aanboden. Vaak vonden de hulpontvangers het een beetje gênant om zomaar vrijwillige hulp te accepteren. De schaamte was een stuk minder als ze wisten dat de vrijwilliger er iets voor terugkreeg", vertelt Hayashi. "Zo kwamen er allerlei programma's, waarbij hulpontvangers een klein bedrag betaalden of zelf iets terug deden voor de gemeenschap. Op weer andere plekken regelde de gemeente een vergoeding voor de vrijwilligers."

"Veel Japanse vrijwilligers melden zich na hun pensionering. Tijdens hun werkzame leven waren ze gewend lange uren te maken en daarvoor erkenning te krijgen. Natuurlijk doen de gepensioneerden het vrijwilligerswerk in de eerste plaats omdat ze het leuk vinden, maar toch vinden ze het fijn om erkenning te krijgen", weet expert Hayashi.

In het snelvergrijzende Japan leidt ruilzorg volgens Hayashi zeker tot kostenbesparingen, maar hoeveel de staatskas uitspaart is niet te zeggen. "Verspreid over Japan zijn er honderden fureai kippu organisaties, ieder met een eigen ruilvorm en administratie. Dat maakt het onmogelijk precies te berekenen hoeveel geld ermee gemoeid is." In sommige gemeenten kunnen vrijwilligers bijvoorbeeld werken in ruil voor een korting op de premie voor de ziektekostenverzekering (zie kader).

Veiligheid

Kunnen Europese landen als Nederland het Japanse systeem simpelweg kopiëren? Volgens Hayashi zijn er een aantal kwesties waar staatssecretaris Van Rijn rekening mee zal moeten houden, zoals veiligheid. In Japan komt kleine criminaliteit bijna niet voor, dat maakt het voor Japanners makkelijker om vertrouwen te stellen in een onbekende vrijwilliger.

Ook juicht Hayashi het toe dat maatschappelijke organisaties de kans krijgen in samenwerking met gemeenten het werk te organiseren, los van de landelijke overheid. "Teveel 'topdown' sturing van ruilzorg kan ertoe leiden dat de geest van het vrijwilligerswerk verdwijnt."

"Tot mijn vierenzestigste werkte ik bij een bedrijf. Daarna vroeg ik me af: wat zal ik nu eens gaan doen?" Voor meneer Katagiri, inmiddels 81 jaar oud, was de keuze snel gemaakt. De schouders er maar weer onder. Nu als vrijwilliger, om de leegte in zijn werkweek op te vullen. Katagiri woont in de deelgemeente Inagi, ten westen van Tokio. Meer dan vijfhonderd vrijwilligers werken hier in ruil voor een korting op de premie voor de volksgezondheidsverzekering. Om grote bedragen gaat het niet. Per jaar kunnen de vrijwilligers sparen voor een korting van vijfduizend yen (ongeveer 35 euro).

Meneer Katagiri begon jaren geleden met zwemmen met gehandicapten, nu doet hij allerlei klusjes bij het vrijwilligerscentrum in Inagi, zoals helpen bij de eetclub met bejaarden die minder kwiek zijn dan hijzelf. Het vrijwilligerswerk helpt hem fit te blijven, zegt hij.

Trots laat meneer Katagiri het stempelboekje zien dat hij van de gemeente krijgt. Er zitten al ruim twintig stempels in, voor iedere twee uur die hij werkt, krijgt Katagiri een stempel. Met maximaal vijftig stempels per jaar kan hij de volledige premiekorting van 35 euro verdienen. "Maar daar doe ik het niet voor. Ik vind het leuk om de activiteiten te doen en in contact te blijven met anderen. Ook zonder die korting zou ik als vrijwilliger aan de slag gaan."

Mevrouw Ono gaat een paar keer per week met slechtzienden in haar eigen buurt aan de slag. "We lezen samen een boek of de krant. Andere keren doen we samen wat handwerk of drinken we thee. Dat soort dingen."

Ook zij heeft haar stempelboekje bij de hand. Toch is geld absoluut niet de reden waarom ze werkt als vrijwilligster: "Ik doe het voor mezelf. Het geeft een goed gevoel om als vrijwilliger te werken met mensen die hulp nodig hebben."

Toch motiveert het stempelboekje mevrouw Ono een beetje. Af en toe bladert ze het door om te kijken hoeveel stempels ze al verzameld heeft door haar vrijwilligerswerk. "Dat geeft best een fijn gevoel. Dan denk ik: moet je kijken, alweer zoveel uren gewerkt, ik heb flink mijn best gedaan."

Stempelboekje

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden