Rugbyteam is geen eendagsvlieg, maar het WK lijkt nog niet haalbaar

progressie | De kloof met de toplanden is voor het Nederlands rugbyteam nog te groot. 'Maar wij blijven groeien.'

Drie jaar geleden was het Nationaal Rugbycentrum het toneel van een heuse crisisvergadering. De bond stond diep in de rode cijfers en na een bewogen bijeenkomst stemden de leden in met het herstelplan. Hoe anders was de sfeer zaterdagmiddag op het Amsterdamse sportpark De Eendracht. Louter tevreden gezichten, want er zit weer leven in het Nederlandse rugby.

Na ruime overwinningen van twee vertegenwoordigende jeugdteams op hun Poolse leeftijdgenoten, boekte de nationale ploeg een overtuigende triomf op Moldavië (44-17). Het was na de winst op Oekraïne (12-54) de tweede zege op rij in het traject dat moet leiden naar het WK van 2019 in Tokio. Maar een debuut op de mondiale titelstrijd in Japan lijkt vooralsnog een station te ver.

"Het WK in Japan is een stapje te hoog", erkent Rik Roovers. De aanvoerder voegt er direct aan toe dat Nederland er op het WK van 2023 wel bij moet zijn. De kloof met de toplanden wordt kleiner. "Duitsland won onlangs van Uruguay, dat er op het laatste WK bij was", geeft Roovers als voorbeeld. "Wij speelden twee jaar geleden tegen de Duitsers een spannende wedstrijd. Zij zijn nu nog een niveautje te hoog, maar wij blijven groeien."

Een belangrijk aandeel in de opmars van het Nederlandse rugby hebben volgens Roovers de regionale academies. Aan het eind van het vorig decennium zette de rugbybond in samenwerking met onder meer sportkoepel NOC-NSF vijf van die academies op: in Den Haag, Heerenveen, Hilversum, Den Bosch en Alkmaar. Talenten vanaf twaalf jaar kunnen daar sport met school combineren.

"Op de academies worden de juiste talenten eruit gepikt", zegt Roovers, speler van Rugby Club Hilversum. "Zij worden klaargestoomd om naar het buitenland te worden uitgezonden, om daar nog beter te worden." Volgens Roovers wordt het rugby steeds populairder onder de jeugd. "In mijn tijd in Breda waren er niet genoeg jongens om een team op de been te brengen. Dat is nu wel anders."

Een van de talenten die via de academies de weg naar het Nederlands vijftiental heeft gevonden is David Weersma. Vijf jaar geleden kwam de nu nog pas 20-jarige Hagenaar via de Academie Zuid-West terecht in Zuid-Afrika. Eerst twee jaar bij de Nortworth Highschool en later drie jaar bij de Western Province Academy. Het laatste jaar zat Weersma er samen met de 19-jarige international Koos de Haan.

"De academies zijn belangrijk", zegt Weersma, de kicker die tegen Moldavië goed was voor negen punten. "Die jonge gasten daar trainen gewoon wekelijks veel. Dat was altijd het verschil met de grotere landen. Daar beginnen ze ook op jonge leeftijd met het maken van veel uren. Dat doen wij nu eindelijk ook. En het is mooi dat het gaat leven en dat je nu ook resultaten ziet."

Weersma speelde tegen Moldavië zijn tweede interland. Onder bondscoach Gareth Gilbert, tevens technisch-directeur bij de bond, maakten eerder deze maand tegen Oekraïne zeven spelers hun debuut. "We gaan echt een andere richting op", zegt Weersma. "De winst op Moldavië was een hele belangrijke stap. Vroeger had je na een goede wedstrijd twee slechte en daarna weer een goede. Nu hebben we laten zien dat we geen eendagsvlieg zijn."

Dit jaar sloeg Weersma een andere weg in. Na vijf jaar Zuid-Afrika koos hij voor FC Saint-Claude, een club uit een van de lagere Franse divisies. "Het is bedoeld als een opstartjaar. Ik moet in het systeem komen, goed spelen en dan hopen dat grotere clubs mij oppakken. Want het is wel de bedoeling dat ik hogerop ga. Dat ligt helemaal aan mijzelf. Ik moet zorgen dat de kicks erin gaan en dat er belangrijke mensen komen kijken."

Het WK van 2019 in Japan is niet iets waar Weersma dagelijks aan denkt. Hoewel hij wel erkent dat het gat met de grotere landen kleiner wordt. "Wij speelden laatst met de onder-20 gelijk tegen Duitsland. En op het WK zie je dat landen als Georgië en Japan goede resultaten neerzetten tegen grotere landen. Dat geeft ons wel hoop. Maar dan denk ik eerder aan 2023 dan aan 2019."

logge moldaviërs delven het onderspit

De Nederlandse rugbyploeg had zaterdag weinig moeite met Moldavië, een team met zware, grote en logge kerels. Zij hadden geen antwoord op de snelle en behendige Nederlandse voorwaartsen, die steeds door spelverdeler Storm Carroll in stelling werden gebracht. Het gevarieerde aanvalsspel van Nederland leidde tot tries van Dirk Danen (3), Josh Cascoigne (2), Sep Visser (1) en Mark Darlington (1). Kicker David Weersma was goed voor negen punten. Na de 44-17 overwinning op Moldavië voert Nederland de ranglijst aan van de Europe Trophy. De winnaar van deze tweede divisie van het mondiale rugby kan promoveren naar de Championships, waarvan de winnaar zich plaatst voor het WK van 2019 in Japan. Oekraïne, Portugal, Polen en Zwitserland zijn de andere tegenstanders van Nederland in de Europe Trophy. Eerstvolgende wedstrijd: 4 maart 2017, Nederland-Portugal.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden