Rubber als absolute grens tussen smaak en braak

Leuke anecdotes zijn er om naverteld te worden. Kent U die van die Japanners in Amsterdam?

Er waren eens Japanners die bij het Leidseplein affiches zagen hangen waarop Toneelgroep Amsterdam kond deed van haar voorstelling van Kleists 'Penthesilea'. Er waren drie exemplaren: een onder de schaamstreek afgesneden vrouwentors waarvan het hoofd schuil ging achter een opengeslagen boek met op de omslag haar ogen; een soortgelijke versie, maar dan met een mannenlijf, met het lid in ontspannen staat; en een waarop een vrouw een boek vasthoudt waarvan de omslag wordt gesierd door een pronte dildo. In de veronderstelling dat hier reclame voor een porno-show werd gemaakt, vervoegden de Japanners zich in de hal van de Stadsschouwburg. Wat had ik graag hun gezichten gezien, toen ze te horen kregen dat het hier ging om een Duitse toneelklassieker.

Die 'Penthesilea'-affiches waren ontworpen door Anton Beeke, wiens creaties vanaf het ontstaan van Toneelgroep Amsterdam op straat het gezicht van dit gezelschap hebben bepaald. Nu is het voor een nieuw ensemble, zeker wanneer het eerste bespeler is van de Amsterdamse schouwburg, belangrijk duidelijk te maken waar zij voor staat. Zonder overdrijving mogen we stellen dat Beeke deze smoelpresentatie - zoals dat in ambtenarenjargon heet de afgelopen paar jaar zo opmerkelijk vorm heeft gegeven, dat je er als voorbijganger letterlijk even bij stil stond. "Toneelgroep Amsterdam doet dingen die op het randje zijn, en dat mag op straat gezien worden. Dat moet." verklaarde Beeke enkele maanden terug in een vraaggesprek. Het thema van 'Penthesilea' was volgens hem de overheersing van de man over de vrouw. "(...) In 'Penthesilea' probeert meneer de koningin van de Amazones te kleineren. Niet de opwinding, verbeeld in de erectie, is vulgair, maar het verlangen om de vrouw naar beneden te drukken. Als je dat wil laten zien, heb je op zoveel centimeter papier maar een mogelijkheid. Het lichaam als beeld."

Dat lichaam, en vooral de erogene zones ervan, kwamen ook al voor op de affiches die Beeke vroeger ontwierp voor het inmiddels opgeheven Globe, het Eindhovense gezelschap dat de mensen leverde voor de artistieke leiding van Toneelgroep Amsterdam. Zelf beschouwde hij zijn ontwerp voor de Globevoorstelling 'Troilus en Cressida' als zeer geslaagd: een voorovergebogen naakte vrouw, op de rug gezien, ingesnoerd in een paardetuig. Zo neergeschreven klinkt dat stuitend, al heb ik dat destijds kennelijk niet zo ervaren, want ik kan me het beeld nauwelijks meer voor de geest halen.

Beeke had het lijf van dit halfvrouw-half-paard-creatuur witgepoederd, waardoor het enigszins abstract werd. Desondanks weigerden de organisatoren van een expositie van Beeke's werk in de staat New York aanvankelijk deze affiche op te hangen. Hij wist hen er evenwel van te overtuigen dat het zinloos was een hele tentoonstelling aan hem te wijden, als ze dit in zijn ogen maatgevende ontwerp niet accepteerden.

Beeke is niet de enige die het lichaam in zijn ontwerpen een prominente plaats geeft. Nog zo iemand is Erwin Olaf, de bekende en niet onomstreden fotograaf. Sinds het aantreden van Ivo van Hove als artistiek leider van Het Zuidelijk Toneel tekent hij voor de affiches voor de voorstellingen.

Zijn eerste, direct al spraakmakende ontwerp voor 'Het Zuiden' toonde een frontaal gefotografeerde zwarte mannentors. In mijn herinnering piepte het topje van een erectie het beeldkader binnen, maar de publiciteitsman van het gezelschap heeft mij verzekerd dat ik het bij het verkeerde eind had. Een kwestie van wishful thinking van mijn kant? Misschien. Hoewel, destijds was mijn eerste reactie op Olafs ontwerp - en op dat punt bedriegt mijn herinnering me niet - een gevoel van deja vu, direct gevolgd door de vraag die zich ook aandient bij de ontwerpen van Anton Beeke: Werken dit soort affiches niet averechts? Wie 'Het Zuiden' eenmaal had gezien, kon zich vermoedelijk nog wel verzoenen met Olafs interpretatie van het stuk. Maar het kost weinig moeite je voor te stellen dat een aantal potentiele bezoekers het juist vanwege dat affiche op voorhand liet afweten.

Kortgeleden dwarrelde de uitnodiging voor de nieuwste produktie van Het Zuidelijk Toneel op mijn bureau: 'Begeren onder de olmen' van Eugeen O'Neill. Bijgevoegd zat een folder met daarop een verkleinde weergave van het affiche: alweer een hoofdloos naakt vrouwenlijf waarvan de borsten, cup D, door een spleet in een gordijn met koeiehuid-motief naar buiten puilen.

Een blik was voldoende om een toneelliefhebster in mijn omgeving te laten gruwen. Bah, wat seksistisch, luidde haar oordeel. Alleen al die afbeelding stootte haar zo zeer af, dat ze ter plekke besloot de voorstelling te boycotten op de enige manier die voor haar open stond: weg blijven. Zoiets moet een gezelschap toch stof tot nadenken geven, want een affiche lijkt me onder meer bedoeld om het publiek het theater in te lokken, niet er weg te jagen.

Zelf merkte ik dat deze affiche gevaarlijk tegen de grens zat van wat ik (als vrouw, als theaterbezoeker) als niet-storend ervaar. Bovendien betwijfel ik hevig of dit beeld O'Neills stuk recht doet. Ja zeker, beweert de eerder genoemde publiciteitsman. Sterker nog, dit ontwerp is het eerste in de tot nu toe verschenen reeks dat de inhoud volledig dekt. Althans, zoals regisseur Ivo van Hove die inhoud heeft geinterpreteerd. Meer kan hij niet zeggen, de voorstelling is met nogal wat geheimzinnigheid omgeven, ik moet maar gewoon komen kijken. Ik denk dat hij gelijk heeft; op de premieredatum zal mijn nieuwsgierigheid het winnen van mijn ergernis.

Maar waar ik absoluut niet naar kan kijken zonder braakneigingen, is het affiche dat het Antwerpse gezelschap De Zwarte Komedie verspreid heeft ter gelegenheid van haar produktie 'Uit zelfbevrediging. De afwendbare opkomst van Karel D.'. Het toont twee aan een haakje opgehangen oranje condooms, waarvan een lekkend, omringd door zwarte letters in twee oranje blokken. Yuk! Pas nadat ik het exemplaar walgend in de prullenmand had gegooid, las ik in de bijgevoegde informatie dat het een persiflage is op het verkiezingsaffiche van het Vlaams Blok. De aangekondigde voorstelling, waarin het opkomend fascisme op de korrel wordt genomen, blijkt al weken voor de premiere (25 februari) de gemoederen van voor- en tegenstanders bezig te houden. De groep is overspoeld door telefonische dreigementen, waaronder de belofte het gebouw van de groep op de dag van de premiere in brand te steken; en skinheads mishandelden de bezoekers en gooiden de ruiten in van enkele cafes die het affiche hadden opgehangen.

Dat zijn griezelige en ontoelaatbare ontwikkelingen, die aan de Rushdie-affaire doen denken. Daarom is het te hopen dat De Zwarte Komedie de kans krijgt de voorstelling in volle vrijheid te spelen. Maar gezien de serieuze context vind ik het des te ellendiger dat de voorstelling gepaard gaat met zo'n weerzinwekkend affiche. De groep gaat wel eens op tournee, en zeker buiten Belgie lijkt het me onwaarschijnlijk dat mensen die niet op de hoogte zijn van de achtergrondgeschiedenis, zich bij het zien van twee condooms naar het theater zullen spoeden. En wat zouden bijvoorbeeld Japanners hier nu weer van denken?

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden