Rouvoet stelt eigen prioriteiten

Minister Rouvoet wil dat alle gemeenten de komende jaren een centrum voor Jeugd en Gezin krijgen.

In de grote steden moet zo’n laagdrempelig centrum voor opvoedingsondersteuning liefst in elke wijk komen. Die ambitie ontvouwde de nieuwe minister van Jeugd en Gezin gisteren in de Tweede Kamer. Hij wil hierover voor juni afspraken met gemeenten maken. In de nieuwe Centra voor Jeugd en Gezin moeten consultatiebureau, jeugdzorg, GGD en gezinscoaching zitten.

Rouvoet beloofde ook dat het al lang aangekondigde elektronisch kinddossier – waarbij alle ontwikkelingen van een kind vanaf diens geboorte worden bijgehouden – per 1 januari 2008 van start gaat.

Deze twee onderwerpen worden vooralsnog de hoofdpunten van zijn beleid, zo vertelde hij de eveneens spiksplinternieuwe Kamercommissie voor Jeugd en Gezin bij het eerste kennismakingsgesprek. De Tweede Kamer is ’zeer verheugd’ en ’enorm blij’ dat het land eindelijk een minister voor Jeugd en Gezin heeft. „Dit is een dag met een gouden randje”, onderstreepte CDA-Kamerlid Mirjam Sterk. „Om zo’n minister heeft het CDA sinds 1993 gevraagd.”

Maar na deze begroeting bleek de Kamer toch vooral in verwarring te zijn over het precieze takenpakket en de ’doorzettingsmacht’ die de gloednieuwe minister heeft. Want waarom gaat hij als minister van jeugd eigenlijk niet over de 56.000 voortijdig schoolverlaters in het onderwijs, of over sport – ook ’essentieel’ voor de ontwikkeling van een kind, of het bestrijden van de armoede onder 461.000 kinderen in Nederland? En heeft hij als minister eigenlijk wel geld om beleid te maken?

Minister Rouvoet liet zich echter niet zo snel van zijn stuk brengen. Hij ’begreep best’ dat de Kamer moest wennen aan het nieuwe fenomeen van ’programminister’ zoals dit kabinet heeft ingesteld. Dit nieuwe type minister moet over het hele kabinetsbeleid in de gaten houden of de belangen van het kind en het gezin wel goed worden gediend. Rouvoet voert nu gesprekken met kinderen, instellingen en gemeenten om ’de problemen’ in kaart te brengen.

Dat hij als minister niet rechtstreeks over schoolverlaters, sport of arme kinderen gaat, vindt Rouvoet geen probleem. „Want jeugd en gezin is een kabinetsbreed gedragen kerndoel”, benadrukte hij. En de minister heeft wél de bevoegdheid gekregen zich te mogen bemoeien met alle jeugdonderwerpen die onder andere bewindslieden vallen. „Ik hoef niet zelf alle onderwerpen te doen, maar ik wil wél overal bijzitten.”

Bovendien heeft hij als minister wel degelijk eigen geld gekregen, bijvoorbeeld voor kinderopvang, kinderbijslag en kindtoeslagen. Rouvoet: „Ik heb zo’n 6 miljard euro op mijn begroting, ik heb eigen ambtenaren om aan te sturen en ik kan dus eigen prioriteiten stellen. Het enige wat ik niet heb, is een eigen gebouw. Maar dat heb ik niet nodig.”

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden