Rotterdams Orkest begint in wankel evenwicht

Zondagmiddag is de laatste herhaling van dit programma.

Jeffrey Tate heeft in zijn eerste seizoen als chefdirigent wisselende indrukken achtergelaten. Die bevestigde hij nu in feite, terwijl hij op de valreep van het vorige seizoen nog voor een aardige voltreffer had gezorgd met Bartoks 'Blauwbaard'. Het programma waar het nu om gaat - een van de opmaten tot de toernee door Spanje en Zuid-Amerika in november - liet geen orkest horen dat sinds enige jaren in zijn beste momenten de top naar de kroon steekt.

Verstoord

Dankzij treinvertraging miste ik de opening, de Symfonische etude die Hendrik Andriessen in 1952 op 60jarige leeftijd componeerde. Schuberts tweede symfonie is ook een aardige binnenkomer, maar het wankele evenwicht van deze uitvoering verstoorde mijn geluk wel enigszins.

Tate heeft mij vaak verbaasd met het perfecte understatement waarmee hij de latere symfonieen van Haydn in de kern weet te raken. Schuberts tweede ligt in dat verlengde.

De mengeling van lichte frivoliteit en wat zwaardere melancholie bespeelde Tate vakkundig, maar de zorgvuldigheid in ritmiek, frasering en klankevenwicht waarmee hij Haydn (althans op cd) omringde, ontbrak bijna volledig. Schubert gespeeld als tussendoortje.

Meer zorgen

Dat het orkest daarbij steken liet vallen, inzetten op het nippertje haalde of miste en aan klankschoonheid inboette, is een facet dat nog meer zorgen mag baren.

De moeizaam verworven homogeniteit en warmte in het strijkerscorps was ver te zoeken en zelfs de blazers, sinds jaar en dag de sterke troef van het RPhO, lieten het afweten.

Nog sterker speelde dat alles in Brahms' eerste pianoconcert. De Argentijnse toppianist Bruno Leonardo Gelber, die het orkest ook op de komende toernee zal vergezellen, speelt zo makkelijk piano dat je er koud van wordt.

Hij heeft zowel voor de lyriek als voor de heroische kanten van Brahms een feilloos gevoel. Zijn inzet was bijna kamermuzikaal, wat heel sterk over kwam, waarna hij snel met krachtige akkoordpassages duidelijk maakte ook de symfonisch denkende Brahms gelijk te kunnen geven.

Tussen die twee uitersten beweegt dit werk zich steeds, en Gelber wist daar toch een natuurlijk evenwicht in te vinden.

In de eerste twee delen kon Tate hem nog net bijbenen, daarna werd het een rommeltje dat zelfs Gelber tot misslagen bracht.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden