Rory MacLean over zijn Berlijn

Geen stad ter wereld die zo vaak zo machtig was en zo diep is gevallen

Je struikelt over de geschiedenis in Berlijn, soms zelfs letterlijk: nogal wat trottoirs tellen Stolpersteine met de naam van een (bekende) Berlijner die hier heeft gewoond - meestal gaat het om iemand die vlak voor of tijdens de Tweede Wereldoorlog door de nazi's is weggevoerd en vermoord.

Ook de straat waar ik een paar jaar heb gewoond kent zulke 'struikelstenen'. In mijn appartement zaten bovendien diverse kogelgaten met een verleden. De huisbaas kon moeiteloos vertellen welke gaten er in de Tweede Wereldoorlog waren geslagen en welke vlak na het einde van de Eerste toen het verslagen Duitsland in de greep was van revolutie en opstand.

Om de hoek was op 2 juni 1967, tijdens een staatsbezoek van de sjah van Perzië, de student Benno Ohnesorg doodgeschoten door een politieman in burger (tientallen jaren later werd bekend dat deze West-Duitse stille een medewerker van de Oost-Duitse Stasi was, de geheime dienst in de DDR). De Bewegung 2. Juni, voorloper van de linkse terreurgroep Rote Armee Fraktion, ontleende haar naam aan de datum van Ohnesorgs dood.

Even de andere kant op raakte in april 1968 de studentenleider Rudi Dutschke zwaargewond bij een aanslag. Hij werd nooit meer de oude; als gevolg van de hersenbeschadiging die hij had opgelopen stierf hij bijna twaalf jaar later.

Overal in de Duitse hoofdstad, in West en Oost, word je aan de geschiedenis herinnerd, vooral aan de gewelddadige twintigste eeuw. Twaalf jaar lang was Berlijn het centrum van het naziregime van Adolf Hitler, daarna maakte ruim vier decennia het communisme de dienst uit in het oosten van de metropool.

Er is geen stad die zo vaak zo machtig is geweest en zo diep is gevallen, schrijft de Canadees Rory MacLean in zijn interessante boek 'Berlijn, een bewogen geschiedenis'. In Parijs draait het om de romantische liefde, New York is energie, Londen was en is trendy, in Berlijn gaat het om 'veranderlijkheid' - in de oorspronkelijke, Engelse tekst staat de term volatility wat ook beweeglijkheid betekent.

Rory MacLean (1954) kwam al in Berlijn toen de Muur er nog stond en raakte stilaan verliefd op de stad. Hij maakte er films en schreef er zijn eerste boek: 'Stalin's Nose' (1992), verslag van een reis, per Trabant, van de Duitse hoofdstad naar Moskou. Hij heeft zich inmiddels in Berlijn gevestigd.

In 'Berlijn, een bewogen geschiedenis' vertelt hij de historie van de stad aan de hand van portretten van een kleine 25 mensen die er ooit hebben gewoond: Duitsers, maar ook buitenlanders, en een enkeling met een dubbele nationaliteit, de zangeres en filmster Marlene Dietrich. Zij haatte Hitler en de nazi's zozeer dat zij naar de Verenigde Staten emigreerde en de Amerikaanse nationaliteit aannam. Tijdens de Tweede Wereldoorlog trad ze op voor geallieerde soldaten. Bij haar terugkeer in Berlijn begin jaren zestig werd ze door sommige Berlijners uitbundig toegejuicht, onder wie burgemeester Willy Brandt. Anderen kotsten haar uit, vanwege haar 'verraad' in de oorlog.

Het zijn niet allemaal beroemdheden uit het recente verleden die MacLean portretteert. Hij beschrijft ook mensen uit vervlogen eeuwen. Zijn criterium is dat het mensen zijn die door Berlijn ('dit laboratorium van creativiteit en kwaadaardigheid') zijn uitgedaagd 'om hun verbeelding te gebruiken'.

Zo komt David Bowie aan bod (de auteur kent hem persoonlijk) die in Berlijn afkickte van zijn verslaving aan alcohol en coke en die er zijn schitterende 'Heroes' schreef met daarin een verwijzing naar Oost-Duitse grenswachten. Ook Albert Speer komt langs, de architect van Hitler, die van Berlijn 'Germania' wilde maken. En we lezen over Fritz Haber, de uitvinder van gifgas, dat in de Eerste Wereldoorlog voor het eerst werd gebruikt. Kort na die oorlog kreeg hij toch de Nobelprijs, vanwege zijn bijdrage aan de ontwikkeling van kunstmest. En bijna vanzelfsprekend is er een hoofdstuk gewijd aan John Kennedy die in 1963 de beroemde woorden uitsprak: 'Ich bin ein Berliner.'

De portretten zijn gemiddeld maar zo'n vijftien tot twintig pagina's lang. MacLean weet daarin meestal toch een scherp beeld te schetsen van de betrokken man of vrouw, met vaak verrassende waarnemingen. Hij laat zijn hoofdpersonen ook regelmatig in andere hoofdstukken terugkomen zodat er lijn in het boek komt.

In zijn voor- en nawoord legt MacLean in korte krachtige zinnen helder uit waarom hij zo onder de indruk is van Berlijn.

Anders dan Parijs of Amsterdam is het geen uitgesproken mooie stad, maar wel een weldadige: ruim, groen, ontspannen, barstensvol cultuur, een heerlijke plaatsom te wonen, en 'een van de creatiefste steden van de wereld'.

Het is allemaal prachtig beschreven, de auteur heeft een uitstekende pen.

Een prima boek voor in de trein op weg naar een weekendje Berlijn.

Rory MacLean: Berlijn, een bewogen geschiedenis. (Berlin: Imagine a City)

Vertaald door Marie-Christine Ruijs en Pon Ruiter. De Bezige Bij, Antwerpen. 448 blz. euro 29,99

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden