Review

Roothaert blijft een 'foute' Nederlander

Frans Walch: Roothaert. De Prom, Baarn; 429 blz. - ¿ 49,50.

Dat Roothaert een beroemde (de Vlimmen-triologie en enkele detectives) schrijver was maar meestal géén literator wordt gevonden, dat is niet zo'n ramp. Dat hij een felle anti-klerikaal was, is ook tegenwoordig niet meer zo'n drama en zowel uit zijn karakter als uit zijn jeugd in Tilburg verklaarbaar. Maar die 'foute' episode probeert Walch met alle middelen alsnog te kleineren, want die komt in elke publicatie over Roothaert weer overheersend tevoorschijn. Ten onrechte vindt Walch. Maar na zijn dikke biografie rest weinig meer dan de conclusie dat Roothaert gerust een 'foute' Nederlander met antisemitische trekken genoemd kan worden.

Zijn boeken 'Camera loopt!' en 'Chinese handwassing' leveren voor dat laatste genoeg bewijs. Maar, zegt Walch, dat kan alleen beweerd worden indien men citaten uit die boeken uit hun verband rukt. En bovendien, antisemitisme was voor de oorlog in Nederland heel gewoon, niet het minst onder rooms-katholieken. Waarna hij zelf één half citaat uit 'Camera loopt!' rukt om ermee te bewijzen dat Roothaert zelfs allerminst een antisemiet genoemd kan worden.

Voor dat 'foute' Nederlander draagt Walch veel meer aan, maar kleineert dat doorgaans. Roothaert had nogal wat vrienden die fout waren of werden tijdens de oorlog. Maar zelf gaf hij, tegenover een van die vrienden, te kennen dat hij niets met de NSB te maken wilde hebben.

Zijn grote vriend Huub Pulles (naar wie dokter Vlimmen was gemodelleerd) was NSB'er en tijdens de oorlog burgemeester van Eindhoven, maar Roothaert had in die tijd het contact verbroken. In het jaar dat Roothaert veroordeeld werd nam hij pas weer de oude draad op.

In 1941 schreef Roothaert nog een bijdrage voor De Telegraaf, maar dan staat de censuur nog in de kinderschoenen, meent Walch. Bovendien schreven Clara Eggink en Anton van Duinkerken ook zo'n stuk.

Roothaert sympathiseerde al vóór de oorlog met de Vlaamse beweging, die tijdens de oorlog de Duitsers steunde, en woonde tijdens de oorlog in het Belgische Deurne. Maar Roothaert bemoeide zich niet met hun strijd, zegt Walch. Maar toch lang niet alle Vlamingen waren die beweging toegedaan?.

Mr. A. Roothaert werd lid van de Kultuurkamer. Op 22 september 1941 schreef Roothaert aan J. van Ham van de Hauptabteilung Volksaufklürung und Propaganda over zijn nieuwe boek 'De vlam in de pan': “Het boek wordt geschreven in nationaal-socialistischen geest, met dien verstande, dat het tegengif in kleine, haast onmerkbare beetjes wordt toegediend, anders kijkt bij de huidige verdwazing onze brave burger niet naar het boek om. Het is mijn bedoeling de tegenpartij tot nadenken te brengen en daarvoor moet ik haar eerst bereiken.”

Daarover wil Walch slechts vermoedens uiten: “Hij moest en zou zijn mobilisatie- en oorlogservaringen publiceren, ook al was daarvoor een lichte buiging richting Nieuwe Orde noodzakelijk. Bovendien was hij al een eind op weg en zou zich voor niets hebben ingespannen indien het boek niet uitgegeven mocht worden.” Een lichte buiging en wat opportunisme?

Na de oorlog werd Roothaert, overigens pas in 1951 veroordeeld wegens “zich in dienst hebben gesteld van de vijandelijke propaganda of die hebben bevorderd, of hun beroep op zodanige wijze hebben vervuld, dat mede daardoor nationaal-socialistische beginselen of denkbeelden ingang zouden hebben kunnen vinden”.

Zo lijkt me de biografie van mr. A. Roothaert een vrij aardige documentatie van de 'foute' Roothaert, die als schrijver al bijna vergeten was.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden