Rood-K6, dol op friet én de kust

Sinds enige tijd woont uw columnist in Utrecht. Het lawaai van Rotterdamse halsbandparkieten heeft plaatsgemaakt voor het hese gekrijs van meeuwen. Vreemd, Utrecht ligt ver van zee en hoewel de stad in de tijd van de Romeinen nog aan een splitsing van zijtakken van de Rijn lag en een verbinding met zee had, is tegenwoordig een viskraam op de markt het enige dat Utrecht en de zee met elkaar verbindt. Toch klinkt het met grote regelmaat alsof je je in de haven van Scheveningen of IJmuiden bevindt. In alle vroegte zit 's morgens een kleine mantelmeeuw zijn keel schor te blèren op de nok van het stadhuis.

Voor de leek is een kleine mantelmeeuw hetzelfde als een zilvermeeuw, met hooguit een iets donkerder rug. De leek heeft gelijk. Het onderscheid tussen zilvermeeuwen, kleine mantelmeeuwen, geelpootmeeuwen en Pontische meeuwen is dusdanig subtiel, dat ze in de dierkundige systematiek worden samengevat als het 'zilver-kleine mantel-complex'.

Ze zijn ongeveer even groot en de kleurverschillen van rug en poten niet altijd duidelijk. In ons land kunnen ze allemaal worden aangetroffen, waardoor het nog lastiger is om zeker te weten wat je ziet. Wat ze behalve een identiek uiterlijk ook met elkaar gemeen hebben, is hun enorme aanpassingsvermogen aan de menselijke omgeving. Meeuwen zijn commensalen, ze profiteren lekker mee van onze welvaartsmaatschappij.

In Leiden zijn de meeuwen een plaag, ze trokken er alle vuilniszakken open tot die van overheidswege meeuwbestendig werden gemaakt. In de collectie van het Natuurhistorisch Museum Rotterdam bevindt zich een partij braakballen van meeuwen die op de Maasvlakte broedden en hun voedsel van de vuilstort in Breda haalden. Er zit van alles in: van worstloodjes en -velletjes en een plastic soldaatje tot gebruikte voorbehoedmiddelen; alleen van dat soldaatje valt de voedingswaarde te betwijfelen.

Eveneens in Rotterdam is al sinds 2011 een zilvermeeuw met ringnummer Rood-K6 vaste gast bij de frietkraam op het Binnenwegplein. Het dier woont tussen de ertshopen in de Europoort, maar daar is geen eten te vinden. Vooral in de zomer, wanneer de meeuwen hongerige jongen hebben, zoeken ze hun heil graag in de stad of op vuilnisbelten, waar eiwitrijk voedsel letterlijk voor het oprapen ligt. De rest van het jaar vliegt Rood-K6 ook graag naar de kust, zo liep zij onlangs op de Zandmotor bij Kijkduin, maar deze zomer ook weer bij haar favoriete frietkraam.

Een onderzoeksgroep van de Universiteit van Amsterdam doet al jaren onderzoek naar foeragerende meeuwen en hun migratiegedrag. Met behulp van gps-trackers, zendertjes en goede software zijn de vogels minutieus te volgen. Al eerder ontdekte men een meeuw die vanuit Zeebrugge helemaal naar Moeskroen vloog om daar bij een chipsfabriek afgekeurde chips uit een afvalbak te peuren.

Volgens een recentelijk in PLOS-One gepubliceerd onderzoek verschaffen Spaanse geelpootmeeuwen zelfs forensische informatie. De biologen vonden een onverklaarbare concentratie gps-meldingen van een plek bij een beschermd natuurgebied in de buurt van Cadíz. Toen men ging kijken wat daar te verschalken viel, werd een illegale vuilstort aangetroffen. Die is nu opgeruimd, met dank aan de meeuwen.

Jelle Reumer is paleontoloog

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden