Rondpompen en heen en weer schuiven

Wie vastloopt op school kan altijd nog op het laagste mbo-niveau terecht. Maar een voorstel dat minister Van Bijsterveldt aan haar opvolger nalaat, stelt daar paal en perk aan. Veel jongeren dreigen nu tussen wal en schip terecht te komen.

'Ik wil even iets zeggen over je presentatie", zegt docent Marco Koper. Hij speelt 'galgje' met zijn klas en een van de leerlingen is net aan de beurt geweest om naar voren te komen en een woord in gedachten te nemen waarnaar zijn klasgenoten moeten raden. Staand voor het schoolbord biedt hij met zijn afgezakte spijkerbroek een ruim zicht op zijn groene ondergoed.

Dat is niet naar de zin van zijn docent. "Als je je voor een groep presenteert, moet je ook op je uiterlijk letten", legt Koper uit. Zijn leerling belooft dat hij 'eraan gaat werken'. Als hij even later opnieuw aan de beurt is om naar voren te komen, heeft hij zijn broek een flink stuk omhoog gesjord.

"Hier leren ze heel veel van", zegt Koper na de les over het spel. Allereerst oefenen ze met spelling - niet overbodig voor jongeren die het woord zwachtels spellen als 'zwagsels'. Maar net zo belangrijk: Koper heeft hen zelf laten bepalen wat precies de regels zijn. "En daar moeten ze zich dan ook aan houden. Ze mogen niet door elkaar roepen, moeten respect tonen voor elkaars antwoorden. En tegelijk leren ze zich te concentreren."

Dat zijn vaardigheden die de tien jongeren uit deze klas niet als vanzelfsprekend onder de knie hebben. Dit is een klas van ROC Op Maat in Amsterdam-Zuidoost, een opleiding op niveau 1, de laagste trede in het mbo. Opleidingen als deze trekken in heel Nederland zo'n 25.000 jongeren, met heel verschillende achtergronden. Een opleiding op een hoger niveau is voor hen te hoog gegrepen. Maar vaak heeft dat niet te maken met hun aanleg om te leren, maar met de situatie thuis. Áls er al sprake is van een 'thuis'. Op tijd komen, met twee woorden spreken - met dat soort basale zaken begint hun opleiding vaak.

"Sommige van onze leerlingen hebben op straat geleefd", vertelt schoolleider Debby Saptenno van ROC Op Maat. "Of ze hebben drugsverslaafde ouders. Of ze zijn mishandeld. Er zijn ook meiden bij die al heel jong moeder zijn geworden. Een aantal heeft al een tijdje jeugdgevangenis achter de rug, en niet omdat ze een rol drop hebben gepikt."

Op andere scholen hebben deze jongeren het niet gered. Sommigen hebben nog wel hun vmbo-diploma weten te halen, anderen niet. Een deel heeft het ook al op mbo-niveau 2 geprobeerd, maar is daar vastgelopen. De bedoeling van opleidingen als die van ROC Op Maat is om deze jongeren in één à anderhalf jaar klaar te stomen voor ofwel een baan ofwel een vervolgopleiding op een hoger niveau.

In Amsterdam-Zuidoost lukt dat vaak genoeg: 70 procent haalt het mbo-1-diploma, 35 procent haalt vervolgens ook een diploma op een hoger niveau. "Dat vinden wij redelijk", zegt Saptenno, "gezien waar deze jongeren vandaan komen."

Dat vindt ook minister Van Bijsterveldt. Toch vindt zij dat de opleidingen op mbo-niveau 1 vernieuwd moeten worden. Ze krijgen een nieuwe naam: entreeopleidingen. De kwaliteit moet beter en het aantal uitvallers moet fors omlaag. Dat kan alleen als deze opleidingen niet langer als vergaarbak dienen voor álle jongeren die elders vastgelopen zijn, om wat voor reden dan ook. Voortaan moeten ze zich richten op een veel duidelijker afgebakende doelgroep: straks worden alleen jongeren toegelaten die géén vmbo-diploma hebben en daardoor dus inderdaad nergens anders terechtkunnen.

Het wetsvoorstel waarin deze plannen zijn verwerkt, ligt inmiddels ruim een half jaar bij de Tweede Kamer. Maar door de val van het kabinet is de invoering ervan minstens een jaar uitgesteld, tot 2014. En dat is maar goed ook, vindt een aantal betrokkenen, want daardoor is er nog tijd om goed na te denken over de gevolgen. Want het wetsvoorstel maakt niet alleen duidelijk wie er wél thuishoort op deze entreeopleidingen, maar ook wie er straks niét meer toegelaten wordt. Waar moet deze groep jongeren na 2014 naartoe?

"Buiten de boot vallen degenen die wel een vmbo-diploma hebben gehaald en daarom in theorie ook naar een mbo-2-opleiding zouden kunnen, maar voor wie dat in de praktijk toch te hoog gegrepen is", zegt Frank van Hout, bestuurder van het Friesland College, waar zo'n tweehonderd jongeren een mbo-1-opleiding volgen. "Zij lopen vast, niet zozeer omdat ze het leerniveau niet aankunnen, maar vooral omdat allerlei andere problemen hen afhouden van succes op school. Deels gaat het om problemen in hun eigen gedrag. Maar het gaat vaak ook om de situatie thuis, om problemen met drugs en criminaliteit en noem maar op."

Voor veel van deze jongeren is een mbo-opleiding op niveau 1 nu nog de laatste strohalm. Maar straks worden zij daar dus niet meer toegelaten, omdat ze al een vmbo-diploma op zak hebben. Van Hout: "Deze groep dreigt tussen wal en schip terecht te komen."

Speciaal voor dit soort jongeren zijn de afgelopen jaren her en der in het land weliswaar zogeheten plusvoorzieningen opgezet, plekken waar jongeren die vastgelopen zijn weer op weg geholpen worden met onderwijs en zorg op maat. Daar moet deze hele groep straks naartoe, redeneert minister Van Bijsterveldt. Maar dat is een grote gok, vindt Van Hout. Ten eerste heeft lang niet elke regio al zo'n plusvoorziening. "En die voorzieningen bestaan nog niet lang, het is nog onduidelijk of hun aanpak werkt. Het is heel riskant om daar nu al alle kaarten op te zetten."

Het wetsvoorstel bevat nog een bepaling waarvan de gevolgen niet te overzien zijn, vervolgt Van Hout. Jongeren die geen enkele vooruitgang boeken op hun entreeopleiding, kunnen straks een bindend studieadvies krijgen. Voor degenen die nog geen achttien jaar zijn, betekent dat dat ze naar een andere opleiding gestuurd kunnen worden. Wie eenmaal achttien is, kan ook gewoon uitgeschreven worden. "Tot hun achttiende worden deze jongeren dus rondgepompt van de ene naar de andere entreeopleiding. En na hun achttiende zullen ze als een hete aardappel heen en weer geschoven worden door school en gemeente - want daar zullen ze aankloppen voor een uitkering."

Veel gemeenten bezien de gevolgen van de nieuwe wet met argusogen, weet ook Ton Eimers van het Kenniscentrum Beroepsonderwijs Arbeidsmarkt. Die hebben de regel dat jongeren ofwel naar school moeten gaan ofwel moeten werken. "Een uitkering krijgen ze pas als ze aantoonbaar 'niet-leerbaar' zijn. Voor jongeren die echt niets willen, kon zo'n negatief studieadvies wel eens een aantrekkelijk papiertje zijn, als bewijs dat ze uitgeleerd zijn."

Jawel, voor de groep die straks nog wel toegelaten wordt op de entreeopleiding, zijn de nieuwe regels een vooruitgang, erkennen Van Hout en Eimers allebei. "Dat zijn degenen die geen vmbo-diploma hebben, maar die wel een beetje weten wat ze willen", zo omschrijft Van Hout die groep. "Die komen straks in homogenere klassen terecht, en daarmee kunnen we hen inderdaad beter bedienen."

Maar wat voor deze groep goed uitpakt, waarschuwt Eimers, bedreigt de vooruitzichten van anderen. "Dat is de afgelopen jaren vaker gebeurd met plannen voor dit soort jongeren: er wordt iets bedacht dat passend is voor één bepaalde groep, maar dat sluit voor veel anderen de deuren."

Drempels in het mbo
"De vernieuwing van het mbo op niveau 1 komt voort uit de wens om het rendement van de eigen opleidingen te verhogen, niet om probleemjongeren beter te helpen", zegt Ton Eimers van het Kenniscentrum Beroepsonderwijs Arbeidsmarkt. Het mbo heeft vier niveaus. De hoogste (bijvoorbeeld voor banen in het middenkader van bedrijven) zijn alleen voor jongeren met een vmbo- of havo-diploma. Voor niveau 1 en 2 is nu geen enkel diploma vereist.

Van die 'drempelloze instroom' wil het mbo af, met name op niveau 2, want die scheept de opleidingen op met jongeren die er niets te zoeken hebben. Velen vallen voortijdig uit, en dat drukt de rendementscijfers.

In het wetsvoorstel dat nu bij de Tweede Kamer ligt, heeft minister Van Bijsterveldt die wens van de mbo-scholen ingewilligd. Straks is ook voor toelating op mbo-niveau 2 een vmbo-diploma nodig. Alleen op niveau 1 mogen jongeren zonder diploma beginnen. De minister ging zelfs nog een stap verder: jongeren mét een vmbo-diploma worden op niveau 1 geweigerd. "Daarmee sluit ze de deur voor jongeren die nergens anders terecht kunnen", zegt Eimers.

undefined

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden