Column

Roger Federer en de zen van de service

Roger Federer. Beeld Wim Boevin000

De zomerrug bolt op met ver verspreide isobaren. Daar is de Tour met zijn jaarlijks uitgerolde, naar helden snakkende verhalen en Wimbledon met zijn aardbeien en room en zijn doodernstige racketmiljonairs.

Journalistiek wordt sportjournalistiek. Maar hier geen ellebogende, door liefhebbers aanbeden Sagan. Ik kijk naar een andere held, geen tragische, maar een gewone. Een burgerman.

Roger Federer is een man in de plooi. Zijn carrière is onberispelijk. Zijn kleding is stijlvast. Hij zegt altijd het juiste. Is immer hoffelijk en beleefd. Zijn huwelijk is goed. Hij heeft twee tweelingen. Roger Federer is in balans.

Je ziet het aan zijn opslag. Die is strak, maar zonder spanning. Eraan vooraf gaat geen denken, maar een bijna feilloos sturen. De zen van het boogschieten is hier de zen van de service.

Hij kan het slapend, of liever: in verlaagd bewustzijn. Hij is. Hij slaat aces op innerlijke kracht. Meestal bij 0-30. Of 30-40.

Vingeroefening

Hij is 35. "Ik ben geen 22 meer", zei hij tegen de BBC. "Maar je bent weer favoriet voor de titel op Wimbledon", zei de BBC. Hij lacht dat weg. Wijst naar anderen.

Hij schrapte het gravel van Roland Garros en de French Open uit zijn schema.

"Ik ben geen 22 meer, ik ben geen Pacman die alles weghapt."

Nee, hij ging wandelen in de bergen. Bezocht met zijn vrouw modeshows in Parijs. Ging weer met haar op reis, voor het eerst zonder de kinderen.

Alleen op Wimbledon wil hij nog pieken. The Australian Open in januari was een vingeroefening. Dat hij die won verraste hemzelf nog het meest.

Zo spreekt Roger Federer met de BBC.

In de middag debuteert hij - in de editie van 2017 - op het centre court.

De bandana smetteloos wit, perfect geknoopt, de veeg van het sponsorlogo precies in het midden, de uiteinden een propeller tegen zijn achterhoofd.

Een samoerai in zijn queeste naar perfectie.

Zijn tegenstander een kleine Oekraïner met felle motoriek en een snijdend arsenaal van gemene forehands.

Zijn enkel is omzwachteld.

Lang duurt zijn verzet niet, hij moet geblesseerd opgeven.

De sport onstegen

Aan het net een korte omhelzing van de zenmeester die nog maagdelijk wit is. Aan de zijkant van de baan deelt hij een paar handtekeningen uit, lacht even mee met andermans selfie, en staat weer vriendelijk de BBC te woord om het juiste te zeggen.

Hij kan respect tonen voor zijn opponent en tegelijkertijd het systeem kritiseren dat bevordert dat geblesseerde spelers op de baan komen om alleen maar het prijzengeld te incasseren.

Ik bestudeer zijn gezicht terwijl hij spreekt. Het witte boordje van zijn shirt; kreukloos.

De tenniswereld kent vele scholen en stijlen. Djokovic, de buigzame. Murray, de stramme. De machine Nadal, met al zijn tics, de broek uit de bilnaad geplukt, het shirt gerecht aan beide schouders, de veegjes langs de wenkbrauwen, de minachtende mond na een gewonnen punt.

Ik zie veel tennis die dag. Djokovic- Klizan, Kerber-Falconi, Babos-Wozniacki, Jabeur-Kuznetsova, Mannarino-Lopez. Maar nergens een mens die zo de eigen sport is ontstegen.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden