Roesjes overwinteren vaak in huis

Ik vind het roesje een fraaie nachtvlinder, bleek roestkleurig, deels donkerbruin met lichte dwarslijnen, aan de vleugelwortel en in het midden geel met scharlakenrode bestuiving. De punt van de aan de top sterk verbrede voorvleugels is sikkelvormig en de beharing op het borststuk vormt een scherpe kam.

Hij overwintert in gebouwen, holle bomen en grotten. Dat doet hij al in september, zoals ik me kan herinneren van de lagere school, waar in de gang altijd drie of vier roesjes sliepen. De overwinteraars komen in april tevoorschijn en vliegen tot in juli.

De eitjes overwinteren. Een deel van de vlinders wacht met eieren afzetten tot na de overwintering en zet de eitjes dus in het daaropvolgende jaar af.

In mei en juni en van juli tot in september leven de rupsen op wilgen en populieren. Ze zijn beweeglijk, opvallend lang, grasgroen met een donkere rug en gele lengtelijnen op de flanken. Ook de matzwarte pop is heel levendig. Daarvoor spint de rups met wit spinsel twee bladeren aan elkaar. Daartussen maakt hij een ijl spinsel. De pop komt al na een week uit.

Eindelijk zijn de wilgen echt helemaal kaal. Het lijkt alsof het elk jaar langer duurt voordat ze hun laatste blad laten vallen. Tegen een huismuur zag ik al weer de eerste bloeiende winterjasmijn.

Op loofbomen als populieren en wilgen zijn nu de grote oesterzwammen te vinden, leigrijze zwammen met zijdelingse stelen en witte plaatjes.

Dankzij het zachte weer hoor je nu in de stad hier en daar merels een zacht prevelend liedje zingen.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden