Tien geboden

Rodaan Al-Galidi: Het is doodstil, vlak voor een raket inslaat. En op zondag in Zwolle.

Rodaan Al GalidiBeeld Mark Kohn

Rodaan Al Galidi (Irak, 1971) woont sinds 1998 in Nederland. Hij noemt zichzelf 'Asielzoeker des Vaderlands' of hippie, maar hij is vooral bekend als schrijver en dichter. "De mensen in het Westen hebben erg de neiging om te blijven hangen in hun woede en in hun verdriet", zegt hij in de interviewserie 'Tien Geboden'.

I Gij zult geen andere goden voor mijn aangezicht hebben

"Als God niet bestaat, dan is de aarde een vreselijk theater voor een afschuwelijk drama. Dan zijn wij niet meer dan een stel muggen die elk moment doodgemept kunnen worden. We hebben een hemel nodig voor de slachtoffers van al die oorlogen, voor de gehandicapte kinderen, voor de mensen die een leven lang niets anders dan honger en armoede hebben gekend.

Ik geloof in God, maar niet in de God van de mannen. De mannen zijn het grootste probleem. Mannetjes die bepalen wat God van ons verlangt. Mijn vader zei: 'Als je de regeltjes van de mannen volgt, dan eindig je niet in de hemel maar in de hel. Je hoeft geen ramadan te doen. Je hoeft niet vijf keer per dag te bidden. Als je één keer in je leven bidt, is het al genoeg.'"

II Gij zult u geen gesneden beeld maken noch enige gestalte van wat boven in de hemel, noch van wat beneden op de aarde, noch van wat in de wateren onder de aarde is

"Het lijkt me beter om geen afbeelding van de profeet Mohammed te maken. Stel je voor: de sjiieten geven hem een lange baard en groene kleren terwijl de soennieten kiezen voor een zwarte outfit en een snor! Dan krijg je Mohammed tegen Mohammed, terwijl er al over zoveel dingetjes oorlog wordt gevoerd.

Ik zal nooit zeggen dat je geen grappen over de profeet Mohammed mag maken, maar ik zou het wel jammer vinden als je dat deed.

In het Midden-Oosten leven miljoenen moslims die als beesten werken en toch helemaal niets bezitten; geen eigen slaapkamer, geen allriskverzekering, geen vakantiedagen, niks. Geen honderden soorten wijn en bier, geen tientallen soorten brood of vijf soorten bananen. Het enige wat ze hebben, is Mohammed. En Allah.

Mohammed en Allah gaan alles voor hen oplossen. Waarom zou je die ene droom nog van hen afpakken? Waarom zou je de mensen die dagelijks lijden onder de terreur ook nog met een karikatuurtje in de krant willen beledigen? Laat die symbolen toch met rust."

III Gij zult de naam van de Here, uw God, niet ijdel gebruiken

"Typisch zo'n gebod van de mannen, niet van God. Regeltjes, regeltjes... Ik ken een mooi verhaaltje, wil je het horen? Een herder zit in de woestijn te bidden. 'O, Allah, waar ben je schat? Ik hou van jou, ik zou je een douche willen geven, alle luizen uit je haar willen kammen, in je tuin willen werken! Je gaf mij het leven maar ik gaf je er niets voor terug...' Een sjeik hoort de herder en zegt: 'Vieze, onwetende klootzak! Weet je wel tot wie je je richt? Allah, de Schepper van hemel en aarde! Denk je echt dat Hij jouw hulp nodig heeft? De luizen uit Zijn haar kammen? Heeft God haar dan? Heeft Hij een kapper nodig?' De sjeik spuugt een keer op de grond en loopt verder. 's Nachts komt God tot hem, heel bedroefd, en de sjeik vraagt: 'Wat is er aan de hand God, waarom bent U zo droevig?' En God antwoordt: 'Je hebt iets slechts gedaan. Je hebt een trouwe dienaar bang voor mij gemaakt. Door jouw toedoen zal hij zijn geloof verliezen.' De sjeik schrikt wakker, rent terug naar de herder, knielt voor hem neer en zegt: 'Leer mij op jouw manier tot God te bidden'."

IV Gedenk de sabbatdag, dat gij die heiligt, zes dagen zult gij arbeiden en al uw werk doen; maar de zevende dag is de sabbat van de Here uw God, dan zult gij geen werk doen

"Waarom denk je dat we hier zitten, tussen de mensen, middenin in het café van de bibliotheek? Ik zal het je vertellen: omdat ik de stilte háát. Ik ken veel schrijvers die naar Frankrijk gaan om daar in afzondering een paar zinnetjes te schrijven voor hun nieuwe roman, maar ik zit veel liever hier, naast een koffiemachine die de hele dag staat te rochelen en te schudden. Je moet niet vergeten: ik kom uit een gezin van twaalf kinderen, tien geiten, vijf schapen en een stier. Er was altijd lawaai totdat... er een raket op ons werd afgevuurd. Het is heel vreemd, maar vlak voordat een raket inslaat is het dóódstil. Daarom heb ik tijdens stiltes heel lang gedacht: dit gaat fout. Straks komt de klap. Het begon dus met die raket, maar inmiddels gaat dit verhaaltje over saaiheid. Ik vind het zo saai als er niets te doen is. In Nederland is álles geregeld. Wanneer spreken we af? Hoe laat? Dan pak ik mijn mes en snijd ik een stukje van mijn dag af voor jou. Niet te veel, want anders is er niets voor de anderen over... Alles gaat volgens afspraak. Zelfs de zondagsrust. Zondag in Zwolle: je kunt je niet voorstellen hoe saai dat is."

V Eer uw vader en uw moeder

"Nadat twee pogingen om uit Irak te vluchten waren mislukt, dacht ik: misschien komt het doordat ik niet tegen mijn moeder heb durven zeggen dat ik wegga. Het leek me te zwaar voor haar, zo'n afscheid. De avond voor mijn vertrek hadden we met z'n allen gegeten. Niemand durfde me aan te kijken. Af en toe verdween er iemand, om te plassen, en die kwam dan met natte ogen terug. Iedereen wist hoe gevaarlijk het was: ik wilde niet dienen in Saddams leger en als ik zou worden opgepakt, konden ze me voor landverraad ter plekke doodschieten. De volgende ochtend had mijn moeder een enorm vuur aangelegd. Ze had het hout met opzet nat gemaakt, zodat er veel rook ontstond en iedereen moest huilen.

Ik heb mijn vader nooit meer teruggezien. Hij is overleden in 2003, toen ik hier vier jaar in het asielzoekerscentrum woonde. Hij belde me op, vroeg of ik naar Jordanië of Syrië wilde komen om afscheid van hem te nemen, maar doordat ik in een procedure zat, mocht ik van de IND niet reizen.

Mijn moeder leeft nog. Ze is nu 75 of zo, ik weet het niet precies. Ik heb haar, samen met een broer en een zus, in Syrië ontmoet toen ik een reisdocument had gekregen. Het was een vreselijke ontmoeting. Ze waren allemaal dood van binnen. Als hier in Europa ergens op een station een bom ontploft, staat de hele bevolking op z'n kop. Daar is dag en nacht terreur; tientallen vrienden en familieleden zijn bij aanslagen om het leven gekomen. Ik zou mijn moeder zo graag in Nederland uitnodigen. Ze is ziek en heeft een operatie nodig. De IND is bang dat ze asiel zal aanvragen. We krijgen geen toestemming. Tegen mijn moeder heb ik gezegd: 'Ze zijn bang dat zo'n vliegreis niet goed voor je is.' En: 'Het Hollandse klimaat zou volgens hen ook slecht voor je gezondheid zijn.' 'O, wat lief!' zei mijn moeder. Het maakt toch niet uit dat het niet waar is? Ik vind het belangrijker dat zij een goed gevoel heeft. Ik stuur haar elke maand meer dan de helft van wat ik verdien. Een van mijn zussen weigerde te trouwen, omdat ze liever voor mijn moeder wilde zorgen. Een moederfiguur is heilig. Het is onze plicht om haar tot de dood te verzorgen.

Er kwam eens een man bij de profeet Mohammed en hij zei: 'Ik heb mijn moeder, een heel oud vrouwtje, nu zeven keer op mijn schouders naar Mekka gedragen. Heb ik zo voldoende terugbetaald?' En de profeet Mohammed antwoordde: 'Je betaalde nog niet één schreeuw van de bevalling'."

VI Gij zult niet doodslaan

"Als die sukkels Hitler nou wél hadden toegelaten tot de Duitse kunstacademie, dan zou hij zijn woede met verf hebben kunnen uitleven, in plaats van met bloed. Dan zou hij misschien groter dan Picasso zijn geworden. Dan zou er nu een Hitler-museum bestaan, waar de miljoenen niet-gevallen slachtoffers naar zijn schilderijtjes kijken en tegen elkaar zeggen: 'Zijn kunst heeft ons gered'. Als ik de mogelijkheid had gehad om Saddam Hoessein te doden, dan zou ik de geschiedenis niet zijn ingegaan als de man die één leven heeft genomen, maar als de man die honderdduizenden mensen het leven heeft gegeven.

Ik was er niet voor dat Saddam werd opgehangen - hij was al machteloos - maar ik heb het filmpje waarop te zien is hoe hij wordt terechtgesteld wel duizend keer bekeken. Je zag hem veranderen van een wrede dictator in een bang konijn. Hij was een communist, had niets met religie, maar wat deed Saddam toen het einde naderde? Hij begon te jammeren dat er geen God was behalve Allah, geen profeet behalve Mohammed. Door die tekst uit te spreken, hoopte hij net als iedere andere moslim vergeven te worden. Nou, het lijkt me onmogelijk dat God hem heeft vergeven. Sterker nog: ik denk dat er een aparte hel voor Saddam is gebouwd, omdat de gewone hel niet erg genoeg was. Het is zoals T.S. Eliot ooit heeft geschreven: After such knowledge, what forgiveness?"

VII Gij zult niet echtbreken

"Over mijn wortels wil ik je van alles vertellen, maar de liefde, dat zijn de vruchten van mijn leven. Heel soms valt er in de lente iets uit de boom. En dat eet ik dan op.

Waarom zouden we de lezers vermoeien met verhalen over mijn liefdesleven? Ik hoef van Geert Mak ook niet te weten of hij getrouwd is. Is hij dat? O, kijk eens aan. Interesseert me niks. Dit kan ik je wel vertellen: ik geloof dat de intieme liefde voor één persoon bestemd is. Wij zijn zoals de duiven. Twee met elkaar. Maar de liefde hier in het Westen is zo anders dan bij ons in het Oosten. In het Westen zoek je uit of jouw psychische problemen bij de psychische problemen van de ander passen. Past het niet, dan moeten we er voor zorgen dat het past, of doen alsof, en als je geen psychische problemen hebt, dan moet je er snel een paar downloaden.

In de oosterse liefde gaat het er net zo aan toe als bij de Mozambiquesijsjes in mijn volière: ik gooi vijf mannetjes en vijf vrouwtjes bij elkaar en binnen een seconde - zonder nummers uit te wisselen, zonder elkaar op Facebook toe te voegen of uit eten te gaan - zijn er vijf paartjes voor het leven gevormd."

VIII Gij zult niet stelen

"Op een dag zag ik een junkie op mijn oude fiets rijden. Ik hield hem tegen en zei: 'Hier, neem mijn stationsfiets en geef mij die goede fiets terug'. Hij wilde niet meewerken, dus riep ik er een politieagente bij. De agente vroeg of ik kon bewijzen dat het mijn fiets was en ik liet haar de reservesleutels zien. 'Oké,' zei ze, 'verder nog iets?' 'Ja,' antwoordde ik, 'ik wil hem mijn oude fiets cadeau doen'. De junk koos eieren voor zijn geld en zei: 'O, is dit jóuw fiets? Ik verstond jouw Nederlands niet zo goed.' We ruilden en iedereen was tevreden."

IX Gij zult geen valse getuigenissen spreken tegen uw naaste

"Mijn vader zei: 'Rodaan, je moet liegen als de waarheid jou het leven kost. Stel, ze pakken je op en vragen je of je van Saddam Hoessein houdt en je zegt: 'Nee, ik haat die man!', dan gaan ze je doden. Als jouw antwoord 'ja' is, laten ze je lopen en kun je God daarna meteen om vergeving van je leugen vragen.'

Dat waren de simpele wijsheden van mijn vader. Ik zou hem zo graag weer ontmoeten, vooral ook omdat ik nu over veel dingen precies zo denk als hij. Vroeger wilde ik dat hij inzag dat ik anders was. Nu zou ik hem willen laten zien dat we sprekend op elkaar lijken."

X Gij zult niet begeren uws naasten huis; gij zult niet begeren uws naasten vrouw, noch zijn dienstknecht, noch zijn dienstmaagd, noch zijn rund, noch zijn ezel, noch iets dat van uw naaste is

"Afgelopen winter was ik een van de genomineerden voor de VSB Poëzieprijs met mijn gedichtenbundel 'Koelkastlicht'. Hannah van Binsbergen won en dat vond ik prima, echt, ik was eigenlijk alleen maar opgelucht. Schrijvers en dichters moeten niet winnen. Het zou veel beter zijn om ons verlies te bekronen. We zijn tenslotte toch de stem van de losers. Het is ingewikkeld hoor: ik wil dat mijn poëzie licht en water krijgt om te groeien, maar ik kom nooit in literaire cafés en ik noem mezelf ook geen schrijver. Ik ben een asielzoeker. Of een hippie. In Spanje ben ik een hippie met bergschoenen en een oude gitaar. Een gezellig persoon. Iemand die anderen een goed gevoel probeert te geven.

Het liefst zou ik in Spanje een kasteeltje kopen en dan een paar chaletjes op mijn landgoed bouwen waar zieke, werkeloze of depressieve vrienden een tijdje in kunnen verblijven om op te knappen. Overdag kunnen ze in de moestuin werken en 's avonds gaan we kletsen bij het vuur. Maar wie begint te zeuren over zijn psychische problemen wordt de volgende ochtend uitgezet. Ja, sorry, maar de mensen in het Westen hebben erg de neiging om te blijven hangen in hun woede en in hun verdriet. Dat is niks voor mij. Ik ga door. Of, zoals de Arabieren zeggen: de honden blaffen en de karavaan trekt verder."

Lees ook

Over de negen jaar die hij wachten in azc's doorbracht, schreef Rodaan Al Galidi het boek 'Hoe ik talent voor het leven kreeg'. Trouw interviewde hem er destijds over. "Nederlanders zijn goed in het temmen van mensen. Ze halen je ballen weg zonder dat het pijn doet."

Eerdere afleveringen in de interviewreeks Tien Geboden leest u hier terug.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden