Rockster worden zonder rockmuziek te maken

Afgelopen week werd econoom Thomas Piketty met veel tamtam onthaald. Alsof hij een rockster was. Sommige media typeerden hem dan ook als rockstereconoom.

Die typering staat niet op zichzelf. Eerder dit jaar werd wijsgeer en bestsellerschrijver Michael Sandel in de kranten als rocksterfilosoof gekenschetst. Ook troffen we de woorden rocksterauteur, rocksterpoliticus en rocksterkok al eens aan. Het heeft er alle schijn van dat rockster productief is geworden als eerste deel van samenstellingen met beroepsnamen, waarmee dan gedoeld wordt op beroepsbeoefenaars die de sterrenstatus hebben. Ze hoeven daarvoor niet eens van rockmuziek te houden, laat staan zelf rockmuziek te maken.

Deze betekenisontwikkeling danken we aan het Engels, waarin rockstar volgens het onlinewoordenboek Wiktionary figuurlijk wordt gebruikt voor iemand die befaamd is op zijn vakgebied. Deze figuurlijke betekenis zou zijn ontstaan in het (Amerikaans-Engelse) vakjargon van ICT'ers. Programmeurs en softwareontwikkelaars die bijzondere prestaties leveren, worden in de ICT al sinds een jaar of tien rockstars genoemd. Vervolgens heeft dat woord een ruimere toepassing gekregen. Toen Obama in 2008 bekend kwam te staan als rockstar president was het hek van de dam en kon rockstar voortaan vóór elke beroepsnaam worden gezet.

In onze taal verloopt de ontwikkeling omgekeerd: eerst hadden we rockstereconomen en rocksterfilosofen, maar sinds kort wordt rockster ook wel zonder toevoeging gebruikt. Niet zozeer voor een uitblinker in zijn vak, als wel voor een ster.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden