Weblog

Robin Hood is geen flierefluiter

’Robin Hood’ opent vanavond het 63ste Filmfestival van Cannes. Daar hadden we juist behoefte aan, een held die midden in de economische crisis de balans tussen rijk en arm komt herstellen.

Een beetje zorgelijk kijkt hij wel, de Robin Hood van Russell Crowe. De legendarische boogschutter, die steelt van de rijken en geeft aan de armen, is niet de vrolijke flierefluiter die we kennen uit tal van films. De moderne Robin Hood heeft de schelm en de schavuit achter zich gelaten. Hij fronst zich door zijn avonturen. Van Lady Marian, stug en stoer vertolkt door Cate Blanchett, wordt hij zelfs een beetje verlegen.

De Britse Hollywood-regisseur Sir Ridley Scott (72) en de Nieuw-Zeelandse Hollywood-acteur Russell Crowe (46), die met ’Robin Hood’ toe zijn aan hun vijfde samenwerking, wilden niet zomaar een Robin Hood-film maken, maar eentje die het ontstaan van de legende uit de doeken doet. Een film dus die fungeert als historisch raamwerk voor de latere lotgevallen.

Het betekent dat we Robin Hood na de strijd tegen de Fransen en na de dood van de Engelse koning Richard I naar Nottingham zien galopperen. De stad heeft zwaar te lijden onder de corrupte sheriff en de torenhoge belastingen. Engeland is bankroet. Een burgeroorlog staat op uitbreken. De onbekwame broer van Richard I heeft zichzelf tot koning gekroond, en doet vooral aan zelfverrijking.

Zo verschillend van andere verfilmingen is de nieuwe Robin Hood daarmee ook weer niet, maar Russell Crowe trekt toch een diepe rimpel, zoals hij eerder deed als Maximus in ’Gladiator’. Iets van deze heldhaftige krijger die zwijgend op zijn prooi afgaat, heeft Crowe wel meegenomen in zijn rol als Robin Hood.

De vrolijke lach van Errol Flynn – de eerste wereldwijd bekende Robin Hood – is nergens te bekennen. Flynn trok in 1938 een groene panty aan, stak een veertje in zijn hoed, bond een stel pijlen op zijn rug, en stapte triomfantelijk op de vijand af. Flynn was een knappe, atletische verschijning die veel stunts zelf uitvoerde. De manier waarop hij Robin Hood vertolkte, met bravoure en humor, heeft zich vastgezet in het collectieve geheugen. Als kinderen zich als Robin Hood verkleden, dossen ze zich uit als Errol Flynn in ’The Adventures of Robin Hood’, het kassucces van 1938. Groene panty. Veertje. Pijl en boog.

De Robin Hood van Errol Flynn is de meest magische, en het lijkt triviaal, maar dat heeft ook te maken met de kleuren die werkelijk van het doek spatten, waarvoor het spectaculaire Technicolor werd gebruikt, een kleurensysteem dat in de jaren dertig nog vrij nieuw en duur was. Als je kleuren wil voelen, moet je eens naar het rood en groen van ’The Adventures of Robin Hood’ kijken.

In de vertolking van Russell Crowe oogt de beroemde boogschutter eerder modderig, blubberig, zweterig, en Ridley Scotts reconstructie van de twaalfde eeuw lijkt nog het meest op een Archeon-versie van de Middeleeuwen. Een varken draait aan een spit. En als Russell Crowe zijn maliënkolder uittrekt (zijn beschermende vest van metalen ringetjes) staat de afdruk op zijn onderhemd, zo zwaar is het metaal, en zo lang is hij niet in bad geweest.

In zijn hang naar realisme, naar een historisch raamwerk, heeft Ridley Scott van Robin Hoods grote liefde Lady Marian ondertussen wel een flink geëmancipeerde tante gemaakt. De prachtige 1001 nacht-versie van Olivia de Havilland in ’The Adventures of Robin Hood’ is nu een sceptische, slechts zeer langzaam smeltende jonge weduwe, skeletterig gespeeld door Cate Blanchett als one of the guys. De moderne Marian vecht mee, te paard, met een helm op het haar.

Want de geschiedenis van Robin Hood is natuurlijk ook de geschiedenis van Lady Marian. Toen het in de Middeleeuwen belangrijk werd voor een karakter om van adel te zijn, werd Robin Hood een edelman. Toen het belangrijk werd om romantisch te zijn, kwam opeens het karakter van Lady Marian in de verhalen en ballades.

En dan is het ook best even schrikken van ’Robin and Marian’, de film uit 1976 waarin Sean Connery als oudere Robin Hood en Audrey Hepburn als oudere Marian elkaar na twintig jaar weer zien. Robin Hood is terug van de kruistochten, zijn grijze baard wappert in de wind. Hij wil niets liever dan zijn oude liefde terug, maar wat blijkt? Lady Marian is non en zit in een klooster. Ze leeft al twintig jaar met God. En dan gooit Robin Hood alle charmes in de strijd. Sean Connery toont à la Errol Flynn bravoure en humor, maar showt ook zijn gespierde bruine benen en zijn littekens. In het bos maakt dit toonbeeld van viriliteit dan ook nog een bedje van varens en dan houdt de non het niet meer. Ze zet plechtig haar kap af, en kust een hele lange filmkus. Robin Hood gaat toch boven God. En ergens past het helemaal bij de jaren zeventig waarin ’Robin and Marian’ is gemaakt, de prominente rol voor de lichamelijke genietingen, tegenover religie en ascese.

Zo had de Robin Hood van Kevin Costner, ’Robin Hood: Prince of Thieves’ (1991) ook alleen in de jaren tachtig gemaakt kunnen worden. Costner oogt nog het meest als een verdwaald lid van de Britse popgroep Duran Duran die indertijd populair was. Robin Hood heeft een opgeföhnde pony en iets te lang haar in de nek. Het is alsof hij elk moment naar een microfoon kan grijpen en in gezang kan uitbarsten.

Van Russell Crowe zullen we ons de leren broek herinneren, de getergde blik, en de pijlen die altijd doel treffen. Hij heeft veel aan zijn hoofd. Hij moet het land redden. En dansen met een dame die hem toebijt dat ze niet aangeraakt wenst te worden.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden