Reportage

Ripoll is 'de wieg van Catalonië', maar nu ook van het jihadisme

Het stadje Ripoll.Beeld Alex Tieleman

“Ik hoop maar dat Ripoll niet bekend komt te staan als de ‘wieg van het jihadisme’”, verzucht burgemeester Jordi Munnel van het stadje, ruim een uur rijden van Barcelona, waar de 12 terreurverdachten deel uitmaken van de moslimgemeenschap.

“Schrijf liever wat over onze schitterende Romaanse poort. Daar komen jaarlijks honderdduizend bezoekers op af”, vertelt de afgepeigerde Munnel zaterdagochtend in gekreukt pak met grote wallen onder de ogen voor het stadhuis.

Het ruim tienduizend zielen tellende Ripoll, gelegen in de dichtbeboste Catalaanse heuvels van de Pre-Pyreneeën, wist zich in de negentiende eeuw los te wrikken van de Frankische overheersing en heeft aan deze onafhankelijkheidswinst ‘de wieg van Catalonië’ als bijnaam overgehouden. En ook nu nog ademt het stadje Catalaans nationalisme, te zien aan de talloze onafhankelijkheidsvlaggen die aan balkonnetjes wapperen.

De tekst loopt door onder de afbeelding

Burgemeester Jordi Munnel van het stadje Ripoll.Beeld Alex Tieleman

Maar sinds de bloedige terreuraanslag in Barcelona donderdag, staat Ripoll opeens in de schijnwerpers als broedplaats van jihadisme. Bij het ouderlijk huis van Moussa Oukabir, de jongste terreurverdachte, rijden journalisten af en aan. “Ik voel mij er heel slecht over. In Pakistan gebeurt dit om de haverklap, maar hier? Ik kan er gewoon niet van slapen”, vertelt de Pakistaanse inwoner van Ripoll, Mokher Ahmd, als hij even van zijn fiets stapt voor het beige woonblok, waar veel rolluiken naar beneden zijn. Terwijl de zon toch nauwelijks schijnt. 

Ahmd kent de omgekomen terreurverdachten uit Ripoll net als vele dorpsgenoten van gezicht en van het groeten op straat. Zij werden regelmatig gezien in de cafés waar zij biertjes dronken en darts speelden. “Gelukkig weet men dat ik een Pakistaan ben, maar Marokkanen worden nu nagekeken op straat hoor.”

De tekst loopt door onder de afbeelding

Mokher Ahmd.Beeld Alex Tieleman

Bommenfabriek 

Niet dat Ripoll een overdreven grote Marokkaanse gemeenschap heeft. Zo’n vijf procent van de bevolking heeft volgens de gemeente wortels in de Maghreb, terwijl in totaal slechts negen procent van buiten de EU komt. Het grootste deel van de migratie in het bergstadje kwam op gang in de jaren negentig toen het Spanje economisch voor de wind ging. In Ripoll vonden velen werk in de metallurgische industrie.

“De meesten van ons werken en leven hier gewoon zonder problemen”, vertelt de 36-jarige Mohamed in het Marokkaanse koffiehuis Hoop. “Wij hebben met die jongens op school gezeten. Zij dronken hier koffie met ons. Ik wist niet wat ik zag toen ik hun gezichten opeens op tv zag”, zegt zijn 27-jarige vriend Mounir.

Laia Cutrina (21), gids in het Santa Maria-klooster waar de Romaanse poort toegang tot geeft,heeft zelf wel een zeer wrange link met de aanslagen. “Mijn ouders werden bijna door het busje geschept”, vertelt zij. “Als je daarna ziet dat de daders uit je eigen stad komen, weet je gewoon niet meer wat je moet denken.”

Radicale preken

Dan wordt plotseling bekend dat een imam uit Ripoll, Abdelbaki Es Satty , die onlangs onverwachts de wijk nam, mogelijk een van de doden is die gevonden zijn in de ontplofte ‘bommenfabriek’ in Alcanar. Daar waar een enorme voorraad gasflessen voortijdig de lucht ingingen, voordat zij mogelijk gebruikt zouden worden voor een aanval op Sagrada Familia. De resultaten van onderzoek in zijn appartement in Ripoll en DNA-tests moeten dit nog uitwijzen.

‘Wie heeft het hoofd van Moussa verhit?’, vraagt de krant El Periódico zich ondertussen af. Een vraag waar de burgemeester nog geen antwoord op durft te geven. “Die jongens waren echt niet veel anders dan de rest. De gemeenschap is hier goed geïntegreerd. Misschien heeft iemand op internet ze te pakken gekregen”, gist hij. “Ik moet er nu vooral voor proberen te zorgen dat de goede vrede hier bewaard wordt. De terroristen willen ons tegen elkaar opzetten.”

De tekst loopt door onder de afbeelding

Koffiehuis Hoop. Beeld Alex Tieleman

In het koffiehuis zien Mounir en Mohamed dat er op het nieuws wordt gesproken over de mogelijke dood van hun imam. Een man van een jaar of veertig die een stuk of wat kinderen in Marokko heeft, zo kennen zij hem. Hij predikte een paar jaar in Ripoll, maar ongeveer een maand geleden vertrok hij plotseling. Moussa zou volgens een buur ook al ongeveer een maand geleden niet meer thuis wonen. Dit scenario zou het een en ander verklaren, maar zeker is het nog niet dat de imam de jongens het terreurpad opstuurde.

Niet dat Abdelbaki Es Satty openbaar radicale preken hield. “Als hij zou zeggen: blaas jezelf maar op, dan zouden we hem voor gek verklaren”, zegt Mohamed. Mounir zegt dat bij indoctrinatie een radicale imam liever ‘zwakke jongeren’ apart neemt en hen dan zijn eigenlijke bedoelingen duidelijk maakt. “Nu denkt iedereen natuurlijk weer dat het door de islam komt”, zegt Mohamed. “Maar denk je dat de bestuurder van dat busje heeft gekeken wie hij doodreed? Zou hij mij voorbijrijden? Echt niet!”

Later op de dag verzamelen plotseling de moeders van terreurverdachten en andere moslims (in totaal zo’n dertig man) zich voor het stadhuis van Ripoll. ‘Niet in mijn naam’ en ‘nee tegen het terrorisme’ staat er op de A4-tjes die zij omhooghouden.

De achternamen van Mohamed en Mounir zijn bekend bij de hoofdredactie. 

Lees meer over de aanslagen in Spanje in ons dossier 

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden