Rijpe stemmen verdienen rust

Interview | Na een muzikaal huwelijk van ruim veertig jaar gaat het Engelse Hilliard Ensemble eind 2014 met pensioen. Jaren van topsport komen ten einde.

David James en Rogers Covey-Crump, beiden zangers in het Hilliard Ensemble, vallen even stil als Boris Becker voorbijloopt, strak in het pak en gel in de kuif. De tennisser blijkt in hetzelfde hotel in München te logeren als de musici, die enorme fans van hem zijn.

Weer terug bij de les praten de Hilliards gepassioneerd over de veertig jaar die hun carrière omspant. Nog een jaar te gaan, een afscheidsronde langs diverse zalen, en het ensemble zet er definitief een punt achter; het wereldvermaarde mannenkwartet vindt het na bijna een halve eeuw welletjes. Met concerten in Londen, Parijs en München vieren de heren hun muzikale huwelijk en wordt de slottournee ingeluid, die eindigt op 20 december 2014.

De zangstem blijft niet eeuwig in vorm. Drie van de vier leden zijn rond de pensioenleeftijd, een mooi moment om hun instrument rust te geven. Tenor Rogers Covey-Crump: "We willen op het niveau blijven zingen dat we hebben bereikt, en niet inzakken. Dan is het zaak dat je op tijd stopt. Minder goed presteren of de programma's aanpassen, vormt geen optie."

Countertenor David James is de enige zanger in de huidige samenstelling die al sinds de oprichting van de Engelse groep in 1973 meezingt - sindsdien is er slechts vijfmaal een wissel van de wacht geweest: "Naarmate je ouder wordt, kost het bij ieder griepje en iedere verkoudheid meer tijd om erbovenop te komen. Niemand kan zomaar een paar maanden wegblijven, want dan is er geen Hilliard. We zijn zo close dat vervanging niet gaat. Het besef dat we stoppen zal in de loop van komend jaar steeds duidelijker worden, en moeilijker te bevatten zijn. Vooral omdat we voor het laatst in zalen zullen staan waar we veel zijn geweest, waarmee we een band hebben opgebouwd. Bepaalde kerken geven een heel eigen klank, we hebben er onze stemmen gevormd."

Veertig jaar Hilliard, het is nauwelijks voor te stellen dat het ensemble straks niet meer te vinden is op het podium. De zangers begonnen als specialisten in muziek tot 1600 en breidden al snel hun repertoire grondig uit met veel hedendaags werk. Moeiteloos switchen de Hilliards tussen oud en nieuw en binden ze componisten aan zich. Klassieke en romantische muziek past minder bij hen.

Spits en snel
"We zijn veranderd de afgelopen veertig jaar, wat interpretatie betreft, en dat wist ik niet", zegt James. "Als ik nu opnamen hoor van jaren terug, bijvoorbeeld van het 'Viderunt omnes' van Perotinus, dat lijkt wel een heel ander stuk! We deden dat langzaam en legato, en nu gaat het spits en snel." De counter veert op uit zijn stoel en zingt een stukje voor. Zo dus. "We hebben er nooit over gediscussieerd. De interpretatie is veranderd met de jaren, door alle zalen waarin we hebben gezongen en door de invloed van de componisten met wie we hebben samengewerkt."

Covey-Crump: "Zoals we nu zingen, past bij onze stemmen. Niemand die ons vertelt hoe het moet, we hebben alleen de noten op papier. De manier waarop we zingen voelt comfortabel: goed of niet goed, het is goed voor ons. We vormen een democratische club, hebben allemaal evenveel inbreng. Onze stemmen en de ruimte waarin we staan, de vijfde stem, vormen ons referentiekader."

James: "De Hilliardklank, eenvoudig en complex tegelijk, is altijd blijven bestaan. Die is gegroeid vanuit de Engelse koortraditie: puur, krachtig en perfect, zoals het King's College Choir. Toen tenor John Potter in het ensemble kwam, begin jaren tachtig, zijn we iets theatraler geworden. We laten ons sindsdien meer leiden door de tekst en maken ons minder druk om alleen maar een heel mooi geluid. Ook de invloed van saxofonist Jan Garbarek, met wie we samenwerken, is enorm geweest. Hij heeft ons vrijer gemaakt. We kwamen los van het muziekpapier, werden flexibeler in tempo, ritme en ruimte. We bewegen ons door de zaal als we met hem optreden."

Muziektheater
Manfred Eicher haalde de Hilliards binnen op zijn eigengereide cd-label ECM, waar niet alleen Garbarek, maar ook Arvo Pärt en Heiner Goebbels aan verbonden zijn. Met beide componisten werkten de zangers nauw samen, ze noemen de ontmoetingen ijkpunten in de Hilliardgeschiedenis. Pas sinds Pärt is hedendaagse muziek echt een organisch onderdeel van hun uitvoeringspraktijk geworden, en met Goebbels maakten ze voor het eerst muziektheater. James: "De kennismaking met Pärt was een buitengewoon bijzonder moment. We zongen zijn werk en hij stond als verstijfd. Hij fluisterde: 'Dit is de eerste keer dat ik mijn muziek hoor zoals ik haar in mijn hoofd hoorde toen ik haar componeerde.' Pärt heeft ons leven veranderd."

Covey-Crump: "In het begin schreef Pärt nauwelijks iets op de bladzijden. Het materiaal bestaat uit eenvoudige noten, daar is niets gecompliceerds aan. Maar hoe laat je die klinken? De puurheid van zijn werk maakt de uitvoering heel moeilijk. Alleen de noten zingen heeft geen zin, je moet ze beleven, begrijpen. Net als met oude muziek, er is niets, geen leidraad, alleen de zwarte bolletjes. Onze benadering van oude en nieuwe muziek is hetzelfde. We gaan af op ons instinct. En nog steeds is het veeleisend, iedere keer weer, om het goede geluid te produceren, met de juiste dynamische expressie."

Geen Pärt een paar uur later in de Münchener St.-Michaelskirche, die langzaam volstroomt voor het verjaardagsconcert van het Hilliard Ensemble - voor de gelegenheid treden ook vier van de voormalige leden aan. Op de lessenaars staan Byrd, Pomponio Nenna, John Sheppard, en Roger Marsh die speciaal voor acht stemmen 'Poor Yorick' componeerde.

En daar is hij, de Hilliardklank: vrij, beweeglijk, elastisch, vertellend en poëtisch. Marsh schreef op de stembanden van de volbloed musici, die toveren met de akoestiek van het Godshuis. Adem en tempo voegen zich naadloos naar de galm tussen de gewelven, en het vibrato van doorleefde stemmen gaat je allerminst in de koude kleren zitten. Zo'n avond is veertig jaar topsport in een notendop.

Hilliard Ensemble
Het Hilliard Ensemble werd in 1973 opgericht door bariton Paul Hillier en is genoemd naar de Elizabethaanse schilder Nicholas Hilliard. Sinds de oprichting is er slechts vijfmaal een wisseling van de wacht geweest. De groep bestaat uit countertenor David James, tenor Rogers Covey-Crump, tenor Steven Harrold en bariton Gordon Jones. De Hilliards zingen oude en nieuwe muziek, sacraal en seculier van Perotinus tot Pärt; met deze laatste componist onderhouden ze een hechte band. Hun portfolio bevat opdrachtcomposities van Gavin Bryars, Unsuk Chin, Alexander Raskatov en Erkki-Sven Tüür. Bij het label ECM brachten de musici een reeks cd's uit, waarvan de recentste 'Il Cor Tristo' is, met daarop muziek van Bernardo Pisano, Roger Marsh en Jacques Arcadelt. Een van de succesvolste ontmoetingen in de geschiedenis van Hilliards was die met de Noorse saxofonist Jan Garbarek; samen maakten ze de Officiumtrilogie, ook uitgekomen bij ECM. In 2014 onderneemt het Hilliard Ensemble zijn laatste tournee; op 20 december 2014 klinkt het slotconcert, in Londen. Info: hilliardensemble.demon.co.uk

undefined

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden