Rijkssnuffelaar

Vlak voor het aantreden van het eerste kabinet-Balkenende, juni 2002, voorspelde de CDA'er Cees van der Knaap dat het niet tot een conflict tussen vakbeweging en kabinet zou komen. En mocht dat wel zo zijn, dan zou hij er geen rol in hebben. Want minister van sociale zaken worden, dat zag de oud CNV'er niet zitten. Hij wilde het liefst fractie-secretaris blijven.

Hoe anders is het gelopen. Balkenende wilde hem graag in het kabinet. In plaats van de hoeder van nieuwe CDA-kamerleden, werd hij staatssecretaris van defensie. En vanuit die post speelde hij tot ieders verrassing alsnog een centrale rol in het conflict tussen regering en vakbonden.

'Rijkssnuffelaar' is de bijnaam die Van der Knaap kreeg opgeplakt door de vakbeweging. Twee weken geleden lekte uit dat de staatssecretaris van Defensie in opdracht van minister De Geus van sociale zaken, als 'verkenner' naar de vakcentrales en de werkgevers werd gestuurd. Van der Knaap moest in kaart brengen hoe de stellingen lagen in het slepende conflict met de vakbeweging. Vice-premier Zalm stelde dat Van der Knaap wat ging rondsnuffelen, waarmee de bijnaam geboren was. Hoewel met name de vakcentrale FNV, maar ook het CNV, aanvankelijk zeer sceptisch reageerde is het resultaat twee weken later helder: het gesprek tussen sociale partners en kabinet is volledig hervat. Van der Knaap heeft zijn rol vervuld.

Cornelis Van der Knaap (Bennekom, 1951) volgde de mulo en hield het daarna wat opleiding betreft voor gezien. Op zijn vijftiende werd hij leerlingverkoper bij V & D. Drie jaren later wachtte het leger. Van der Knaap citeerde in 1992 in Trouw zijn vader, een beroepsmilitair: ,,Ga jij maar weg bij de V & D. Ga jij maar in dienst.”

In zijn diensttijd en de tijd die volgde als beroeps ontwikkelde Van der Knaap zijn liefde voor vakbondswerk. Eerst zette hij zich in voor de vereniging van dienstplichtige militairen. Op verzoek van de latere CNV-voorzitter Henk Hofstede volgde de overstap naar Rotterdam waar Van der Knaap eerst enkele jaren districtsbestuurder was om vervolgens door te stromen naar de portefeuille waar hij tot een 'bekende Nederlander' werd: de Rotterdamse haven. Tijdens de vele conflicten met de werkgevers die Van der Knaap daar doormaakte verslechterde de relatie van de CNV'er met zijn FNVcollega's snel. Met de aanvankelijke FNV-bestuurder in de haven Paul Rosemöller kon Van der Knaap goed door een deur, maar met de latere FNV'ers was het conflict na conflict. Van der Knaap toonde zich een echte CNV'er door de dialoog boven de actie te stellen. Die opstelling legde het CNV geen windeieren. De FNV vond echter dat hij daarmee te veel naar het pijpen van de werkgevers danste. Van der Knaap bij zijn afscheid van de haven in 1992: ,,Ik ben geen FNV-hater.”

Van der Knaap werd cao-coördinator bij de vakcentrale CNV, hij zat nu in de top. Dezelfde functie had destijds Lodewijk de Waal (nu vakcentralevoorzitter). De twee kwamen elkaar daardoor vaak tegen met name in de overlegorganen van de sociale partners. Van der Knaap liet in die tijd meermalen blijken zich te ergeren aan de kabinetten die minachtend deden over het poldermodel. Ook vlak voor zijn aantreden als staatssecretaris be-nadrukte hij nog eens stevig het belang van sociaal overleg. Het tekent Van der Knaap, net als zijn oprechte afschuw van armoede enerzijds en dikdoenerij anderzijds.

In 1998 nam Van der Knaap afscheid van het CNV, vrijwel gelijktijdig met Aart-Jan de Geus. Van der Knaap (,,Ik zou nog wel eens voetbalbestuurder willen worden. Bij Feyenoord, dan zorg ik er voor dat het weer een echte volksclub wordt”) ging de Tweede Kamer in, De Geus vertrok voor vier jaren naar een adviesbureau.

Van der Knaap (getrouwd, twee kinderen) was al min of meer bevriend met Jan Peter Balkenende toen beiden elkaar in de Kamerfractie van het CDA tegenkwamen. In het Rotterdams Dagblad (hij woont nog altijd in de havenstad) zei Van der Knaap hierover:

,,Toen Jan Peter in de Tweede Kamer kwam, mag je wel stellen dat het tussen ons klikte. Dat er chemie tussen ons is en, niet het minst belangrijke, we hebben vertrouwen in elkaar.” Van der Knaap was nogmaals geenszins van plan tot het kabinet toe te treden nadat het CDA onder de kersverse lijsttrekker Balkenende in 2002 als grootste partij uit de verkiezingen kwam. Maar Balkenende drong aan. In de formatie was Van der Knaap de rechterhand van Balkenende en ook in zijn functie als staatssecretaris van defensie had hij die rol.

De vriendschap bleek publiek toen Balkenende de pers te woord stond na het 'sollicitatiegesprek' voor de post van staatssecretaris van defensie. In een soort conference meldde Balkenende dat Van der Knaap niet voldeed. Het grapje van de latere premier joeg Van der Knaap even schrik aan.

Van der Knaap was geknipt voor de rol van 'verkenner'. De arrogantie die de vakbeweging De Geus en Balkenende voor de voeten wierpen, kan hem nooit worden verweten. Tel daarbij op dat Van der Knaap veel waarde hecht aan sociaal overleg, een verleden heeft als onderhandelaar, en de meest van de betrokken vakbondsbestuurders uit het verleden nog kent. Dat maakte hem voor Balkenende tot de ideale bruggenbouwer. Terug uit het ziekenhuis kan de premier nu de vruchten plukken en met de eer aan de haal gaan. En dat zal Van der Knaap dan weer prima vinden.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden