Rien Poortvliet 1931 - 1995

Er zijn weinig hedendaagse tekenaars wier werkstukken zo'n wijd verspreidingsgebied hebben gevonden als die van de vrijdag na een ziekte van een paar maanden overleden Rien Poortvliet.

Zijn overvol getekende boeken, waarvan enige miljoenen exemplaren in omloop zijn, hebben in de hele wereld een warm onthaal gevonden. Naast Nederlandse edities kwamen er Engelse, Amerikaanse, Franse, Duitse, Zweedse, Finse, Noorse, Deense en Spaanse versies van. Poortvliet genoot volop van dat succes, zowel artistiek als zakelijk. De belangstelling voor zijn boeken maakte dat hij zich een riante ambiance kon permitteren. In Soest bewoonde hij 'Huize Hees', een boerderijachtig huis met een lap grond die werd gestoffeerd door veel dieren, die hij observeerde en tekende.

Jarenlang werkte Poortvliet, die vorige maand 64 jaar werd, als illustrator, na eerder actief te zijn geweest als reclame-tekenaar. Het waren bezigheden die hij later afdeed als jeugdzonden. Echt uit de verf kwam hij pas toen hij datgene wat hem werkelijk boeide zelfstandig ging tekenen en schilderen. Al die werkstukken kwamen terecht in de omvangrijke boeken die sindsdien aan de lopende band verschenen, eerst bij Unieboek, later bij Kok in Kampen. Los daarvan werd de Poortvliet-kalender een begrip. En bij de jaarwisseling kregen zijn vrienden uiteraard een wenskaart met een Poortvliet-tekening.

Boektitels als 'De vossen hebben holen', 'Te hooi en te gras', 'Hij was een van ons' (over het leven van Jezus), 'Van de hak op de tak', 'Langs het tuinpad van mijn vaderen', 'De ark van Noach' en 'Het briesend paard' vlogen, hoewel ze nogal prijzig waren, de winkels uit. Poortvliet maakte er niet alleen de tekeningen voor, maar schreef ook de tekst.

Afwijkend van de rest waren de twee boeken waarin Poortvliet zijn fantasie uitleefde op de wereld van de kabouters. Het waren prachtige kleurrijke boeken, maar van Poortvliet verwachtte je niet direct dat hij zich in die sector verdiepte. In de regel bleef hij dicht bij de natuur en tekende wat hij zelf waarnam. Maar juist die kabouterboeken zorgden voor een internationale doorbraak.

Poortvliet was gelukkig als hij in de beslotenheid van zijn huis in de Soester bossen kon werken. Verzoeken om exposities te openen of lezingen te houden wees hij constant af. Achteraf heb ik begrepen dat het heel bijzonder was dat ik hem een paar jaar geleden wist over te halen plaats te nemen in de jury van een door de Oranjevereniging in Baarn georganiseerde tekenwedstrijd voor scholieren. Vermoedelijk gaf daarbij de doorslag dat het onderwerp van de wedstrijd koningin Beatrix was. Poortvliet had een speciale band met de Oranjes. Hij tekende hen en liet ze zelfs opvallend figureren in zijn boeken.

Ook de viervoeters van Soestdijk zijn allemaal door Poortvliet vastgelegd. Die bijzondere contacten leidden er toe dat hij in 1977 op Prinsjesdag voor lakei mocht spelen. Aldus vermomd liep hij naast de Gouden Koets. Via de Oranjes kwam Poortvliet ook aan het Britse hof terecht, waar hij de lievelingspaarden van koningin Elizabeth tekende.

In de loop der jaren heb ik Poortvliet vaak ontmoet en geïnterviewd voor Trouw. We hadden dan diepgaande gesprekken. Poortvliet was een man die er veel uitflapte, een beetje gewild populair deed. Bescheidenheid kwam daarbij niet als zijn grootste deugd naar voren. En dan de bijbelteksten, waarmee hij te hooi en te gras, om een van zijn boektitels te gebruiken, schermde. Uitdrukkingen als 'de goeie God' en 'de hem van God gegeven talenten waarmee hij moest woekeren' lagen hem voor in de mond.

Bach, Hündel, Scarlatti en op ouderwetse, wat slepende manier gezongen psalmen stimuleerden hem tijdens zijn lange werkdagen in zijn atelier. Toen prins Bernhard in 1987 in Middelharnis het Poortvliet-museum opende, ontkwam hij er niet aan onder aanvoering van Poortvliet een paar psalmen volgens de oude berijming te zingen. De prins bekende na afloop het experiment “indrukwekkend” te hebben gevonden.

Het was zijn vrouw Corrie, steeds bescheiden op de achtergrond, die, als zij er de kans toe kreeg, de zaken relativeerde en Rien liet terugkeren op de begane grond. Zo kon het wel weer. Ook familieleden op Flakkee, de streek waar de Poortvlieten vandaan komen, werd het wel eens te veel, als de tekenaar weer met bijbelteksten in de weer was. Toen zijn achternicht Dirkje Soldaat uit Dirksland een paar jaar geleden fijntjes opmerkte dat hij wel èrg vroom deed en te koop liep met zaken die tot het innerlijk van een mens behoren, antwoordde Poortvliet: “Ach Dirkje, jij bent van een andere tijd!” Dirkje, ook niet mis, reageerde dat Poortvliet dan van nòg een andere tijd was.

Eén keer heb ik laaiende ruzie met Rien Poortvliet gehad. Hij belde me 's morgens vroeg uit mijn bed om me de huid vol te schelden, omdat ik in een interview iets over een nieuw boekenplan had geschreven dat hij nog een tijdje voor zich had willen houden. Ik was verbaasd dat hij ook over zo'n weinig vrome woordenschat beschikte en betaalde hem terug met gelijke munt. Je moest je nooit door Poortvliet laten overdonderen. Dat deed hem enigszins kalmeren. Een paar dagen later kreeg ik een brief, waarin hij zich verontschuldigde. Hij had het allemaal niet zo bedoeld.

Poortvliets credo luidde: “Ik weet van mezelf dat ik niet bescheiden of nederig ben. Het kan me ook geen makker schelen of de mensen mij tekenaar, schilder of verver noemen. Ik leef in een klein wereldje dat met beessies heeft te maken. Is het kunst wat ik produceer? Ik weet het niet. Ik doe mijn best en ik heb er verschrikkelijk veel plezier in.”

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden