Revolutie maken doe je zo

Onderschat humor niet in de strijd tegen dictators, zegt Srdja Popovic. Zelfs tegen IS kun je daar wat aan hebben

Een zwarte gebalde vuist sierde eind 1998 heel Belgrado: graffiti op muren, stickers in liften. Een beweging was geboren en de Serviërs konden er niet meer omheen. Otpor! luidde de boodschap: kom in verzet. Srdja Popovic stond aan de wieg van de gelijknamige organisatie, die in 2000 het einde zou inluiden van het bewind van president Slobodan Milosevic.

De revolutie heeft hem sindsdien niet meer losgelaten. Zijn Centre for Applied Non-violent Action and Strategies (Canvas) in Belgrado adviseert en traint activisten van over de hele wereld. In zijn eerder dit jaar verschenen 'Blueprint for Revolution', beschrijft hij met vlotte pen zijn ontmoetingen met groepen uit allerlei landen, en geeft hij tips voor 'doodgewone revolutionairen' die de wereld willen verbeteren - geweldloos, zoals destijds Otpor deed.

"Voor ons was geweldloos verzet een natuurlijke reactie", legt hij uit. "We wilden laten zien dat we een beschaafd land waren; we wilden bruggen bouwen, niet vernielen. Degenen die rondrenden met wapens en oorlog predikten, waren in de ogen van de kleine groep waarvan ik deel uitmaakte, helemaal niet cool.

We begonnen in 1992 met protesten tegen het regime van Milosevic. Alleen: het leidde nergens toe. Gaandeweg realiseerden we ons dat we veel meer mensen nodig hadden, buiten ons super-culturele, super-liberale, hoofdstedelijke groepje. Dat is een van de vele dingen die we moesten leren. Snelle studenten zijn we zeker niet geweest, want het heeft ons bijna tien jaar gekost om Milosevic weg te krijgen. Pas daarna hebben we ontdekt dat er ook een hele wetenschap zit achter geweldloos verzet."

Samen met een handvol collega's geeft Popovic workshops, nu eens in Servië, dan weer elders, aan Egyptenaren in Belgrado, in 2009, en later Syrische activisten in een 'saaie stad in een neutraal Mediterraan land'. Nee, rollenspelen - demonstrant tegen politie - zet Canvas niet op het program. Het gaat over vragen als: wat is het doel, hoe krijg je veel mensen in beweging, wat zijn de zwakke punten van de tegenstander, hoe bewaar je de eenheid?

Wie vraagt om uw adviezen?

"Het begon met groepen die tegen onderdrukkende regimes vochten. Burma, Iran en dergelijke landen. De laatste jaren gaat het om veel meer verschillende zaken; om de strijd tegen corruptie, voor goede gezondheidszorg. En een groeiend aantal mensen houdt zich bezig met klimaatverandering.

Een van de eerste reacties op mijn boek kwam uit Duitsland, een democratisch land met een solide economie. Het waren mensen die wilden weten hoe ze een beweging kunnen opbouwen tegen buitenlander- en vluchtelingenhaat. Dat zal voor ons ook een leerproces zijn. We weten wat we moeten doen tegen autocraten, maar dit is een nieuwe uitdaging."

Kun je de groepen en mensen die contact met u zoeken links noemen?

"Ik zou mezelf als gematigd links omschrijven. Maar het idee van geweldloos verzet brengt je altijd ergens in het midden."

U baseert uw workshops voor mensen uit zeer verschillende landen op uw ervaringen in Servië. Maar hoe representatief zijn die?

"Alle geïnteresseerden, of ze nou uit

oorlogsgebieden komen, uit dictaturen of juist uit een democratisch land, benadrukken altijd dat Servië niet als maatstaf kan gelden. En natuurlijk, de repressie in veel landen is vele malen erger dan onder Milosevic in Servië. Maar ook groepen uit westerse landen vinden vaak dat het voor ons maar makkelijk was: jullie hadden een dictator, tegen wie je mensen kon mobiliseren. Ze hebben gelijk, iedere situatie is anders. Maar de principes voor succes zijn hetzelfde."

Toch, schrijft u, zeggen veel mensen uit het Midden-Oosten: allemaal leuk en aardig, dat idee van geweldloosheid, maar bij ons werkt dat niet.

"Je kunt op twee manieren kijken naar de effectiviteit van vreedzaam verzet. Ten eerste: de kansen op blijvende veranderingen zijn groter als je ze zonder geweld afdwingt, zo laat onderzoek zien. Geweld leidt vaak slechts tot meer geweld. Dat is ook logisch. Als je denkt dat alleen geweld voor verandering kan zorgen, zul je wapens blijven gebruiken. Je doodt Kadafi en installeert een nieuwe Kadafi.

Bovendien: een repressief regime heeft altijd een groot veiligheidsapparaat. De kans is niet alleen heel klein dat je dat met geweld kunt verdrijven, het is zelfs pure waanzin het te proberen. Zulke regimes zijn als Mike Tyson in de boksring of David Beckham op het voetbalveld. Wil je Beckham uitdagen, dan is het voetbalveld de laatste plek waar je dat wilt doen. Je verslaat hem eerder met scrabbelen of schaken."

Bij revolutie denken we aan massademonstraties. Maar die zijn het slotakkoord, schrijft u, niet het startpunt. Er is creativiteit nodig om mensen in beweging te brengen.

"Massademonstraties en bezettingen zijn echt maar één manier. Je moet zorgen voor variatie: straattheater, graffiti, pamfletten. Begin met kleine haalbare doelen, dan win je aanhang, en dan neem je de volgende stap.

Demonstraties maken een beweging zeer voorspelbaar. De machthebbers weten precies wat ze kunnen verwachten en kunnen zich daarop voorbereiden. Je wilt bovendien mensen iets kunnen laten doen los van hun leeftijd, hun woonplaats of opleiding. Nadat er fraude was gepleegd bij lokale verkiezingen, liepen wij in de winter van 1996-97 dag na dag door de straten in Belgrado. Op een gegeven moment besloten we lawaai te maken tijdens het journaal. We vroegen mensen mee te doen, uit het raam te gaan hangen en op potten en pannen te slaan. Toen kon mijn oma, die in de 70 was, ook meedoen. Zij wilde ons steunen, maar kon moeilijk in de vrieskou met ons meelopen.

De media concentreren hun verslagen op die demonstraties, en vergeten al die andere dingen. Dan is de verleiding groot om te zeggen: als alleen demonstraties aandacht opleveren, dan moeten we maar demonstreren."

U bent in uw boek kritisch over Occupy.

"Ik heb nooit begrepen wat Occupy wilde bereiken. Het was duidelijk waar ze tegen waren, maar niet waar vóór. Je moet een beweging altijd beginnen als een soort Harry Potter. Je zegt: als ik een tovenaar was en ik de wereld aanraakte met mijn toverstaf, dan zag die er zó uit. Bied een alternatief, waarin mensen zich kunnen vinden, dat mensen kunnen delen.

Mijn tweede kritiekpunt betreft hun tactiek. Hoeveel mensen kunnen dag na dag ergens gaan zitten? Je sluit daarmee heel veel potentiele aanhangers uit.

En het derde aspect waar Occupy heeft gefaald is branding. Waarom noemde Occupy zich niet de 'Beweging van de 99 procent'? Dan spreek je gewone mensen aan, de 99 procent van de bevolking die niet tot de elite, de superrijken behoort.

U benadrukt het belang van humor. Dat lijkt een belachelijk strijdmiddel tegen een dictator.

"Dat is het zeker niet. Lachen is een heel goed middel tegen angst. Als je geopereerd wordt, wil je niet precies horen wat de chirurg allemaal gaat doen, daar word je alleen maar banger van. Je wilt dat iemand je aan het lachen maakt, dat ontspant.

Bovendien: wie zijn het populairst? Zelden de rijksten, de sterksten, de hoogst opgeleiden; wel degenen die je aan het lachen maken. Die hebben een natuurlijke aantrekkingskracht."

Lach-tivisme, zo noemt Popovic het gebruik van humor en grappen in zijn boek. In de begindagen van Otpor plaatsten activisten in de Kneza Mihailova, zeg maar de Belgradose Kalverstraat, een ton met daarop het gezicht van Milosevic. Voor een dinar mocht je erop slaan. Na enige tijd kreeg het vat de ene klap na de andere, tot grote hilariteit van het publiek.

Humor plaatst machthebbers voor een dilemma, zegt Popovic: "Ze kunnen er niet tegen belachelijk gemaakt te worden. Maar wat moeten ze doen: die ton in beslag nemen, arresteren? Dan zetten ze zichzelf voor schut. Of het maar laten gaan? Dan lijken ze zwak. En riskeren ze dat anderen soortgelijke dingen gaan doen. Ze kunnen dus eigenlijk niet winnen.

Mensen reageren soms verontwaardigd: wat een idioot idee dat je iemand als de Syrische dictator Assad kunt verslaan met een goede mop. Natuurlijk verdrijf je Assad niet met grappen. Maar bij alle dingen die je doet om van hem af te komen is humor heel belangrijk."

Assad verslaan zonder geweld en met humor is al moeilijk voorstelbaar, maar bij IS is dat misschien nog wel lastiger.

"Vergis je niet, wij kennen mensen die video's maken waarin ze de draak steken met dit onverslaanbare, superheldenimago dat IS weet te verspreiden. Misschien is het soms nodig om te strijden op het slagveld. Maar besef wel dat dat is als het bestrijden van muggen. Je moet het moeras droogleggen, anders is het dweilen met de kraan open. Bestook je IS in Irak en Syrië met vliegtuigen, dan bestrijd je de symptomen. Je verdrijft ze misschien daar, maar ze duiken weer op in andere falende staten, Jemen, Mali, noem maar op. Geweld alleen lost dat probleem nooit op."

Heeft de buitenwereld daar dan niet een taak? Is het niet simpeler om via militaire interventie voor meer evenwicht op het slagveld zorgen?

"De bombardementen op Servië in 1999 hebben ons weinig geholpen. Als je met zijn allen in een grot zit, kun je over heel veel ruzie maken, maar als er ineens een gevaarlijk beest voor de ingang staat, klampt iedereen zich aan elkaar vast."

De Kosovo-Albanezen denken daar waarschijnlijk anders over.

"In Kosovo was een geweldloze verzetsbeweging, maar niemand besteedde aandacht aan ze. En toen verschenen de mannen met de wapens op het toneel, die werden beloond met militaire interventie. En nu zijn die mannen met wapens aan de macht. Ik denk dat veel Kosovo-Albanezen niet zo blij met hen zijn. Maar dat is bijna onvermijdelijk als je de strijd met geweld voert."

Wie is Srdja Popovic?

Popovic (1973, Belgrado) studeerde biologie en was een van de oprichters van Otpor!, de studentenbeweging die medeverantwoordelijk was voor het vertrek van de Servische president Slobodan Milosevic in oktober 2000. Kort na diens aftreden verliet Popovic Otpor, en werd hij parlementslid. Nadat de Servische maffia in 2003 president Zoran Djindjic - groot voorbeeld voor Popovic - had vermoord, verliet Popovic de politiek. Samen met oud-Otporactivisten begon hij Canvas, Centre for Applied Non-violent Action and Strategies, dat inmiddels activisten uit meer dan vijftig landen heeft getraind.

Volgens eigen zeggen wordt Canvas vooral gefinancierd door de gefortuneerde ex-activist Slobodan Djinovic en particuliere instanties.

Blueprint for Revolution: How to Use Rice Pudding, Lego Men, and Other Non-Violent Techniques to Galvanise Communities, Overthrow Dictators, or Simply Change the World.

Scribe; 282 blz. euro 12,99

Geweldloos, werkt dat wel?

Wie naar de wapens grijpt om een revolutie te ontketenen, moet zich realiseren dat geweldloosheid doorgaans meer succes heeft. Dat blijkt uit 'Why Civil Resistance Works' (2011), een onderzoek van twee Amerikaanse wetenschappers naar opstanden tussen 1900 en 2006. Van de geweldloze revoltes was 53 procent succesvol, gewapenderhand bereikten de opstandigen in 26 procent van de gevallen hun doel. Slechts 4 procent van de met geweld omvergeworpen bewinden mondde uit in een goed functionerende democratie. Terwijl maar liefst 42 procent van de regimes die door een geweldloze opstand ten val kwamen, een democratisch vervolg kreeg.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden