Reuzenbalsemien: lol, lust en last

Dieren en planten van buiten kunnen een plaag zijn voor Nederlandse soorten. Soms ook zijn ze een aanwinst. Trouw neemt deze zomer acht van deze 'exoten' onder de loep.

Nog even en het kan weer: knijpen in de rijpe zaden van de reuzenbalsemien. Is het laten schieten van het gewone, inheemse springzaad al grappig, dan is het laten knallen van de exotische reuzenbalsemien al helemaal lol. Als je in het dikste deel van het zaad knijpt, krullen de vijf lobben van de zaaddoos zich razendsnel om je vingers, terwijl het zaadje zelf tot meters wordt weggeschoten.

Ook de honingbij beleeft veel plezier aan de exotische reuzenbalsemien. Als de bloemen massaal in bloei staan, en er zit een imker binnen een straal van een paar kilometer, dan weten de bijen de weg naar de bloemen wel te vinden. "Het is een relatief late bloeier", vertelt imker Jeroen Vorstman van het Bijenhuis in Wageningen. "Vanaf augustus is er niet veel andere 'dracht' meer voor de bijen. Je hebt natuurlijk nog wel de bloeiende heide, maar die staat lang niet overal. En heidehoning is dan wel heel lekker, maar ook moeilijk te slingeren omdat het zo geleiachtig is. Aan het eind van het seizoen is de goed vloeibare honing van de reuzenbalsemien dan ook een prima alternatief."

De bijen zelf zijn er ook verzot op, weet Vorstman. "Je moet dus ook goed opletten als je kasten bij reuzenbalsemien hebt staan. De bijen kunnen zo gigantisch veel nectar aanvoeren dat de hele kast tjokvol komt te zitten. Als je dan niet op tijd slingert, of je plaatst geen extra bakken erbij, dan is er soms letterlijk geen plek meer voor eitjes of larven. Dan stoppen de werksters de ramen tot de laatste cel vol met honing."

Wintervoorraad
De exotische reuzenbalsemien is ook een uitstekende plant om een volk 'in te winteren', vertelt imker en bijenonderzoeker Tjeerd Blaquiere van de universiteit in Wageningen. "Bijen maken de honing in principe als reservevoedsel voor de winter. Als de imker dat voedsel 'afpakt', moet hij daar bijvoorbeeld suiker voor teruggeven als wintervoorraad. Maar de nectar van de reuzenbalsemien is een uitstekend alternatief dat de bijen zelf aanvoeren. Er zit veel fructose in. Zelfs het volgend voorjaar is de honing die de bijen van die nectar maken nog goed vloeibaar."

Baudewijn Odé, onderzoeker van Floron in Nijmegen, begrijpt het enthousiasme van de imkers, maar is zelf toch een stuk terughoudender over de exoot. "Hij is hier al een hele poos. Daarom is het ook moeilijk te achterhalen wat zijn precieze invloed is geweest op de inheemse planten. Maar je vraagt je toch af wat er op al die vochtige, schaduwrijke plaatsen had gestaan als er géén reuzenbalsemien was geweest. Je ziet ze nu echt massaal langs beken staan en ook in grote stukken wilgenbos in bijvoorbeeld de Biesbosch of de Millingerwaard. Is dat ten koste gegaan van de moerasandoorn, of andere mooie inheemse planten? Daar ben ik wel benieuwd naar."

Geduld en voorzichtigheid
Tegelijkertijd sluit Odé niet uit dat het probleem van deze exotische plant zich ooit nog eens spontaan oplost. "Aan het begin van de vorige eeuw was er een enorm probleem met de brede waterpest. Net zoals de waternavel nu, verstopte die plant hele kanalen en andere waterwegen. Maar in heel korte tijd stortte de populatie van die exoot op een gegeven moment ook weer in. Niemand weet of het een virus, een schimmel of iets anders was. Maar het blijft een feit dat invasieve exoten een tijd kunnen pieken om vervolgens toch naar normale proporties terug te worden gebracht. Geduld zou dus een oplossing kunnen zijn." Ook pleit Odé voor voorzichtigheid. "Je wilt echt geen exoten introduceren die zo'n stevige invloed kunnen hebben op een ecosysteem."

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden