Respect krijgen voor andermans zussen

Twee maanden lang ging verslaggever Rob Pietersen op pad met hulpverleenster Fatimazohra Hadjar. Met haar onderzocht hij de achtergronden van probleemgezinnen in Amsterdam Slotervaart. Vandaag: Kami-Kazi rapt in de strijd tegen loverboys.

Rob Pietersen

Het is de nieuwste vorm van criminaliteit in Slotervaart, want de boefjes lopen zelf veel minder risico op een ’heterdaadje’ dan bij een tasjesroof of ramkraak. Kwestie van achterover leunen en wachten tot het geld binnenstroomt.

Rapper Safoan Mokhtari (artiestennaam Kami-Kazi) schreef er eerder een lied over: ’Samira kom terug’. De clip werd op Youtube meer dan een miljoen keer bekeken, zijn mailbox stroomde vol: „Allemaal Samira’s. Allemaal slachtoffers van loverboys die zich in mijn song herkenden”, aldus de 25-jarige rapper.

„Als ik songs schrijf, gebruik ik mijn eigen kameleonstrategie”, vertelt Mokhtari. „Dan kruip ik in de huid van een ander. Zo kwam ik erachter dat het helemaal niet leuk is om een Marokkaanse meid te zijn. Thuis moet je alles doen, buiten de deur mag je helemaal niks. Er is overal hulpverlening voor jongens, maar niemand luistert er naar de meiden.”

„We hebben van huis uit, van ons geloof, respect voor de vrouw. Voor onze moeders en zussen. Maar op straat is elke andere vrouw een chickie, een sletje, een hoer. Meiden kunnen het nooit goed doen. Ze zijn kwetsbaar. Daar profiteren die loverboys van. Ze tonen belangstelling en begrip, luisteren, beschermen en zijn lief. Dat is precies wat die meiden missen, daar vallen ze voor. Maar één keer zonder hoofddoek voor de webcam en die meiden zijn al chantabel.”

Vorig jaar deden welzijnsorganisaties uit Slotervaart dertig meldingen van meisjes die in handen van een pooier zijn gevallen. Dat aantal neemt snel toe. De politie kan weinig ondernemen, omdat geen van de slachtoffers – -veelal Marokkaans - Nederlandse meiden – aangifte durfde te doen.

’Samira kom terug’ gaat over een meisje dat door haar neef wordt verkracht, daar zelf de schuld van krijgt, wordt verstoten en liefdevol wordt opgepikt door een loverboy. Het was het eerste liedje van ’de nieuwe Kami-Kazi’, die opgroeide op straat in Amsterdam-West. „Ik was al langer met muziek bezig, maar mijn eerste liedjes gingen nergens over. Zoals de meeste raps: puur opschepgedoe. Ik was boos op de wereld: fok-dit, fok-dat, fok-alles.”

„Er werd op Youtube veel naar mijn liedjes met best radicale teksten gekeken. Ik dacht: tjee, ik heb macht. Maar ik besefte ook dat ik niet wilde doorgaan met al die negatieve tracks. Met aanzetten tot haat. Ik wil dat mijn teksten eyeopeners worden.”

„Als je me rond ziet rijden in mijn BMW-cabrio met leren bekleding, sportstuurtje en alle extra opties, lijk ik wel een loverboy. Maar ik heb het door hard te werken zelf verdiend. Ik was een stotteraar, met mijn ouders was ik hier tien jaar illegaal, mijn leraar in groep 8 zei dat het nooit iets met me zou worden.”

Twee van zijn beste vrienden van toen, zitten nu in de gevangenis. Het zijn junkies, zegt hij: „Verslaafd aan alles wat verkeerd is. Geld en drugs. Ze hebben hun leven al kapotgemaakt op het moment dat alles eigenlijk pas echt zou moeten beginnen. Dat had mij ook kunnen gebeuren. Maar iedereen krijgt een herkansing, je moet alle negativiteit van je afschudden, we moeten uit die slachtofferrol kruipen en stoppen met naar excuses te zoeken. Dat wil ik met mijn songs laten weten.”

Zijn boodschap in de strijd tegen loverboys: Jongens moeten ook respect krijgen voor andermans zussen. Meiden moeten thuis liefde en waardering voelen, weerbaarder worden, er moet naar ze worden geluisterd. „Vóór het te laat is.”

Voor meer informatie over deze rapper, zie www.kami-kazi.nl

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden