Religie was in de oertijd het bindmiddel van de samenleving

Nieuwe studie laat zien dat de vrees voor een straffende god mensen goedgeefs maakt

Hoe zijn religies ontstaan? Antropologen wijzen veelal op de bindende factor ervan. Dat klinkt logisch: als een hele gemeenschap gelooft in hetzelfde opperwezen, schept dat een band. Maar voor biologen is het vreemd. Individuen die niet voor hun eigen gewin gaan, zouden door de natuurlijke selectie het onderspit moeten delven.

Dat kan zo zijn, schrijven wetenschappers in het vakblad Nature, maar voor de groep is het gunstig als de leden zich niet egoïstisch maar sociaal gedragen. En dat voordeel weegt zwaarder, uiteindelijk ook voor het individu. Uit hun onderzoek blijkt dat mensen die geloven in een alwetende en straffende god, niet alleen hun naasten helpen maar ook leden van de groep bijstaan met wie ze nauwelijks een band hebben. Als die maar in diezelfde god geloven.

Toen de mens zijn zwervend bestaan opgaf en zijn voedsel begon te verbouwen, werden de groepen waarin hij leefde groter. Dit succesverhaal knaagt aan de evolutietheorie. Die kan altruïsme in een kleine groep verklaren: er zijn onderlinge genetische banden en de weldoener geeft indirect zijn erfelijke eigenschappen door. Maar in een grote groep zijn die banden er niet altijd. En komt er van natuurlijke selectie niets terecht als de sterke de zwakke blijft helpen.

In dit verhaal zou religie de missende schakel kunnen zijn. Om dat te onderzoeken onderwierpen de wetenschappers leden van acht kleine gemeenschappen aan enkele speltesten. De gemeenschappen kwamen uit alle delen van de wereld - Tanzania, Brazilië, Polynesië - en hingen een religie aan met één almachtige god. Ze geloofden vaak ook in lokale goden of geesten. De deelnemers moesten in de speltesten geld verdelen; soms gaven ze iets aan zichzelf of een bekende, een andere keer ging het geld naar een onbekend stamlid. Daarvoor gooiden ze met een dobbelsteen, maar omdat ze alleen in gedachten bepaalden wat ze bij iedere worp zouden doen, konden ze een beetje sjoemelen. Dat zagen de onderzoekers terug in de uitslag; die week af van wat de kanstheorie voorspelde.

Zo leidden ze af dat in groepen met een krachtige god meer geld ging naar de buitenstaanders - met hetzelfde geloof. En dan niet bij een god die goed gedrag beloonde; het was de vrees voor bovennatuurlijke straffen die het altruïstische gedrag stuurde.

Mooi, schrijft de commentator van Nature. Eerdere studies lieten al zien dat gelovige mensen genereuzer zijn, maar maakten geen onderscheid voor het geloof van de ontvanger. Deze studie laat zien of religie echt de oorzaak is van altruïsme. Het lijkt er volgens het commentaar wel op. De boze geesten waar de proefpersonen in geloofden, hielden er geen moraal op na. Daar werden ze niet goedgeefser van.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden