'Religie ontneemt zicht op echte wereld'

Wat ontroert en troost een man die niets moet hebben van religie? De Amerikaanse filosoof Daniel Dennett neemt de verslaggever mee naar het Van Gogh Museum.

Op de revers van zijn jasje blinkt een speld in de vorm van een vis. Het is zo'n visje dat EO-christenen als herkenningsteken gebruiken. Maar de speld van de filosoof Daniel Dennett (1942) is allesbehalve evangelisch. In de buik staat het woord Darwin. "En het visje heeft ook pootjes, zie je dat? Het is een vis die aan het evolueren is."

Een beetje kinderachtig misschien, maar de Amerikaanse filosoof houdt nu eenmaal van provoceren. Hij kan het niet laten. Met andere 'nieuwe atheïsten' als Richard Dawkins en Sam Harris geldt Dennett wereldwijd als een van de meeste virulente aanvallers van religie.

Dat hij in de kerk zijn heil niet zoekt, is duidelijk. Maar wat is nog wél heilig voor Daniel Dennett? Wat ontroert en troost hem?

"Ga mee naar het Van Gogh Museum", schreef Dennett in antwoord op die vraag, voorafgaand aan een bezoek aan Nederland, waar hij een eredoctoraat van de Universiteit van Amsterdam in ontvangst komt nemen. "Voor mij zijn musea een soort seculiere tempels."

In het museum is het stil. Bezoekers zijn er op deze doordeweekse ochtend nauwelijks. Op de derde verdieping wijst Dennett enthousiast naar een doek van de Franse impressionist Gustave Caillebotte (1848-1894), een tijdgenoot van Vincent van Gogh. 'Uitzicht vanaf een balkon' heet het schilderij. Een bedrieglijke titel, want wat getoond wordt, is juist niet het uitzicht, maar datgene wat dat uitzicht flink in de weg zit: het ijzeren hekwerk van het balkon.

"Fantastisch", zegt Dennett over het schilderij. "Kijk, die koets daar, die kun je nauwelijks zien. Dat Caillebotte een balustrade tot hoofdthema van een schilderij verhief, dat was ongehoord. Provocatief. Maar hij maakte er een belangrijk punt mee: datgene wat je zicht op de realiteit belemmert, zie je meestal over het hoofd. Daar vestigde hij de aandacht op."

Dennett denkt na. "De realiteit zien zoals die is: het zou mijn levensmotto kunnen zijn. Want als ik ergens in geloof, dan is het in de waarheid."

Voor u is de waarheid heilig?
"Ja. Ik kan niet tegen liegen. Politici die een loopje nemen met de waarheid doen mijn bloed kolken. De waarheid wordt voortdurend verdraaid en bedolven onder lawaai. Dat kan ik niet velen. Ik wil alle obstakels tussen mij en de werkelijkheid uit de weg ruimen. En zoals dat ijzeren hekwerk Caillebottes uitzicht belemmert, zo is religie volgens mij het grootste obstakel dat ons het zicht op de echte wereld ontneemt."

Hoe ziet die echte wereld er dan uit?
"Die wereld is het product van een doelloos en blind proces dat Darwin als eerste op het spoor is gekomen. Die wereld vind ik wonderlijk."

Voor velen is die wereld ook beangstigend. We zijn een toevallig stipje in een onverschillig heelal. Zonder reden of roeping. Betekenisloos.
"U lijkt te suggereren dat het beter zou zijn als we onszelf misleiden."

Nee hoor, ik wilde weten of u dat gevoel herkent.
"Nee, ik ken dat soort gevoelens helemaal niet. Mij jaagt dat inzicht geen schrik aan. Ik zou het pas beangstigend vinden als ik mijzelf moest zien als een soort speelgoedpoppetje van een of andere godheid, van een onzichtbare koning ergens in het heelal. Dat vind ik niet bepaald een troostrijke gedachte."

Waaruit put u troost?
"Laat ik een voorbeeld geven. Zes jaar geleden werd ik ernstig ziek en moest ik een hartoperatie ondergaan. Toen ik dat overleefde, voelde ik mij ontzettend dankbaar. Maar aan wie moest ik mijn dankbaarheid richten? Aan God? Welnee! Aan de artsen en de wetenschap die het mogelijk maakten dat ik kon leven! Het geloof in God zou mij juist het zicht hebben ontnomen op wat er echt toe doet: de goedheid van de mensen om mij heen. Daaruit put ik troost. Thank goodness, zeg ik op zulke momenten. En ik bedoel dat heel letterlijk."

Dennett loopt verder. Bij Van Goghs schilderij 'De slaapkamer' uit 1888 blijft hij lange tijd staan. "Zie je hoe Van Gogh dat van tevoren allemaal zorgvuldig uitgedacht heeft? Ik zou willen dat ik het hele proces van scheppen kon reconstrueren. Van de eerste penseelstreek tot de laatste. Hoe lang is Van Gogh ermee bezig geweest? In welke hoek begon hij en waarom?"

Hier spreekt geen estheet in religieuze vervoering. Meer een analyticus die exact wil weten hoe alles werkt.

"Ik weet wel dat sommige mensen deze manier van kijken haten. Kunst ondergaan ze als iets spontaans, iets authentieks. Maar ik ben nu eenmaal gefascineerd door hoe dingen tot stand komen."

De waarheid is heilig voor u, zegt u. Vindt u het moeilijk om de waarheid te vinden?
"Nee. Ik vind het juist moeilijk om mijzelf te misleiden."

Tjonge.
"Nou ja, je bent jezelf natuurlijk altijd wel een beetje aan het misleiden. Je poetst je zelfbeeld op en wilt niet alle lelijke kanten zien."

Op welk punt misleidt u uzelf wel eens?
Lachend: "Dat ga ik u niet vertellen!" Serieuzer: "Goed, een voorbeeld. Er lopen in de academische wereld vast veel slimme mensen rond die mijn werk niet kunnen uitstaan. Maar ik wil niet weten wie dat precies zijn of hoeveel dat er precies zijn. Ik zou er alleen maar depressief van worden. Dus daar misleid ik mijzelf een klein beetje. Maar voor de rest... Nee, er schiet mij niets te binnen."

Het punt van misleid worden is natuurlijk ook dat je het zelf niet in de gaten hebt.
"Weet u wat mijn diepste angst is? Dat ik te zelfverzekerd ben. En mij te comfortabel voel bij mijn eigen opvattingen. Traumatisch was wat dat betreft mijn eerste jaar op de universiteit. Ik was niet succesvol, ik was supersuccesvol. Alles lukte. Ik kreeg een reputatie als beeldhouwer, als pianist, als wiskundige, als filosoof... U begrijpt dat ik nogal met mijzelf was ingenomen. Tot ik op een nacht opeens de leegte van al die lokale triomfjes inzag. Als een berg bakstenen viel de angst over me heen. Ik moet mijzelf redden, dacht ik, ik word een arrogante klootzak."

Hoe heeft u uzelf gered?
"Ik ben overgestapt naar een betere universiteit, Harvard, waar ik meer werd uitgedaagd en niet meer zo werd overgewaardeerd. Dat hielp. De beste remedie tegen deze angst is: contact met mensen die tegen je opgewassen zijn. Het is een reality-check."

Dennett wijst om zich heen. "Dat vind ik ook zo opvallend aan het leven van Van Gogh. Hij omringde zich met vrienden en geestverwanten, die hem aankonden, die hem soms zelfs vooruit waren. Hij had dat contact nodig, hij snakte ernaar. Hij wilde zelfs een kunstenaarskolonie stichten. Zonder al die mensen was hij nooit de schilder geworden die we kennen. Dat herken ik."

U heeft dat contact met geestverwanten ook nodig?
"Ja, heel erg. Filosofen vertrouwen vaak te veel op hun eigen kunnen. Neem Descartes: die twijfelde aan alles, behalve aan zichzelf. Dat is eigenlijk vreemd."
Bent u wel eens bang dat u te zelfverzekerd bent in uw kritiek op religie?
"Kijk, ik ben heel optimistisch over de toekomst van religie, ik denk namelijk dat die er somber uitziet. Het internettijdperk waarin we leven heeft de beschermende vliezen rond religies onherstelbaar beschadigd, is mijn overtuiging. En toch... Ja, soms ben ik bang dat ik de veerkracht van religies schromelijk heb onderschat. Misschien zijn religies veel beter in staat zich te transformeren dan ik denk. Misschien zie ik iets over het hoofd."

Datgene wat je zicht op de realiteit belemmert, zie je meestal over het hoofd.
"Tja. Maar toch ben ik behoorlijk zeker van mijn zaak."

Uw zelfvertrouwen wint het van uw angst?
"Ik ben ervan overtuigd dat religieus geloof tanende is. Men zegt vaak dat religie een wedergeboorte meemaakt, dat ze niet verdwijnt. Maar dat is onzin. Overal waar je kijkt, zie je dat religie terrein verliest. De groep van ongelovigen groeit het snelst. De fundamentalisten maken een hoop herrie, wanhopig proberen ze vast te houden aan wat er nog is. Maar het zijn stuiptrekkingen. Religie is helemaal niet aan een inhaalslag bezig. Dat is niet waar."

Zijn ogen schieten vuur. "Gewoon. Niet. Waar."

Daniel Dennett doceert filosofie aan Tufts University in de Amerikaanse staat Massachussets en doet onderzoek naar het menselijk bewustzijn en naar kunstmatige intelligentie. Hij studeerde bij de logicus W.V. Quine aan de universiteit van Harvard en daarna bij taalfilosoof Gylbert Ryle in Oxford.

Dennett werd geboren in Beiroet, waar zijn vader - van huis uit islamoloog - spioneerde voor de Amerikaanse overheid. Nadat zijn vader bij een mysterieus vliegtuigongeluk om het leven kwam, verhuisde de vijfjarige Daniel naar de Verenigde Staten.

De filosoof heeft twee zussen: de één is een bekende onderzoeksjournaliste, de ander voorganger van een vrijzinnige hervormde kerk, de United Church of Christ. Zelf moet Dennett niets hebben van religie. In zijn boek 'Breaking the Spell' uit 2006 legt hij uit waarom.

Samen met geestverwanten als Richard Dawkins probeert hij de negatieve term 'atheïsme' van zich af te schudden en noemt hij zichzelf een bright, zoals homoseksuelen gay heten. "Het is tijd dat wij brights uit de kast komen", schreef Dennett in 2003 in de New York Times. Een bright is iemand die een naturalistisch wereldbeeld aanhangt. Iemand die wél in God of in iets hogers gelooft, noemt Dennett een super.

Dennett schreef veel boeken, waaronder 'Consciousness Explained' uit 1991 en 'Darwins Dangerous Idea' uit 1995. Daarin onderzoekt hij de consequenties van Darwins theorie van natuurlijke selectie. In 2003 verscheen 'Freedom Evolves', over de evolutie van de vrije wil. Daarin probeert Dennett te laten zien dat determinisme samen kan gaan met een vrije wil, zij het in beperkte vorm.

Tijd voor de brights om uit de kast te komen

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden