Reisopera sneeft in schoonheid

Met 'Götterdämmerung', het laatste deel van Richard Wagners mammoetcyclus 'Der Ring des Nibelungen', sluit de Nationale Reisopera in Enschede een bijzonder geslaagd project, uitgesmeerd over vier jaar, met grote allure af. Helaas is het ook het einde van de Reisopera in oude vorm.

Opera

Götterdämmerung De Nationale Reisopera ¿¿¿¿¿

De vijf sterren boven deze recensie slaan natuurlijk eerst en vooral op het gebodene: een ijzersterke enscenering van Wagners 'Götterdämmerung' (Godenschemering), ook nog eens bloedmooi muzikaal uitgevoerd door het Gelders Orkest onder leiding van Ed Spanjaard.

Maar deze maximale sterrenregen staat overdrachtelijk ook voor het gezelschap en zijn roemruchte geschiedenis: de Nationale Reisopera. Na de zes uitvoeringen van 'Götterdämmerung' is het namelijk gedaan met het gezelschap in de oude vorm. Als productiekern - dus zonder eigen koor, kostuum- of decoratelier - zal de Reisopera nog slechts kleine producties op kunnen zetten. De eerste 'echte' nieuwe enscenering staat pas voor volgend jaar november op de planning. Dat is dan wel meteen - als statement - Wagners 'Tristan und Isolde'.

Als om te benadrukken hoe dom en erg de door Den Haag opgelegde bezuiniging is, vlamde de Reisopera zondag nog één keer in volle glorie. Wat een allure lag er over deze superieure voorstelling! Met een zeldzaam langdurig applaus, doorspekt met onstuimig en hartstochtelijk geroep voor sommige individuen, gaf een tot de nok gevuld Wilminktheater in Enschede blijk van zijn enthousiasme voor deze uitzonderlijke operamiddag; het was tevens een hart onder de riem voor de Reisopera om toch vooral niet op te geven.

Met 'Götterdämmerung' kwam een eind aan Wagners 'Der Ring des Nibelungen', waarmee in 2009 met 'Das Rheingold' zo voortvarend was begonnen. Men sprak toen al over 'het wonder van Enschede' en die kreet klonk met iedere nieuwe aflevering steeds terechter. Naast een inventief regisseur als Antony McDonald, over wie zometeen, is de hoofdverantwoordelijke voor dit wonder Ed Spanjaard.

Spanjaard, die de oorspronkelijk voor dit project benaderde Jaap van Zweden verving, heeft zijn maestro-status die hij bij kenners allang had, in die vier enorme Wagners meer dan bewezen.

Met het Gelders Orkest trok hij zondag één grote spanningsboog over de meer dan vierenhalf uur muziek die Wagner nodig heeft om zijn verhaal over Siegfrieds dood en het einde van de goden te vertellen. Het cement tussen de scènes op de bühne wordt gevormd door de verschillende orkestrale tussenspelen, hier steeds met gesloten voordoek gespeeld, zodat de aandacht wel naar de muziek móest gaan.

Dirigent en orkest waren juist op deze scharnierpunten in de partituur in grootse vorm en vonden gezamenlijk een dynamisch palet van ontelbare schakeringen. Fluisterzacht, geheimzinnig, dreigend, dan weer schallend of knetterend hard. Toen aan het eind Walhalla in de hens ging, de Rijn buiten zijn oevers trad en de natuurlijke orde weer hersteld werd, bleek dat Spanjaard en de zijnen hun kruit niet verschoten hadden. Samen met het spectaculaire beeld dat McDonald had bedacht - een videoprojectie van een op hol geslagen in de fik staand reuzenrad - kwam er een fel vlammend einde aan deze 'Ring'.

Een 'Ring' die door McDonald bewust kneuterig is gehouden. Een kleinburgerlijke 'Ring', waarin eerst en vooral een helder verhaal wordt verteld in simpele en klare taal. Dat reuzenrad zagen we al in 'Das Rheingold', toen heel ver weg in de bergen, als onderdeel van het door de reuzen gebouwde Walhalla. De familie Wotan wachtte toen op een klein stationnetje op het tandradtreintje dat hen naar boven zou vervoeren en maakte ondertussen leuke kiekjes van elkaar.

Die kiekjes zaten nu in het fotoboek dat de Nornen aan het begin van 'Götterdämmerung' tijdens een keurig kopje thee bekeken. Het fotoboek eindigde verscheurd, de kiekjes vlogen in het rond, er zou een einde komen aan deze familie.

Wonderschone beelden bedacht McDonald, en hij maakte er zelf prachtige decors (het statige huis aan de Rijn van de Gibichungen) en kostuums (de spetterende jurken met modderrand van de Rijndochters) bij. De personenregie van McDonald is al evenzeer om door een ringetje te halen. Zelden zo'n goed getypeerde Gunther gezien als dit lulletje rozenwater, overigens met grote klasse gezongen door Thomas Oliemans. De verknipte Hagen, die na de bloedbroederscène het achtergebleven bloed van de grond likt, omdat hij er zo graag bij wil horen, had in de persoon van Renatus Mészár last van een opspelende keelonsteking, maar wat een geslepen figuur speelde hij.

Een trio puike Nornen, drie fantastisch zingende Rijndochters en een uitstekende Gutrune gaven aan dat de Reisopera ook in de kleinere rollen goed gecast had. Maar het draait in deze opera natuurlijk om het liefdespaar Brünnhilde en Siegfried. Tenor Mati Turi kenden we al uit 'Siegfried' en ook hier verraste hij met een uiterst wendbare stem, die aan het eind weliswaar bijna op was, maar die zich krachtig en kranig hield in deze onmogelijke rol.

Grote ontdekking was sopraan Kirsten Blanck die voor het eerst de rol van Brünnhilde zong. Een zangeres die zich zonder angst vol in de rol stortte en niet opzag tegen halsbrekende capriolen op de bühne. Haar slotsène was om nooit te vergeten. Wat ontzettend mooi!

Nog te zien t/m 16 oktober.

www.reisopera.nl

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden