Reisgids voor de refowereld

De opnamen van de film 'Dorsvloer vol confetti' zijn in volle gang. Om missers te voorkomen, zocht de scenarioschrijfster hulp in reformatorische kringen.

TEKST GERRIT-JAN KLEINJAN

De andere aanwezigen op het terras houden zich gedeisd. Niet zo vreemd, want het is het warmst van de dag. Onder de parasols is het bloedheet. Maar op de plek waar Liesbeth Labeur en Chris Westendorp zitten, ligt al in de eerste minuut van het gesprek een pittige geloofskwestie op tafel.

"Wat betekent het om te sterven?", vraagt Chris Westendorp.

Liesbeth Labeur: "Eigenlijk moet je twee keer sterven. De eerste keer tijdens je leven. Dan is het je bekering. Dan heet het dat je 'gestorven bent aan jezelf'. Je sterft voor de tweede keer als je overlijdt. Op dat moment is het eeuwigheid geworden."

Een paar stoelen verderop spitst een enkeling de oren als hij flarden van het gesprek opvangt. Op het eerste gezicht lijkt het alsof de twee vrouwen opgaan in een diep geloofsgesprek, uitgesproken in een taal voor ingewijden. Maar niets is minder waar. Aan het woord zijn scenarioschrijfster Chris Westendorp (43) en kunstenares Liesbeth Labeur (38). Ze bespreken een passage uit 'Dorsvloer vol confetti', het succesdebuut van schrijfster Franca Treur, een boek over een meisje dat opgroeit in een reformatorisch gezin.

De taal die Labeur en Westendorp spreken mag ernstig klinken, hun gezichten staan vrolijk. Chris Westendorp schreef het scenario voor de film die momenteel van 'Dorsvloer vol confetti' wordt gemaakt. Een hele opgave, want de orthodox-protestantse wereld uit het boek is voor Westendorp onbekend. Ze schakelde daarom advies in van Liesbeth Labeur, die opgroeide in een vergelijkbare christelijke omgeving in Zeeland als de schrijfster. In Labeurs kunstwerken staat vaak de reformatorische cultuur centraal. Zo maakte ze de graphic novel 'Op weg naar Zoar', een strip over een Zeeuws reformatorisch meisje.

Hoe maak je je als scenarioschrijver een wereld eigen waarin het bijbelwoord zo'n cruciale rol inneemt? Westendorp pakt haar exemplaar van 'Dorsvloer vol confetti' van het tafeltje, een doorleefd exemplaar met talloze onderstrepingen en aantekeningen. Het gesprek gaat verder waar het was gebleven. Westendorp legt haar vinger bij een passage uit het boek waarin twee personages, de oma en haar vriendin Ka, een dialoog hebben over het geloof, de dood en wat daarna komt.

Westendorp: "Ik dacht eerst dat met 'het is eeuwigheid geworden' de hemel werd bedoeld".

Labeur: "Nee, het kan betekenen óf eeuwig in de hemel óf eeuwig in de hel".

Ben je niet in de wereld van het boek opgegroeid, zo blijkt uit de vragen die Westendorp stelt aan Labeur, dan is het knap lastig om alle uitdrukkingen en zegswijzen van de biblebelt zonder brokken in een filmscript te krijgen. In 'Dorsvloer vol confetti' zijn vooral de oma en haar vriendin bedreven in de 'Tale Kanaäns'. Het is taal die ontleend is aan de Statenbijbel. Als de twee oude dames in het boek praten over iemand die een abrupte bekering onderging, dan zeggen ze bijvoorbeeld: "Hij is van een Saulus een Paulus geworden". En de boodschap uit de Bijbel heet 'Dat Ene nodige'.

"Voor buitenstaanders is dit geheimtaal", verzucht Westendorp, die vertelt dat ze speciaal voor het schrijven van het script een abonnement nam op het Reformatorisch Dagblad om de orthodoxe cultuur te doorgronden.

Juist vanwege de geslotenheid van de reformatorische wereld zijn er volop vooroordelen, is de ervaring van Labeur. Zelf nam ze een tijd terug afscheid van het geloof, maar in haar woonplaats Middelburg heeft ze nog volop reformatorische kennissen. Een aantal hielp graag mee aan de voorbereidingen voor de film. "Voor mij en voor hen waren de vooroordelen juist een motivatie om de filmmakers de échte refowereld te laten zien."

Labeur nam de scenarioschrijfster en andere leden van de filmploeg mee naar een reformatorische scholengemeenschap. Ook stond er een kerkdienst op het programma, van de gereformeerde gemeenten in Middelburg. Labeur: "Uiteraard regelde ik hoedjes en de juiste kledij voor mijn gasten".

De filmcrew trof het, want die zondagavond preekte er een dominee uit Meliskerke, het dorp waar Franca Treur opgroeide en dat model staat voor de gemeenschap in haar boek. "Op die manier kregen ze het zo authentiek mogelijk mee", zegt Labeur.

Of het kwam door de juiste kleding is niet duidelijk, maar van vijandigheid en geslotenheid was niets te merken in de kerk. Integendeel. De filmploeg werd heel hartelijk ontvangen. Labeur: "De koster was erg blij om te horen dat er kerkgangers waren die voor het eerst in hun leven in de kerk kwamen. Dat vind ik altijd weer heel opvallend. Dat je aan de ene kant dat heel hartelijke hebt van de mensen, terwijl je tegelijkertijd zo'n harde boodschap van het geloof hoort."

Labeur richt zich tot Westendorp: "Weet je dat nog? In de eerste psalm die we zongen zat de tekst: 'Hij zal naar 't recht de woeste heid'nen richten, met lijken 't veld bezaaien door Zijn hand'?"

Westendorp knikt: "Het was een heftige dienst".

Labeur: "Toch was dit hoe het er normaal gesproken aan toegaat".

De dienstdoende predikant van die avond waarschuwde voor het eeuwige hellevuur dat ieder mens wacht als hij onbekeerd sterft. Westendorp: "De dominee sprak totaal anders dan je normaal ziet in films. Helemaal niet bombastisch. Hij had juist een langzame en rustige stem." Met des te meer effect. Westendorp: "Juist daardoor ging het helemaal onder je huid zitten. Toen we terugreden zeiden we tegen elkaar: stel nou dat ze tóch gelijk hebben, dan doen wij alles helemaal fout. Als het op ons al zo'n indruk maakt, hoe moet het dan zijn als je een jaar of acht bent?"

De filmploeg beluisterde de cd-opname van de kerkdienst nog regelmatig, ter inspiratie voor de film. "We wilden precies weten hoe de zegen werd uitgesproken", zegt Westendorp.

Labeur, met een lach: "Ik denk niet dat deze dominee heeft voorzien dat zijn preek nog zoveel impact zou hebben".

Het luistert allemaal nauw. Vooral in de nuances is de refocultuur lastig te doorgronden. Maar zelfs wie zich grondig voorbereidt, heeft snel een fout gemaakt.

Westendorp: "We dachten dat het wel mooi zou zijn als in de film de ouderling de dominee welkom heet, voordat de kerkdienst officieel begint".

Labeur: "Dat gebeurt dus nooit. Een dominee is veel te verheven om zomaar welkom te heten. Die ís er gewoon."

Kunstenares Liesbeth Labeur (links), zelf afkomstig uit een gereformeerd milieu, adviseert scenarioschrijfster Chris Westendorp bij de verfilming van 'Dorsvloer vol confetti'.

Gezocht: figuranten
De producent van 'Dorsvloer vol confetti' zoekt nog figuranten voor de gelijknamige film, die tot eind augustus wordt opgenomen op het Zeeuwse eiland Walcheren. Belangstellenden kunnen zich melden bij: dorsvloer@columnfilm.com.

De film is naar verwachting begin volgend jaar te zien in de bioscoop.

Dorsvloer vol confetti
'Dorsvloer vol confetti' gaat over de twaalfjarige Katelijne Minderhout. Het meisje, een dromerig type, is niet echt op haar plaats in het Zeeuwse boerengezin, dat zich laat leiden door het letterlijke woord van de Heilige Schrift. De roman is een verzameling ironische schetsen van een reformatorische jeugd in een landelijk decor, en beslaat familieverhalen, dorpsroddels, bekeringsgeschiedenissen en bijbelverhalen.

Gelovigen in de film
Het gaat dikwijls fout in Nederlandse films die behoudende gelovigen portretteren. Neem 'De uitverkorene' (2006), een film die gebaseerd is op het leven van de gebroeders Baan, twee succesvolle reformatorische softwareondernemers. Zo zet de kerkgemeente op een gegeven moment een psalm in, weifelend en ritmisch gezongen. Fout. In bevindelijke kring klinkt de gemeentezang op hele noten en met een stevig stemgeluid. Ook spreekt de dominee in de film van 'Heer', terwijl in werkelijkheid zonder uitzondering 'Heere' wordt gebruikt. Dit zou eerbiediger zijn.

Nog een voorbeeld. Het 'Het woeden der gehele wereld' (2006), een verfilming van het gelijknamige boek van Maarten 't Hart, speelt in een gereformeerd milieu in de jaren vijftig. De gereformeerde dominee (Peer Mascini) praat uitermate geaffecteerd. Bovendien heeft hij als kapsel een kakmat. Dat soort predikanten kenden de gereformeerden niet in de tijd waarin de film speelt - veel te elitair.

Met name oudere Nederlandse films weten gelovigen karikaturaal neer te zetten. Zo voldoen in 'Een vlucht regenwulpen' (1981), een andere Maarten 't Hart-verfilming, de gereformeerde ouderlingen aan werkelijk alle clichés die men maar kan bedenken: ze dragen driedelig zwart, preken tijdens een huisbezoek met uitgestreken gezichten hel en verdoemenis en zijn ook nog eens verschrikkelijke huichelaars.

undefined

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden