Regie: Erasmus

Hieronymus van Albrecht Dÿrer: geen rode kardinaalshoed, geen leeuw. (Trouw)

Erasmus, de grote humanist, krijgt 500 jaar na zijn beroemde Lof der zotheid een tentoonstelling. Hij kan tevreden zijn.

Hoe jong ze ook zijn, hooguit een jaar of zeven, de meeste kinderen uit het schoolklasje dat wordt rondgeleid over de Erasmustentoonstelling in museum Boijmans Van Beuningen in Rotterdam, associëren de zwarte baret van Erasmus meteen met geleerdheid. Op de vraag van de lerares waarom ’die meneer’ een zwarte ’muts’ draagt, komen meteen de reacties los: ’Omdat hij een professor is’, ’Die meneer leest hele dikke boeken’ en ’Omdat hij erg geleerd is’. Als Erasmus had kunnen meeluisteren, was hij vast tevreden geweest. Want dat was precies het effect dat hij beoogde met de portretten die hij van zichzelf liet maken. Hij koos bewust voor het imago van de hardwerkende geleerde en liet zich altijd uitbeelden in een herkenbaar tenue: een donkere lange mantel, een hoge pelskraag en een zwarte baret. Later was dat niet meer nodig en liet hij zich ook zonder ’geleerde’ attributen uitbeelden, al ontbrak de zwarte baret nooit.

Vijfhonderd jaar nadat Erasmus met de Lof der Zotheid één van de invloedrijkste boeken uit de geschiedenis schreef, brengt Boijmans een tentoonstelling over de denker en humanist Desiderius Erasmus (1466-1536). Niet het woord staat centraal op de expositie Erasmus in Beeld, maar de beeldende kunst. Schilderijen, tekeningen, prenten en beelden illustreren de invloed die Erasmus had op kunstenaars met de ook nu nog actuele thema’s die deze wereldburger aan de orde stelde: geleerdheid en opvoeding, oorlog en vrede, en kerk en geloof.

Erasmus onderhield contacten met kunstenaars als Albrecht Dürer, Quinten Massys en Hans Holbein de Jonge. Ze maakten portretten van hem die onder meer uit New York, Parijs en Lissabon voor het eerst naar Nederland zijn gehaald. Brieven en geschriften bewijzen dat Erasmus nauwkeurig de regie behield over de manier waarop hij werd geportretteerd en op zijn manier dus al aan ’image building’ deed.

Een hele galerij met portretten verwelkomt de bezoekers, te beginnen met het schilderij dat Quinten Massys in 1517 maakte. Erasmus was toen al vijftig, maar eerder kon hij zich dat financieel en vanwege zijn kloostergeloften niet veroorloven. Erasmus was rond 1516 wereldberoemd geworden en de behoefte om zijn gezicht te leren kennen, was groot. Er zijn wel vroegere afbeeldingen bekend, maar dat waren zelfportretten: karikaturen die hij rond 1515 in de kantlijnen van een handschrift tekende. Zelfspot was hem niet vreemd. Zo tekende hij zichzelf met een heel grote neus. In de officiële portretten die hij liet maken, ontbreekt dit soort humor.

Het laatste oorspronkelijke portret dateert van 1536, toen hij op zijn sterfbed lag, maar nog lang daarna zijn tal van kopieën en navolgingen geschilderd. Boijmans laat ook het vijf eeuwen oude portret zien dat onlangs op een veiling in Parijs werd aangeboden, waarvan wordt vermoed dat het om een werk van Hans Holbein de Jonge gaat. Het onderzoek is nog niet rond, maar Boijmans’ conservatoren zien veel raakvlakken met ander werk dat Holbein de Jonge van Erasmus maakte.

Erasmus bemoeide zich niet alleen met zijn eigen portretten, hij had ook invloed op de manier waarop de vierde-eeuwse kerkvader Hieronymus – voor Erasmus hét toonbeeld van geleerdheid – werd uitgebeeld door schilders. Hieronymus werd standaard afgebeeld met een rode kardinaalshoed en een leeuw aan zijn voeten, een verwijzing naar de legende waarin hij een leeuw temt door een doorn uit zijn poot te trekken. Erasmus verafschuwde de vele legendes rondom de kerkvader. In het portret dat Albrecht Dürer in 1521 van Hieronymus maakte, ontbreken voor het eerst de kardinaalshoed en de leeuw. In al zijn eerdere schilderijen van de kerkvader had Dürer die nog wel opgenomen. Dat hij ze op een gegeven moment wegliet, kan geen toeval zijn. Precies in die periode stond hij in contact met Erasmus. De invloed van Erasmus reikte zo ver dat Quinten Massys samen met Dürer vervolgens een nieuw Hieronymus-type ontwikkelde, zonder leeuw, met zijn ogen gericht op een groot boek. Andere kunstenaars namen dat weer over, zodat Hieronymus sindsdien nooit meer met de door Erasmus verafschuwde leeuw werd afgebeeld. Ook de portretten van Erasmus zelf –met zijn baret, specifieke houding en blik– hadden grote invloed op de ontwikkeling van het geleerdenportret.

De Lof der Zotheid, waarin Erasmus allerlei menselijke dwaasheden en onhebbelijkheden aan de kaak stelt, mocht uiteraard ook niet ontbreken op deze expositie. Kunstenaar Krijn de Koning en grafisch ontwerper Tessa van der Waals gaven deze een heldere strakke vormgeving met als bindend element een ’lint’ van citaten van Erasmus. Met de Lof der Zotheid inspireerde Erasmus kunstenaars om wereldse onderwerpen te schilderen. Er ontstond een nieuw genre van narren, geldwisselaars en vrekken, dronkelappen en oplichters. Ook het thema van de ’ongelijke liefde’ tussen een oude man en jonge vrouw of andersom, waar Erasmus niets van moest hebben, werd veel geschilderd.

Aangekomen bij dit onderdeel van de expositie realiseer je je pas goed hoe actueel de denkbeelden van Erasmus nog zijn. Zo is de link met de huidige kredietcrisis snel gelegd bij het schilderij van Jan Provoost, van een door geld verblinde koopman, die een kwitantie overhandigt aan de Dood. Erasmus’ afkeer van hebzucht is verbeeld in de persoon van een man met zwarte baret.

Het lijkt gewaagd om de opvattingen van Erasmus, toch bij uitstek de man van het woord, in beelden weer te geven. Maar het resultaat is een interessante en gevarieerde tentoonstelling die ook mensen die niet bijster geïnteresseerd zijn in de wetenschapper, zal weten te boeien.

En Erasmus zelf? Die zou het prima hebben gevonden, afgaand op één van zijn citaten op deze expositie, waarin hij benadrukt dat afbeeldingen een belangrijke rol kunnen spelen in het onderwijs. „Kinderen zullen verhaaltjes en fabels met meer plezier lezen en beter onthouden, als ze de hoofdpunten ervan in prentjes te zien krijgen en als de inhoud van een verhaal in een afbeelding wordt getoond.” Laat dat nou precies zijn wat Boijmans doet met deze expositie.

(Trouw)
Erasmus door Quinten Massys. Zo zag Erasmus zichzelf graag. (Trouw)
Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden