Biblebelt-lezing

Refo's, let op uw zaak!

Leden van de SGP zingen na afloop van het SGP-partijcongres.  Beeld ANP
Leden van de SGP zingen na afloop van het SGP-partijcongres.Beeld ANP

De orthodox-gereformeerde wereld verandert. Maar naarmate ze meer op de gewone wereld begint te lijken, verliest ze haar meerwaarde, betoogt oud-Kamerlid Jan Schinkelshoek vandaag tijdens de eerste biblebelt-lezing.

Het grootste deel van zijn familie is nog bevindelijk gereformeerd, zijn broer is predikant in een orthodoxe gemeente, zijn moeder bewaart het Reformatorisch Dagblad voor hem, hij neemt de publicaties over het reformatorische milieu tot zich, het nieuwste boek van Franca Treur heeft hij meteen gekocht.

Jan Schinkelshoek volgt de orthodoxe wereld waarin hij is opgegroeid en waarin hij werkte als journalist, goed. Maar hij zou zichzelf nooit een deskundige noemen, hij is een buitenstaander geworden. Hij heeft de Oud Gereformeerde Gemeenten verlaten, een van de meest behoudende kerkgenootschappen die er zijn. Hij is nu lid van de Protestantse Kerk in Nederland, hij was Kamerlid voor het CDA.

Bevindelijke sferen

Maar vandaag zit hij weer in de bevindelijke sferen. Op de jaarlijkse Biblebelt Netwerkdag in Utrecht houdt hij de eerste Biblebelt-lezing. Daarvoor worden mensen uitgenodigd die 'zowel vanuit hun betrokkenheid bij de reformatorische traditie als vanuit een brede maatschappelijke ervaring een persoonlijke, kritische en/of leerzame visie geven op de toestand van de zogeheten biblebelt'.

De uitnodiging heeft Schinkelshoek aangenaam verrast, maar het optreden voor de groep van ook internationale wetenschappers brengt wel een lichte spanning bij hem teweeg: "Het woord is hier misplaatst, maar het voelt als een geloofsbelijdenis: zo heb ik het beleefd en hier wil ik voor waarschuwen. Je wordt al schrijvende gedwongen nog eens scherp naar jezelf te kijken en verantwoording af te leggen."

Geleidelijk

Zijn overgang van de Oud Gereformeerde Gemeenten naar de toenmalige Hervormde Kerk, en van de SGP naar het CDA, is geleidelijk gegaan. En hij heeft er geen trauma's aan overgehouden. "Mijn verhaal wordt geen moderne versie van Jan Wolkers' 'Terug naar Oegstgeest'", blikt hij vooruit op de lezing, die hij vorige week in grote lijnen had afgerond. "Ik heb nooit een breuk gevoeld, ik ben geleidelijk weggegroeid. Ik kreeg steeds meer moeite met de tamelijk naar binnen gekeerde oud-gereformeerden, met de gestolde vormen waarin het geloof werd beleefd. Ik kon er niet meer ademen. Mijn familie heeft dat moeilijk gevonden, maar ze heeft me niet verlaten. Ondanks de afstand die er is gegroeid, heb ik respect voor hun manier van geloven en doen."

Vanaf de zijlijn ziet hij dat zich op de biblebelt grote veranderingen voltrekken. Op reformatorische scholen is er discussie uit welke bijbelvertaling er gelezen moet worden, of meisjes een broek aan mogen of niet. Via internet is de tv de huiskamer binnengekomen. SGP-politici treden op voor de camera's, de eerste vrouwelijke lijsttrekker heeft zich er binnengevochten, de partij flirt met de macht. Wellicht uit een behoefte aan erkenning, overweegt Schinkelshoek, treden partij, kerk en school meer naar buiten, ze eisen hun plek op, het meest zichtbaar is dat aan de megakerken die in Barneveld en Yerseke worden gebouwd. Schinkelshoek noemt ze zonder aarzelen kathedralen - van hem mag het een onsje minder.

Tekst gaat verder onder de afbeelding

Reformatorische school Johannes Calvijn in Amersfoort. Beeld
Reformatorische school Johannes Calvijn in Amersfoort.

Refolutie

Maar Schinkelshoek waarschuwt. Hij houdt zijn gehoor vandaag voor dat het 'gist aan de oppervlakte'. De interne loyaliteit neemt af, relishoppen is in op de bijbelgordel. Jongeren laten zich niet meer zo makkelijk in een keurslijf stoppen. De groei van de gemeenten vlakt af, 'de bouw van de megakerken maskeert die uitholling alleen maar'. De levensstijl is uitbundiger geworden, van predikanten begrijpt Schinkelshoek dat het materialisme hard toeslaat. Hoogleraar Fred van Lieburg heeft voor al die verschuivingen in de refowereld de term 'refolutie' uitgevonden, en Schinkelshoek zegt hem dat graag na. "De zuil begint barsten te vertonen", concludeert hij.

Gaan de orthodox-gereformeerden de grote protestantse zuil achterna, die na de jaren zeventig is verbrokkeld, en waar de kerkverlating aan de orde van de dag is? Of, zoals u het zelf formuleert, is het wachten op een Kuitert uit bevindelijke hoek, die de 'gereformeerde dogmatiek' als een ui schil voor schil afpelt?

"Ik kan niet in de sterren zien of die geschiedenis zich gaat herhalen. Maar het lijkt me te simpel dat zij automatisch dezelfde gang gaan maken. Het hoeft niet. Er zijn andere overlevingsvormen denkbaar. Maar dan zul je je wel moeten aanpassen. Dat is juist het knelpunt. Veranderingen brengen, met name bij orthodox-protestanten, spanningen met zich mee. Je ziet nu al discussie in eigen kring: gaan we niet te veel lijken op lichtere christenen, of op mensen die niet geloven? Worden we gelijkvormig aan de wereld, zoals men het in die kringen noemt? Worden we te aards? Dat was altijd de grote vrees, en die vraag begint nu ook weer op te komen."

Wat moeten ze doen, om overeind te blijven?

"Ze moeten van mij niks. Maar als je als zuil wilt bestaan, moet je een gemeenschappelijke identiteit onderhouden en koesteren, en verder ontwikkelen. Die zat er in het persoonlijke, bezielde, bevindelijke geloof, een diep zondebesef, een volstrekte afhankelijkheid van Hogerhand. Is dat er nog? Leeft het? Of is het weggeëbd, is het weggeorganiseerd, is het diep verstopt geraakt achter al die correcte woorden, achter die oprechte inzet, achter die indrukwekkende zuil? Naarmate de refozuil gewoner wordt, verliest ze haar meerwaarde. Als de SGP een gewone, christelijk conservatieve partij wordt, als de behoudende gereformeerden steeds meer de kant opgaan van de rechtervleugel van de Protestantse Kerk, als het reformatorisch onderwijs haar onderscheidend vermogen verliest, dan loopt het geleidelijk af. Dan móet je erover nadenken wat het klassieke bevindelijk geloof nog betekent. In hoeverre bezielt het nog, wat betekent het geloof persoonlijk voor je, heb je het niet te veel tot een stelsel gemaakt? Is er een eigen, overtuigend, gelovig antwoord op de eisen van de tijd? Dat is een worsteling, dat zijn hele lastige vragen, maar die moeten wel beantwoord worden."

Zou het ook positief kunnen zijn, dat het isolement eraf gaat, dat er meer vrijheid komt het leven vorm te geven, dat er meer ruimte komt om te ademen?

"Dat is een keus die men binnen die kring zelf moet maken, ik geef geen advies in de ene, of in de andere richting. Men kiest ervoor, het is een helder kader. Het is misschien wel een streng kader, maar ik heb het nooit als dwangbuis ervaren, het belemmerde me ook niet. Ik vond het voor mijzelf wel te beperkend, maar anderen kunnen zeggen dat ik nu vastigheid en zekerheid mis en misschien hebben ze wel gelijk.

"Mijn opvoeding heeft me gevormd, ik heb me ontwikkeld, dat kon allemaal op die bevindelijke basis. Ik constateer nu dat het cement steeds brokkeliger begint te worden. Het is aan mijn voormalige geloofsgenoten of ze het gebouw opnieuw willen voegen, zodat het klaar is voor de toekomst, of dat ze er een monument van willen maken. Daar ga ik niet over. Maar als je het pand wilt bewaren, moet wel de onderliggende basis op orde zijn. Let op uw zaak, dat is wat ik zeggen wil."

Zou u het voor de samenleving een verlies vinden als de bevindelijke zuil onherkenbaar zou worden en zou opgaan in de grote christelijke hoofdstroom?

"Ja, dat zou ik wel een verlies vinden, ondanks de beperkingen die ik zelf heb ervaren. Ik ben een product van dat milieu, het heeft een stempel op me gedrukt, maar ik zie ook de waarde ervan. Er klinkt iets authentieks door in de stem van de orthodox-gereformeerden. Het zou spijtig zijn als dat verdampt of als ze zich weer opsluiten in hun isolement. Het CDA is zich aan het heroriënteren op de joods-christelijke waarden. Aan dat debat kunnen de bevindelijken een belangrijke bijdrage leveren. Maar het meest waardevolle vind ik - en ik spreek voor mezelf - dat de bevindelijkheid een mooie remedie is tegen een al te groot vertrouwen in wat mensen kunnen en vermogen. Mijn grootvader waarschuwde tegen eigenmachtigheid, ik vind het zo'n prachtig woord, eigenmachtig, ik hoor het nog. Het verwacht te veel van de mens. Daartegenover past wel een beetje bescheidenheid, een bewustzijn van de eigen beperkingen. Iets daarvan kunnen we in onze moderne maatschappij echt wel gebruiken."

Wie is Jan Schinkelshoek?

Jan Schinkelshoek (Capelle aan den IJssel, 1953) volgde reformatorisch onderwijs. Hij werd parlementair verslaggever bij het Reformatorisch Dagblad. In die functie had hij veel contact met Wim Aantjes, destijds fractieleider van de ARP, een van de voorlopers van het CDA. Het christelijk-sociale denken van Aantjes sprak hem zozeer aan dat hij lid werd van de ARP. Hij werkte lange tijd voor het CDA, als voorlichter en campagnemanager. Na banen in de communicatiewereld werd hij in 2006 Kamerlid voor het CDA.

Schinkelshoek werd in 2010 niet herkozen. Hij meldde de partij dat hij niet beschikbaar was voor een eventueel vrijkomende zetel, omdat hij zich niet kon vinden in de onderhandelingen met de PVV, waarmee zijn partij samenwerkte in het kabinet met de VVD. Schinkelshoek is nu zelfstandig communicatie-adviseur. Hij is voorzitter van de algemene kerkenraad van de protestantse gemeente in Scheveningen en voorzitter van de commissie achter de jaarlijkse kerkelijke geldwervingsactie Kerkbalans.

Wat is de Biblebelt?

Bevindelijk gereformeerden wonen - uitzonderingen als Katwijk daargelaten - in een band over Nederland die loopt van Zeeland, via de Zuid-Hollandse eilanden en de Veluwe, tot globaal Overijssel. In het Nederlands heet dit de Bijbelgordel. In Nederland vormen de bevindelijken sinds de jaren zestig een kleine zuil. De kinderen uit de vaak grote gezinnen gaan naar het reformatorische onderwijs, ze stemmen SGP, ze hebben hun eigen krant, het Reformatorisch Dagblad, eigen zorginstellingen, een eigen vakbond en werkgeversorganisatie. Hun standpunten zijn conservatief, hun geloof kenmerkt zich door een diepgevoeld zondebesef en het persoonlijk ervaren ('bevinden') van het geloof. Ze hebben niet één kerk, maar verschillende: de Gereformeerde Gemeente, de Gereformeerde Gemeente in Nederland, de Oud-Gereformeerde Gemeenten, de Oud-Gereformeerde Gemeenten in Nederland, de Hersteld Hervormde Kerk. Vrouwen dragen in de kerk een hoed. Op de kansel staan ze niet, evenmin mogen ze lid worden van de kerkeraad. Tot de bevindelijken horen tussen de 200.000 en 300.000 mensen, afhankelijk van wie er precies bij worden gerekend.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden