Referendum laat kater achter

Bij een nee staat het kabinet voor een onmogelijke taak, nieuwe onvrede ligt dan op de loer

Toegenomen tegenstellingen in de samenleving. Een enorme kater hier en daar, en strategisch gedrag van kiezers.

De oogst van een aantal weken campagne voor een referendum over het associatieverdrag met Oekraïne zal niet onmiddellijk zijn wat D66, PvdA en GroenLinks - als de bedenkers van de wet die het raadgevend referendum mogelijk maakte - voor ogen stond.

Er moet heel wat geëvalueerd worden de komende weken, ongeacht wat de uitslag en het opkomstpercentage van de volksraadpleging van vandaag zullen zijn.

Over welke onderwerpen moet een raadgevend referendum gaan? Moeten de eisen voor het kunnen aanvragen van een referendum niet omhoog? Was het nu wel zo verstandig in de wet op te nemen dat dertig procent van de kiezers moet opdraven wil het een geldige uitslag kennen?

Allemaal vragen die, door het kabinet en uiteindelijk door de Kamer, van een antwoord moeten worden voorzien. Sommigen kunnen en zullen blij zijn met de uitslag vanavond, maar niemand kan blij zijn met hoe het referendum - en de campagne op weg daarnaar toe - is gegaan.

Dat het de initiatiefnemers van het referendum niet te doen was om het associatieverdrag, was een al langer breed gedragen vermoeden. Toch kwam de mededeling van één van de aanjagers, het Burgercomité EU, in NRC Handelsblad nog als een schok. Het comité grijpt alles aan om de relatie tussen Nederland en de Europese Unie onder druk te zetten. Het associatieverdrag was de eerste gelegenheid, meldden twee vertegenwoordigers van het comité.

Voor GeenStijl, die andere initiatiefnemer, was al het gedoe en geruzie in de afgelopen weken al aanleiding te roepen dat, ongeacht de uitslag, zij het referendum al gewonnen hadden. De samenleving een beetje ontregelen. Lang leve de lol.

De campagne van de afgelopen weken, of je het referendum nu als een welkome aanvulling wilt zien op de representatieve democratie, dan wel het hele instrument verwerpt, heeft in ieder geval de beperkingen van een volksraadpleging prominent in beeld gebracht. Het is onmogelijk om te voorkomen dat hierbij geheime agenda's worden gevoerd en dat achter een relatief simpele vraag een hele wereld schuil gaat.

Achter veel enthousiasme voor het referendum gaat ongetwijfeld de behoefte schuil het gevoel te hebben dat er naar je wordt geluisterd. Het is dan ook niet verwonderlijk dat het Sociaal en Cultureel Planbureau vorige week na onderzoek rapporteerde dat steun voor het referendum als nieuw democratisch instrument samenhangt met genoten opleiding. Naarmate de opleiding hoger is, wordt de noodzaak van referenda minder gevoeld.

De kloof, die zich momenteel ontwikkelt in de Nederlandse samenleving, is tijdens de afgelopen campagne dieper geworden. De diploma-democratie, de term werd gemunt door de bestuurskundige Mark Bovens, uit zich ook bij de wens referenda te houden. Tegenstanders van referenda zullen, als ze deze raadpleging nog eens overdenken, er niet aan ontkomen op deze potentieel gevaarlijke tweedeling een antwoord te formuleren.

De kans dat de onvrede verder zal worden aangewakkerd, wordt bovendien vergroot door het antwoord dat kabinet en parlement op de uitspraak zullen moeten formuleren. Mocht het associatieverdrag worden afgewezen, dan staat het kabinet voor een onmogelijke taak.

Als het de onderhandelingen al zou willen heropenen, dan is de kans levensgroot dat in Brussel nul op het rekest wordt gekregen. Nieuwe onvrede en nog een kater liggen al op de loer.

Voor, tegen of niet stemmen

undefined

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden