Redding hockeyclub Feijenoord ligt op het water

Sportclub in Rotterdamse achterstandswijken droomt van drijvend speelveld in oude haven

Het regent steeds harder. Op het Afrikaanderplein in Rotterdam-Zuid negeren de jongens en meisjes de verkleumende kou, zoals alleen kinderen dat kunnen. Ze rennen met hockeysticks over het kleine sportveldje bij de speeltuin. Een meisje zegt tegen de trainer: "Wanneer spelen we weer een wedstrijd? Dan kunnen al mijn fans naar mij kijken."

Die trainer is Paul Veldhuijzen (49), een man met tomeloze energie. Hij richtte op 10 oktober 2010 hockeyclub Feijenoord op, wat om twee redenen opmerkelijk is te noemen. Op de talloze pleintjes 'op' Zuid voetballen kinderen. Ze hockeyen niet. Die sport is nog altijd voorbehouden aan de overwegend autochtone buurten van Rotterdam, zoals Kralingen, Schiebroek en Hillegersberg. Bovendien heeft hockeyclub Feijenoord geen eigen accommodatie. "Het klinkt onmogelijk, maar toch kunnen wij bestaan", lacht Veldhuijzen.

In een week van de hockeyclub is geen dag hetzelde. Feijenoord verplaatst zich als een soort nomadenstam door de gelijknamige deelgemeente: op maandag speloefeningen op kleine veldjes op Katendrecht en in Hillesluis. Op woensdag rijdt de wijkbus naar hockeyvereniging Leonidas in Kralingen om daar op echte velden te kunnen trainen. Binnenkort starten op donderdagavond in Hillesluis lessen voor 55+'ers. Vrijdag instuiftrainingen op het Afrikaanderplein voor de jeugd. En zaterdag echte bondswedstrijden op het Cruyff Court in Hillesluis. Daar kunnen alleen kinderen tot en met negen jaar aan meedoen. Dit speelterrein beslaat namelijk een kwart van een echt hockeyveld. Wie tien jaar of ouder is, speelt op een volwassen veld, en daar beschikt Hockeyclub Feijenoord niet over.

Het hockeyvirus verspreidt zich langzaamaan door de wijken van Rotterdam-Zuid, vertelt Paul Veldhuijzen. Maar het is een weerbarstig proces. Op maandagen en vrijdagen mogen alle kinderen meespelen. Wedstrijden zijn alleen bedoeld voor leden van de hockeyclub. Dat zijn er nu ruim vijftig, veel te weinig om de vereniging te kunnen financieren. De gemeente Rotterdam ziet het maatschappelijk nut van de sportvereniging en stelde aanvankelijk geld beschikbaar. Door de financiële crisis wordt de structurele steun eind dit jaar stopgezet, zegt Veldhuijzen. Van het NOC*NSF krijgt hij op dit moment nog een bijdrage. "Ik heb goede hoop dat er ook volgend jaar ergens geld beschikbaar komt. Mijn advocaat zei vanmorgen nog: 'In God we trust. The rest of us please show facts'. En voorlopig is niets zeker."

Paul Veldhuijzen zegt daarom dat de Rijnhaven wel eens de redding van de hockeyclub kan zijn. Op dat water, ingeklemd tussen de Kop van Zuid en Katendrecht, wil hij een hockeyveld laten drijven. Een ingenieus en haalbaar plan, volgens Veldhuijzen. Een architect, wiens zoon bij Feijenoord hockeyt, heeft zich over het ontwerp ontfermd.

De gemeente Rotterdam wil dat over ongeveer vijf jaar huizen in de Rijnhaven verrijzen, als toonbeeld voor het 'drijvend bouwen'. Tot dan mogen andere projecten de plek opvullen (zie kader). Hockeyclub Feijenoord is een van de kanshebbers.

Als het lukt, zegt Veldhuijzen, "hebben we eindelijk een eigen speelveld, een eigen kantine met barjuf, eigen kleedkamers. Dat kan de club ook een eigen identiteit opbouwen en zullen we groeien."

Wat de vereniging nodig heeft, is een investering van meer dan een miljoen euro. Veldhuijzen spreekt met ingenieurs, bouwbedrijven en architecten en krijgt enthousiaste reacties. "Je moet je voorstellen dat zo'n drijflichaam zeker vijftig jaar meegaat. Je kunt het straks uit de haven slepen naar, bijvoorbeeld, Sail Amsterdam. Je zet er een tribune naast en je hebt een mobiel stadion. En het mooie is: De golfslag in de Rijnhaven is een halve meter hoog. Op het hockeyveld merk je niet eens dat je op het water bent."

Kansrijke ideeën voor drijvende wijk
Het gebied om de Rijnhaven heen - Kop van Zuid, Katendrecht - is de afgelopen jaren spectaculair veranderd door architectonische hoogstandjes. Het watergebied zelf is onverminderd saai.

Wethouder Hamit Karakus (PvdA, ruimtelijke ordening) wil daarom in de Rijnhaven drijvend bouwen mogelijk maken. De komende vijf jaar geldt deze haven als een laboratorium, waar met drijvende projecten kan worden geëxperimenteerd. De gemeente stopt geen geld in de bouwsels, maar zal drempels zoveel mogelijk wegnemen. Initiatiefnemers hoeven geen havengeld of leges te betalen en krijgen hulp bij het verkrijgen van de vergunningen. De gemeente maakt over enkele weken bekend welke projecten kunnen worden gerealiseerd, waarbij 'het streven is om een combinatie uit te voeren'.

Naast het drijvende hockeyveld, zijn de kanshebbers:

dobberende bomen op boeien. Bedacht door kunstproducent Mothership, naar een idee van de Nederlands-Columbiaanse kunstenaar Jorge Bakker.

drijvende stadskas. In de zomer dient het gebouw als expositieruimte, in de winter als ijsbaan.

zwemboot en wakeboardbaan. Zwemmen in een boot en waterskiën aan een lijn, door architectenbureau MorePlatz en Bart van der Holst.

undefined

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden