Rechter moet waarheid ter zitting zoeken

Het is niet zozeer Geert W. die een gevaar is voor de rechtsstaat, maar meer de werkwijze van rechters in strafzaken.

De vraag of de grote blonde ariër uit Venlo de rechtsstaat door zijn optreden in gevaar brengt, is niet zomaar te beantwoorden. Vrijwel ieder weldenkend mens zal het met me eens zijn dat zijn optreden als verdachte in een strafzaak nauwelijks verschilt van dat van andere verdachten, die roepen dat ze onschuldig zijn en de rechter niet deugt.

Wat mij wel verontrust, is dat hij meent dat als hij wordt veroordeeld twee miljoen Nederlanders met hem worden veroordeeld. Een verdedigingsstrategie die nog geen enkele van de ongeveer vijfduizend mensen die ik de afgelopen 35 jaar heb verdedigd, heeft bedacht.

Op zichzelf een vondst, maar de stelling snijdt geen hout. Wat verontrust, is dat hij de stelling poneert als parlementariër, bij uitstek medeverantwoordelijk voor de rechtsstaat. Hij is volgens mij even bang als alle mensen die worden gedagvaard voor een strafbaar feit. Het is angst voor het voorkomen zelf, maar vooral voor de straf die kan volgen.

Verontrustender is dat W. (ook hij heeft als verdachte recht op privacy) in een aantal gevallen gelijk zou kunnen hebben. Het gaat dan om de verschrikkingen in een zaak als de Chipshol-affaire, rommelende rechters en wat niet al. Het vertrouwen in de rechter heeft hier een deuk opgelopen. Dat vertrouwen in de rechter - dat hij eerlijk, kundig en onafhankelijk is - daar gaat het om. Het was lange tijd absoluut. Als bij een staking van 80.000 mensen de rechter in kort geding besliste dat de staking onrechtmatig was, dan ging iedereen gewoon aan het werk. Maar geldt dat nog steeds?

De vraag of de rechtsstaat in gevaar is, kan ik niet goed beoordelen. Ik heb de neiging om te zeggen: te grote woorden. De strafzaak tegen W. heeft door de grote media-aandacht een nieuwe dimensie aan de strafrechtspraak gegeven. De zaak is zich door het wonderlijke optreden van de rechters en de getuigen, met name Janssen en Schalken, in de media gaan manifesteren als zou de rechtsstaat in gevaar zijn. Niet de rechtsstaat maar de strafrechtspraak en daarmee al dan niet de rechtsstaat is al jaren in gevaar.

Naast andere oorzaken is de belangrijkste het verlaten van het onmiddellijkheidsbeginsel. Dit is het beginsel dat alles op de zitting door de rechter moet worden onderzocht. Na het de auditu-arrest (van horen zeggen) is het systeem ontstaan waarin de opsporingsinstanties processen-verbaal opmaken die als dossier aan de rechter worden gepresenteerd. In dat dossier zit de veroordeling in principe besloten. Of het ook de waarheid bevat, is van ondergeschikt belang.

De rechter gaat uit van de waarheid zoals het dossier die in de processen-verbaal laat zien. Na het lezen van het dossier meent de rechter de waarheid te kennen. Dit is de oorzaak van rampen als de Puttense moordzaak. Het 'de auditu'-arrest heeft echter tot een schier onherstelbare weeffout in onze strafrechtspraak geleid. Als we niet terugkeren naar het onmiddellijkheidsbeginsel, waarbij alles op de zitting moet worden vastgesteld aan de hand van het ondervragen van alle agenten, getuigen en verdachten die in het dossier voorkomen en te controleren of alles klopt, zullen de miskleunen zich blijven voordoen. De rechter moet gewoon weer zelf de waarheid ter zitting zoeken.

Als de rechtsstaat wordt gedragen door het vertrouwen dat de burger heeft in de rechter, dan is als gevolg van deze werkwijze van de rechter in de strafrechtspraak, de rechtsstaat wel degelijk in gevaar.

De auteur is een van de sprekers bij het debat 'Uw rechtspraak is de mijne niet' dat de Stichting Montesquieu vandaag organiseert in Den Haag.

undefined

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden