Rebecca Horn: Je geeft geboorte, daarna heeft het werk zijn eigen leven

Rebecca Horn, overzichtstentoonstelling 1968-1993 t/m 30 januari in het Van Abbemuseum, Bilderdijklaan 10, Eindhoven. Open di t/m zo 11-17u. Catalogus f 75. Zondag 28 november geeft de kunstcritica Antje von Graevenitz om 15.00u een lezing rond het werk van Horn.

Kleine en grote machines bewegen, draaien en ratelen. Een blindenstok tikt tastend in het rond. Zwenkende revolvers zoeken nerveus elkaars schootsveld. Helderblauwe vlindervleugels klapwieken fragiel. Een metronoom klikt de maat, een puntige pendel mist op een haar na een struisvogelei, verrekijkers zwenken op ooghoogte en een mysterieuze rivier van kwikzilver golft in een bedding van rubber.

Machines, geluiden en bewegingen. Of het nu beelden, installaties of films betreft, Horns expositie is een eigen universum met haarzelf als regisseur. Aan het woord 'retrospectief' heeft ze een hekel: “Ik kijk niet terug, ik ben immers nog niet dood.” De benoeming enscenering komt meer in de richting.

Horns tentoonstelling is niet chronologisch geordend maar thematisch, als een muzikale ontwikkeling in het klassieke zalencircuit van het Van Abbemuseum, zoals ze het zelf noemt. Centraal staat haar 'Rio de la luna' (Maanrivier), een soort transformatiemachine met als hart een serie trechters, van waaruit zilverkleurige buizen zich door muren en vloer kronkelen. Onderweg doorlopen ze kastjes waarin ze kleine riviertjes van kwikzilver lijken voort te stuwen. Uit sommige uiteinden van de buizen steekt een dikke, draaiende boor. In de kastjes lijkt bevruchting en celgroei plaats te vinden, terwijl de boren voortgaan met zich door de materie heen te werken.

Voelen en tasten, leven en dood, man en vrouw, communicatie, energie en transformatie zijn de thema's. Horn werkt er al mee sinds 1968, toen zij (tijdens een ziekbed van een jaar en een revalidatieperiode van twee jaar) begon met het maken van body-extensions, voorwerpen die als een soort verlengstukken van het lichaam dienden om de omgeving nader af te tasten en een nieuwe, 'verlengde' ervaring bij de drager te bewerkstellingen. Indertijd paste dit werk goed in de toenmalige sfeer van happenings en performances en bij het verkennen van de grenzen tussen kunst en leven. Nu sluit Horns werk goed aan bij de nadruk die het lichaam en zintuiglijke ervaringen momenteel binnen de kunst krijgen. Voor veel jonge, hedendaagse kunstenaars is Horn een lichtend voorbeeld.

Veel over haar werk wil ze niet kwijt, maar een paar vragen wil ze wel beantwoorden. “Als kunstenaar heb je een egoistische houding”, zegt Horn. “Je moet iets vertellen om het voor jezelf zichtbaar te maken. Het hoeft geen succes te hebben, het gaat erom persoonlijke ervaringen duidelijker te maken. Je probeert het beste wat je kunt te geven. Je geeft geboorte, daarna heeft het werk zijn eigen leven. Bij presentatie aan het publiek reageren mensen, ze pikken iets op. Vaak ben ik verbaasd over wat ze ermee doen.”

Horn zet essentiele, persoonlijke ervaringen om in een tast- en ervaarbare taal. Ze haat de vergelijking met Joseph Beuys (een van haar leraren), al is die natuurlijk wel relevant, zoals ze zelf erkent. Ook zij vond haar eigen, favoriete materialen, zoals veren, vogelvleugels, eieren, kwik en mechanieken. Eveneens vergelijkbaar met Beuys is Horns opvatting over energie: door omzetting kan energie worden vrijgemaakt en gebruikt om iets nieuws uit te bouwen.

In Munster, waar ze op verzoek een plaatsgebonden werk zou realiseren, koos Horn als plek een dichtgemetseld gebouw, dat in de oorlog door de Gestapo gebruikt was als verhoorruimte. Uiteraard maakte Horns installatie in dit gebouw veel reacties los, ze maakte iets openbaar wat de meeste mensen liever wilden vergeten. Wel ontstond er een vruchtbare bodem voor discussie en na zeven jaar controverse heeft de gemeente zojuist besloten het werk te behouden. Een negatieve lading diende als motor om een proces van verandering op gang te brengen. Ook deze houding plaatst Horn midden in de actuele discussies over kunst, die gaan over de maatschappelijke relevantie van kunst en over de verantwoordelijkheid van de kunstenaar ten opzichte van de maatschappij.

Dat film voor haar een goed medium is, spreekt voor zich. In feite houdt Horn zich steeds met geregisseerde gebeurtenissen bezig, of het nu een machine is, een 'Maanrivier' of een werk als 'Bekentenissen van een gek' (1989), waarbij de memoires van Strindberg langzaam bedolven raken dooor een laag gezichtspoeder, die op het tikken van een hamer uit een zeef dwarrelt, als in een mechanisch toneelstuk. “Ik ergerde me aan de manier waarop Strindberg over zijn vrouw schreef,” verklaart Horn, “Met een laag poeder, mijn eigen effect, maak ik het acceptabel.”

Met film kan nog veel meer. Vroeger diende het om performances vast te leggen. Nu zijn er praktische redenen - installaties zijn tijdelijk, film is blijvend en voor iedereen te zien - en persoonlijke. Horn noemt film 'een persoonlijke luxe, mee te nemen als mensen die met me meereizen, steeds in een andere dialoog en stemming'. Haar films zijn echter nog veel meer: ze verweeft in haar regie realiteit, fictie, spontaniteit en oefening en kan aan de afwerking net zolang polijsten als zij wil. Bovendien geven ze een breder verband aan een aantal voorwerpen in de tentoonstelling die speciaal voor de films gemaakt zijn, zoals de mechanisch klapwiekende vlinders voor de film 'Busters bedroom' (waarin zij verwijst naar de door haar bewonderde Buster Keaton).

“Ik wil mijn werk langzaam ontwikkelen,” zegt Horn. “Als ik het ene beeld na het andere zou moeten maken, zou ik doodgaan. Iedereen doorloopt vele leerprocessen, in het leven van een kunstenaar is dat net zo. In verband met mijn werk wordt het woord 'alchemie' vaak genoemd. Alchemie gaat ook over het beproeven en ontwikkelen van kennis, en over langzame transformatieprocessen. In die zin zou je kunnen zeggen dat ik me met alchemie bezighoud.”

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden