Reaguren op milieumaffia

Op internet laten mensen hun politiek correcte masker makkelijk vallen. Milieukundige Sacha Kuijs ontdekte dat klimaatsceptici online talrijker zijn dan in de resultaten van enquêtes.

'Weer een hoop overheidsgeld het raam uitgegooid voor een zinloos rapport." "En iedereen tuft vrolijk door in zijn koekblik op wielen." Zomaar een greep uit de 3.360 reacties die milieukundige Sacha Kuijs tegenkwam in artikelen over klimaatverandering op de site van 29 Nederlandse kranten en tijdschriften waaronder die van Trouw. Ook nu de klimaattop in Doha aan de gang is, laaien de discussies op internet weer op.

Twee jaar lang ploos Kuijs voor haar afstudeeronderzoek al die reacties uit die tussen 2002 en 2009 bij berichten over het klimaat werden achtergelaten. Voor zover zij weet is Kuijs een van de eersten die een wereldbeeldanalyse heeft gemaakt van internetreacties. Uit al die meningen die mensen op internet ventileren, spreekt volgens haar een ander beeld dan uit de resultaten van publieksonderzoeken. Online hebben klimaat- sceptici veel meer de overhand dan mensen die geloven dat klimaatverandering door eigen handelen is te beïnvloeden. En daar zouden de opstellers van klimaatbeleidsplannen meer rekening mee moeten houden, denkt Kuijs. Met haar onderzoek won zij de scriptieprijs Natuurwetenschappen 2012 van de Open Universiteit.

Kuijs vond het wel vermakelijk en af en toe ook verbazingwekkend om al die commentaren van de 'reaguurders' door te nemen. "Mensen hebben vaak een heel uitgesproken mening over klimaatverandering", viel haar op. "Ze denken dat ze er verstand van hebben, maar dat valt tegen. Zo wordt het broeikaseffect op één hoop gegooid met het gat in de ozonlaag en zure regen, terwijl dit heel andere milieukwesties zijn."

De wantrouwende toon van de reacties sprong ook enorm in het oog. Kuijs: "Dat wantrouwen richt zich niet alleen tegen politici, maar ook tegen wetenschappers, milieuorganisaties, media en instituten als het KNMI. 'Linkse milieumaffia' en 'bangmakerij' zijn termen die vaak voorbijkomen. Het milieu wordt door veel lezers als een excuus gezien om allerlei extra belastingen te heffen, zonder dat de opbrengsten daarvan daadwerkelijk naar het milieu gaan. De vliegtaks, de belasting op vliegtickets die in 2008 werd ingevoerd en in 2009 alweer afgeschaft, is daar een voorbeeld van. De lezers hadden er geen begrip voor omdat de opbrengsten niet direct werden ingezet om een milieuprobleem te helpen oplossen." Daarnaast heeft ze de indruk dat veel van deze klimaat- sceptici sympathie hebben voor de PVV. "Geert Wilders wordt vaak genoemd als iemand die wel de juiste, transparante oplossingen heeft."

De reacties die mensen op internet achterlieten waren vaak te kort voor Kuijs om ze te toetsen aan wereldbeeldtypes die door de sociale wetenschappen en het Planbureau voor de Leefomgeving zijn opgesteld. "Van al die 3360 lezersreacties die ik heb onderzocht, was maar 15 procent bruikbaar." Om bruikbaar te zijn moesten de reacties trefwoorden die duidelijk te linken zijn aan de wereldbeeldtypes, voorkomen. Ze moesten bijvoorbeeld termen bevatten als 'toekomstige generaties' en 'dijk verhogen' of 'Kyoto kost ons banen'.

Dat op internet juist de klimaat- sceptici die niet geloven dat de mens medeverantwoordelijk is voor het broeikaseffect boven komen drijven en niet de klimaatadepten die daar wel van overtuigd zijn, is verrassend als je kijkt naar de resultaten van publieksonderzoeken die onder andere door het Planbureau voor de Leefomgeving (PBL) zijn uitgevoerd. Kuijs: "Het planbureau heeft in 2003 en 2007 onderzocht welk wereldbeeld mensen prefereren. In beide onderzoeken kwamen de wereldbeelden die bij klimaatadepten horen, Zorgzame Regio (45 procent in 2003 en 44 procent in 2007) en Mondiale Solidariteit (22 procent in 2003 en 23 procent in 2007), veel meer voor dan in mijn onderzoek. Slechts 2 procent van de bruikbare reacties die ik op internet vond, bleek van toepassing op het wereldbeeld Zorgzame regio en 6 procent op dat van mondiale solidariteit. De klimaatsceptische wereldbeeldtypen Mondiale markt (48 procent) en Veilige regio (43 procent) hadden duidelijk de overhand."

Kuijs verklaart het grote verschil deels uit de anonimiteit van internet. "Daardoor durven mensen misschien eerder minder politiek correcte antwoorden te geven. De enquêtes waren weliswaar ook anoniem maar je bent je er bij het invullen toch van bewust dat je onderzocht wordt. Als ze hadden geweten dat ik onderzoek naar hun reacties zou doen hadden site-bezoekers hun toon misschien ook wel meer gematigd."

Hoewel ze dat wel had verwacht zag ze in de jaren 2002 en 2009 het wereldbeeld dat uit de reacties sprak, niet wezenlijk veranderen. Ook niet na belangrijke evenementen waarbij het onderwerp klimaatverandering veel het nieuws haalde zoals het uitkomen van 'An Inconvenient Truth', de film van Al Gore in 2006, het verschijnen van het rapport van klimaatpanel van de Verenigde Naties in 2007 en het LiveEarth-concert in datzelfde jaar en de klimaattop in Kopenhagen in 2009. "De klimaatsceptici bleven het hardst roepen."

Wat haar ook verraste was dat de reacties per krant of tijdschrift niet hele grote verschillen lieten zien. "Ook de bezoekers van de Trouw-site voldeden met hun reacties aan het algemene plaatje. Bij de bezoekers van de site van de Volkskrant waren zowel bij de sceptici als de adepten uitschieters te vinden. Alleen bij de reacties die ik bij stukken van de NRC vond, waren de wereldbeeltypes iets gelijker verdeeld, in tegenstelling tot de Sp!ts en de Telegraaf waar eigenlijk alleen maar sceptici reageren."

Hoewel ze bij de verschillende reacties wel regelmatig de naam van Hans Labohm, een bekende klimaatscepticus, tegenkwam, heeft ze niet het idee dat de dominantie van wantrouwige reacties te herleiden valt tot een of andere anti-klimaatlobby gefinancierd door bedrijven die hun geld verdienen met fossiele brandstoffen of kernenergie. "Het is niet zo dat ik dezelfde formuleringen of namen opvallend vaak tegenkwam op verschillende sites. Het is sowieso moeilijk om iets over de mensen achter de reacties te zeggen. Van meer dan de helft van de reacties kon ik uit de naam niet eens afleiden of het een man of een vrouw was. Mensen gebruiken pseudoniemen als Uitgeburgert, Reageerbuizerd of Vlinder."

Kuijs zou het dan ook te kort door de bocht vinden als mensen op basis van haar onderzoek zouden concluderen dat de meeste Nederlanders diep in hun hart klimaatsceptici zijn die hun auto liever niet willen laten staan. "Deze reacties geven absoluut geen representatief beeld van de gemiddelde Nederlander. Maar het zijn wel mensen die van zich laten horen en het zou goed zijn als beleidsmakers dat geluid niet negeren."

Dat wil volgens Kuijs, die zelf als milieuregisseur bij de gemeente Amstelveen werkt, niet zeggen, dat beleidsmakers meteen maar de sceptici hun zin moeten geven. "Mochten die geen gelijk hebben, dan zit je toch met een probleem. Maar voor het draagvlak van maatregelen zou het wel goed zijn als alle wereldbeeldtypes zich gehoord voelen. Dat hoeft geen tegenstrijdig beleid op te leveren. Het blijkt bijvoorbeeld dat met name voor lageropgeleiden klimaatverandering een lastig uit te leggen probleem is. Daardoor nemen mensen het vaak niet serieus. Dat geldt niet voor de uitputting van fossiele brandstoffen. Veel mensen zien wel degelijk in dat dat een probleem is, dus zou je voorlichting misschien meer moeten inzetten op het nut van alternatieve brandstoffen."

Met haar onderzoek weet de 46-jarige de link te leggen tussen haar achtergrond in de ICT en haar nieuwe vak, milieukunde. "Toen ik 18 was wilde ik eigenlijk milieuhygiëne in Wageningen gaan studeren, maar destijds lagen de banen in dat vakgebied niet voor het oprapen dus koos ik voor informatica. Op mijn 37ste ben ik alsnog milieuwetenschappen gaan studeren."

Het lezen van reacties op internetsites werkte voor Kuijs niet verslavend. "Maar naar de reacties op de berichten op het internet over mijn scriptie, ben ik wel erg nieuwsgierig."

undefined

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden