Ratelslangen en meloenen

In het westen van de VS horen eigenlijk niet veel mensen te wonen. Het is er te droog. Maar ze wonen er met miljoenen en vergen daarbij het uiterste van het water dat er is. Eerste deel van een reis langs een rivier die op bezwijken staat.

Bas den Hond

Wat is er mooier dan ratelslangen schieten in de avondschemering? En wat smaakt er lekkerder, als het beest een tijd boven een vuurtje heeft gehangen? Alvaro Natividad uit Pecos, Texas, is na zijn werk snel naar de brug over de rivier gereden. Nu staat hij in de zandige bedding, zijn dochtertje Kayla trots naast hem met het geweer in haar hand.

De rivier heet ook Pecos. Maar wat heet nog rivier? Onder de brug liggen een paar plasjes, door nog niet het kleinste sijpelstroompje met elkaar verbonden. De kans is klein dat dit water ooit nog de resterende driehonderd kilometer naar de Rio Grande haalt. Schaamteloos laat de bedding zien wat het water in normale jaren verborgen hield: bierblikjes, koeienbotten, gedumpte autovelgen. Pompstations aan weerszijden van de bedding laten zien dat de boeren, verbouwers van wat een hemelse meloensoort schijnt zijn, al niet meer op deze rivier rekenen. De Pecos cantaloupes gedijen op grondwater dat van tweehonderd meter diepte wordt gehaald.

Ja, het is lang droog geweest, beaamt Natividad. Maar dat is volgens hem niet de echte reden dat de Pecos in Pecos praktisch ophoudt: ,,Stroomopwaarts, in New Mexico, ligt Carlsbad. Daar hebben ze een park dat ze graag groen willen houden. Het water dat zij uit de rivier halen, komen wij hier tekort.''

Dat vond het Amerikaanse hooggerechtshof in 1988 ook, na een rechtszaak die veertien jaar duurde en waarin Texas nakoming eiste van een waterverdrag uit 1948. New Mexico, bevestigde het hof, dronk veel te gulzig uit de Pecos.

Voor die ernstige zonde tegen de waterzeden van het Amerikaanse westen heeft de buurstaat veertien miljoen dollar schadevergoeding moeten betalen. En sindsdien houdt een federale river master in het verre Denver per jaar bij of er wel genoeg water door de Pecos naar Texas stroomt. Hij hanteert daarbij spijkerhard de in 1948 afgesproken formule, die uitgaat van de rivier zoals die er in dat jaar bij lag, en van de regen en sneeuw die het stroomgebied van de Pecos elk jaar ziet vallen.

Maar dat valt nu juist al een jaar bitter tegen: de 'moesson', met zijn dagelijkse onweersbuien boven het Sangre de Christo gebergte, de zuidelijke punt van de Rocky Mountains, liet het vorige zomer afweten. En de sneeuw van de winter stelde ook al weinig voor.

Dat laatste merken ze ook in het andere Pecos, een stadje in New Mexico aan de voet van de Sangre de Christo. Hier, 565 kilometer stroomopwaarts, is de rivier normaal gesproken veel te wild om iets anders dan kiezels en keien te laten liggen, maar ook hier is de bedding pijnlijk zichtbaar. Niet dat je hem mag gaan bekijken: het hele berggebied is wegens brandgevaar gesloten.

Dagjesmensen uit de hoofdstad Santa Fe mogen alleen nog picknicken en op forel vissen langs Monastery Lake, een klein stuwmeertje in de piepjonge Pecos. Daar wisselen ze sterke verhalen uit over de droogte: ,,Mijn grootvader zegt dat het in 1935 ook zo erg was. Wist je dat de restaurants het eten op papieren borden serveren omdat het afwaswater scheelt?''

New Mexico beleeft misschien de ergste droogte sinds een eeuw. Maar dat betekent niet dat er langs de Pecos al echt dorst wordt geleden door plant, dier en mens. Op droogte leer je wel rekenen in het Amerikaanse westen. De Pecos is van de Sangre de Christo tot voorbij de Texaanse grens in stukken gehakt en in reservoirs gestopt en die zijn nog niet leeg. Maar de bodem is wel in zicht. En daarmee ook het einde van het geduld van iedereen langs de rivier die zich tekortgedaan voelt.

Direct stroomopwaarts van het Te xaanse Pecos zijn daar bijvoorbeeld de inwoners van Carlsbad. Een wat versleten ogende plaats in het uiterste zuidoosten van New Mexico. Toeristen rijden er bij honderdduizenden doorheen op weg naar de beroemde Carlsbad Caverns, druipsteengrotten die in ieder geval in omvang hun gelijke in Amerika niet hebben. Dat Carlsbad ook monumenten van waterstaat herbergt, is minder bekend. En toch kan dat niet anders: al honderdtwintig jaar is dit al een landbouwgebied. Dankzij de Pecos.

Het monument vind je vanzelf als je naar de bron gaat zoeken van het vele water dat in kleine betonnen slootjes langs de buitenwegen stroomt, hier en daar langs opengezette sluisjes over akkers vloeiend. Via grotere sloten kom je bij de Carlsbad Flume: het toevoerkanaal dat Pecos-water uit het Avalon-stuwmeer naar de akkers brengt. In de stad kruist het omgeleide water de rivier zelf over een stoer ogend, maar wel lekkend, aquaduct.

De watervoorraad van Carlsbad zit lang niet alleen in het Avalonmeer. Tien kilometer stroomopwaarts bevindt zich het veel grotere Brantley stuwmeer. En 250 kilometer naar het noorden, bij Fort Sumner, houdt het Sumner stuwmeer Pecoswater vast. Zoveel dammen zijn nodig om de enorme waterhoeveelheden op te vangen die de Pecos als echte woestijnrivier heel soms, eens in de zoveel jaar, te verwerken krijgt. Zonder die zondvloeden zouden de boeren nooit aan hun jaarlijkse waterbehoefte komen. En zonder die dammen zouden die waterpieken nutteloos langsrazen, op weg naar Texas, de Rio Grande en de Golf van Mexico.

Stuwmeren zijn er de reden van dat je over een rijksweg door de woestijn nog wel een een plezierjacht versleept ziet worden. Je mag er ook vissen, en jet skieën. Je mag van alles op en langs zo'n meer, maar landbouw bedrijven mag er niet, omdat het water voor Carlsbad is. Zo werken de waterwetten van het westen: de gebruiker die zich het eerst aan een rivier vestigt, mag al het water nemen dat zijn gezin, zijn land en zijn beesten nodig hebben. Wie na hem komt, mag nemen zolang de nummer één geen druppel tekortkomt. En in tijden van schaarste kan nummer één 'zich op zijn rechten beroepen': dan moet de overheid, de beschermer van de waterwetten, iedereen afsluiten die na hem kwam.

New Mexico is nogal trots op die wetten, die in het hele Amerikaanse westen school hebben gemaakt. Maar in feite werden ze al bedacht toen de Pecos nog onder de Spaanse kroon viel. En hoe boeren toen met de Pecos leerden omgaan, kun je nog steeds gaan bekijken bij hun nazaten. Ze heten bijna allemaal Gil, Gallegos of Sena, spreken beter Spaans dan Engels en wonen stroomopwaarts van al die grote stuwmeren, in een rij dorpjes die samen El Valle heten, de vallei.

Het belang van het water voor die dorpen blijkt meteen al uit hun bestuur. Er is geen burgemeester, maar wel een waterfunctionaris: de mayordomo. Hij voert het beheer over de acequia, het kanaal dat voor het hele dorp water aanvoert vanaf de gemeenschappelijke stuwdam. Elk jaar, in de paasweek, moet elk lid van de acequia een dag meehelpen met het schoonmaken ervan. Wie verhinderd is, betaalt een scholier om het te doen want voor klaplopers blijft het sluisje het hele jaar dicht.

Ook in tijden van droogte worden vaste regels van een paar eeuwen oud van stal gehaald, vertelt Gil Gallegos, veehouder in Villanueva. ,,Eerst moet je de groentetuinen bevloeien, dan als er nog water is de akkers, dan je veevoer en als laatste pas je weilanden. Voor veeboeren is het daarom op dit moment al erg moeilijk; we verkopen onze koeien omdat ze geen gras vinden en we ze ook niet kunnen bijvoeren.''

De Spaanstalige gemeenschappen hebben de oudste rechten langs de Pecos. Die van Villanueva dateren officieel van 1844 (de acequia van de zuidelijke oever) en 1860 (het noordelijke kanaal) hoewel er volgens Gallegos nog wel ouder landgebruik kan worden aangetoond. ,,In de officiële data zitten veel fouten. Maar het maakt niet uit, omdat Carlsbad toch pas in 1880 met zijn stuwdammen begon.''

In El Valle is dus geen water te halen voor wie elders langs de Pecos tekort- komt. Maar iemand zal moeten wijken, want Texas heeft nu eenmaal, zo heeft het hooggerechtshof in 1988 beslist, structureel recht op meer water dan het tot nu toe kreeg. Het is vanwege die verloren rechtszaak dat New Mexico zo nu en dan water uit een voor Carlsbad bestemd stuwmeer de rivier in laat lopen: om de leveringsplicht aan Texas te voldoen. En het was omdat ze dat aan zagen komen dat de boeren van Carlsbad al in 1976 iets buitengewoons deden, dat de rechtbanken van New Mexico tot op de dag van vandaag bezig houdt: ze deden collectief een beroep op hun rechten omdat de Pecos tekortschoot. De aangewezen vijand: de grondwaterpompers van Roswell.

In het westen van de VS horen eigenlijk niet veel mensen te wonen. Het is er te droog. Maar ze wonen er met miljoenen en vergen daarbij het uiterste van het water dat er is. Eerste deel van een reis langs een rivier die op bezwijken staat.

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden