Rat: echt wild

Sinds afgelopen dinsdag knallen er weer geweren in de Nederlandse bossen: het jachtseizoen is open. Notarissen, captains of industry en een enkele verdwaalde boer nemen een handwerk op dat even oud is als de mens.

Jeroen Thijssen

Vroeger ving de wildeman zijn eten zelf. Neanderthaler of Cro magnon, zijn boutje kwam uit het vrije veld. En ook na de onderwerping van rund, kip en varken bleef er wild: wild! Hert, ree, fazant, haas. De dis voor koningen en stropers, onbereikbaar voor het gewone volk.

Zo simpel is het niet meer. Hertenbout ligt voor redelijke prijzen in de winkels, haas is, zeker diepgevroren, geen gerecht voor de rijken meer. Alleen: dat wild is niet altijd wild. Hertenbout komt al sinds 1990 grotendeels uit fokkerijen. Voor fazanten geldt hetzelfde. En nu, gaan de geruchten, is zelfs de haas het haasje: in Argentinië zijn grote pampadelen afgezet met prikkeldraad, waarin de diertjes veilig fokken, onder voortdurende bijvoeding, en afgeschoten worden voor Europese tafels.

Tijd om een prangende vraag te stellen: hoe wild is ons wild?

Dat hangt een beetje van je definitie af. Die van de Nederlandse Bond van Poeliers en Wildhandelaren is nogal ruim. Of beperkt, het is maar hoe je ertegenaan kijkt. ,,Als het in een terrein voorkomt dat groter is dan vijfduizend vierkante meter'', zegt algemeen secretaris Jan Willem de Jong, ,,dan is het wild.''

Vijfduizend vierkante meter? Voetballers lopen iedere zondag in het wild rond, als je het zo bekijkt. Met een grote achtertuin vol hert, en wat extra voer, is de slimme Hollander al snel spekkoper; dan gaan er toch gauw vijftig herten op zo'n lapje grond.

,,Aha'', zegt De Jong. ,,Bijvoeren mag niet. Dat beïnvloedt de smaak.''

Dus die gefokte haas uit Argentinië, vol bijvoeding, is officieel geen wild? Even klinkt er aarzeling in de secretarisstem.

,,Voor zover ik weet'', zegt hij dan, ,,kun je haas niet fokken. De diertjes doen het niet.''

Dat is weer een geruststelling. En daarnaast, haast De Jong te verklaren, is er zoveel aanbod van wilde haas uit het buitenland, dat fok niet rendabel is.

Goed, haas dan misschien niet. Maar hert? En wild zwijn?

Als het op maar vijfduizend vierkante meter heeft gestaan is het goed.

Gelukkig is er ook goed nieuws uit het wildleven. Sinds vorige eeuw heeft een nieuwe soort ons land bereikt. Kenners roemen de smaak, die tussen haas en konijn in zit. Gegarandeerd wild, gevangen door professionals die niet met hun definities rommelen. ,,Waterkonijn'', zegt een vriend, die het heeft geprobeerd, met een geheimzinnig gezicht.

Waterkonijn? Familie van de Dakhaas zeker. En jawel, het waterkonijn staat bij natuurliefhebbers bekend als de muskusrat.

Rat eten?

Zo reageren de meeste mensen, vertelt Wouter van de Bas, poelier te Rotterdam. Hij had het waterkonijn een poosje in zijn assortiment, maar het liep niet. Overigens, zegt hij nog, de muskusrat is geen rat. Het is een woelmuis.

Woelmuis eten? Hoever gaat eigenlijk de plicht van de culinair correspondent?

Gelukkig werkt het verblindend licht van de publiciteit ook nu in het voordeel van de koene nieuwsjager. De rattenvanger wordt buitengewoon zenuwachtig nu het in de krant moet. Daarover moet hij spreken met zijn directe baas, en daarna kan hij eventueel enige diertjes aanleveren voor culinaire doeleinden.

Dat overleg duurt nu twee weken. Dat het nog maar lang mag duren.

Wordt vervolgd

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden